bazbo – de wereld van Bas Langereis, het middelpunt der aarde

Bas Langereis leest u voor!

10-09-2007

Emerson Lake & Palmer – ‘From The Beginning’ – 5cd + 1dvd box set

Filed under: MuziekTIPS - Recommended music — bazbo @ 20:52

Een prachtbox! - Lovely box set!De box gaat open - Opening the boxVijf cd’s en één dvd, en een book - Five cd’s and a dvd, and a bookHet boek - The booklet

Potjandosie, en zo zit ik hier ineens met een enorm mooie cd/dvd-box in mijn poten.
Een box van de band die zorgde voor een keerpunt in mijn muzikale jeugd. Het verhaal over Peter Gunn heb ik al eens elders gepubliceerd en wel hier.
Zevenendertig jaar nadat de band werd opgericht en negen jaar na het laatste teken van leven verschijnt dan From The Beginning. Vijf cd’s en een dvd. De échte verzamelaar had natuurlijk al het reguliere materiaal al, maar deze box zit zó vol met waardevolle extra’s, dat die verstokte ELP-fan er toch weer aan moet geloven. Zoals ik.
In tegenstelling tot de eerdere box The Return Of The Manticore uit 1995 is deze verzameling chronologisch samengesteld. We beginnen bij het begin in 1969 en eindigen bij de laatste concerten van 1998.
De eerste schijf gaat helemaal in op het ontstaan van de band en de eerste stappen in de studio en op het podium. We horen allereerst een stuk van King Crimson, Atomic Rooster en The Nice. Nummers waarin achtereenvolgens Greg Lake, Carl Palmer en Keith Emerson hun wortels goed laten horen: de lyrische zang in Epitaph, het creatieve drumwerk in Death And Decline en de maniakale orgelklanken in Fantasia: Intermezzo Karelia Suite. Daarna een paar nummers van de debuutplaat Emerson Lake & Palmer. De cd eindigt met drie stukken van het concert in Londen, opgenomen op 9 december 1970.
De tweede disc begint met Tarkus, toch een ijkpunt in het ELP-repertoire. Verderop horen we een onuitgegeven lied uit de Tarkus-sessies: Oh My Father. Het is zo op het eerste gehoor een wat weinigzeggend gitaarnummertje. Opvallend is dat de hele LP Pictures At An Exhibition wordt overgeslagen. Wél veel aandacht is er voor Trilogy uit 1972. Van Brain Salad Surgery horen we eerste versies van Jerusalem en Still … You Turn Me On.
Disc drie opent met het gigantische Karn Evil 9, en gaat dan verder met het Works-verhaal. Wat solomateriaal – zo staat Emerson’s Piano Concerto No. 1 er in zijn geheel op –  en een live versie van Pirates uit de 1978 tour. Zónder orkest, want dat was wegens financiële problemen al naar huis gestuurd.
De vierde schijf gaat in op de latere periode. Van Love Beach uit 1978 horen we alleen Canario en van In Concert (later uitgebreid en omgedoopt tot Works Live) het eerder genoemde Peter Gunn. In 1979 gingen Emerson ,Lake en Palmer ieder hun eigen weg. In 1986 kwamen Emerson en Lake even bij elkaar om samen met Cozy Powell een album op te nemen. We horen hier Mars – The Bringer Of War. Twee jaar later formeerden Emerson en Palmer met Robert Berry de band ‘3’ en van dat album vinden we hier Desde La Vida. In 1993 volgde dan de échte reünie Black Moon. Van dit album een tweetal stukken en iets van de liveplaat At The Royal Albert Hall. Het laatste studio-album stamt uit 1995. In The Hot Seat was een draak van een plaat, zoals de twee stukken laten horen. De vierde schijf sluit af met Hang On To A Dream van de 1995 Manticore-sessies, en Touch And Go van het in 1998 verschenen album Live In Poland.
Het vijfde plaatje is de parel in de hele box. Hierop vinden we het complete concert dat de band gaf in Mar y Sol in Puerto Rico op 3 januari 1972. Take A Pebble verscheen in dat jaar op een verzamelplaat van het Atlantic label. Sindsdien wachtten de liefhebbers tot het concert in zijn geheel uitgegeven zou worden. Bij deze dan. Het geluid is prachtig geremastered; de synths in Tarkus knallen echt door de kamer. De opnames geven een goed beeld van hoe een concert in die tijd geweest moet zijn.
De zesde schijf is de dvd The Manticore Special, een documentaire over de waanzinnige tournee uit 1973, toen de band de wereld rondtrok om hun meesterwerk Brain Salad Surgery te promoten. Ik had al een eerdere dvd-versie van deze film en ik kan nog niet veel kwaliteitsverschil opmerken.

Is deze box essentieel? Ik ben geneigd om de vraag positief te beantwoorden. De eerdere box The Return Of The Manticore ging maar tot 1993, maar heeft weer andere extra’s in onuitgegeven werk en een zestal opnieuw opgenomen stukken dat wel erg spettert. Daar staat tegenover dat die box verder niet chronologisch is en dus een rommeltje. From The Beginning begint wél bij het begin en zo kun je de ontwikkeling van de band in al zijn details goed volgen. Het bijvoegen van het complete Mar y Sol-concert, waarvan de fans al jaren hoopten dat het ooit eens in zijn totaliteit uitgebracht zou worden, maakt de aanschaf helemaal de moeite waard. Voeg daarbij de prachtige vormgeving en het uitgebreide boek dat louter gevuld is met commentaar van de drie muzikanten zelf. Zestig pleuro. Geen geld.

Holy moly, and so I’m here sitting with a wonderful cd/dvd-box in my filthy hands. A box full of music by the band that meant a turning point in my musical youth. I’ve published my story on Peter Gunn somewhere else. Sadly it’s only in Dutch, but for those of you who’d like to give it a try, it’s here. From The Beginning appears thirty seven years after the band got together and nine years after the last signs of life. Five cd’s and a dvd. The real collector obviously already has all the regular albums, but this box set is só full of precious extras that even the most fanatic collector has to fall for it. Just like me.
In contradiction to the earlier box set The Return Of The Manticore from 1995, this collection is chronological. We start in 1969 and finish at the last concerts in 1998.
The first disc entirely focusses on the birth of the band and their first steps in the studio and on stage. First we hear a song by King Crimson, Atomic Rooster and The Nice. Pieces in which respectively Greg Lake, Carl Palmer en Keith Emerson play us their roots. The lyrical vocal in Epitaph, the creative drumming in Death And Decline and maniac organsounds in Fantasia: Intermezzo from Karelia Suite. Then there’s some major pieces from the debut album Emerson Lake & Palmer. The disc ends with three tunes from a concert in Londen, recorded on December 9, 1970.
The second disc opens with Tarkus, undoubtly a signature piece in the ELP-repertoire. Further on we hear a previously unreleased song from the Tarkus-sessions: Oh My Father. On first hearing it’s a simple guitar song. Sadly the whole album Pictures At An Exhibition is neglected in this box. On the other hand, there’s lots of attention for Trilogy from 1972. Brain Salad Surgery is represented by the early versions of Jerusalem and Still … You Turn Me On.
Disc three opens with the the majestic Karn Evil 9, and continues with the story of the Works albums. Some solo material –  Emerson’s Piano Concerto No. 1 is presented in its entirety – and a live version of Pirates recorded during the 1978 tour. Without the orchestra that is, for that was already sent home because of financial problems.
The forth disc describes the later era of the band. From Love Beach from 1978 we only hear Canario‘ and from In Concert (later expanded and rebaptised to Works Live) the aforementioned Peter Gunn. In 1979 Emerson ,Lake and Palmer each followed their own path for some years. In 1986 Emerson and Lake regrouped to record an album with Cozy Powell. It is represented here by Mars –  The Bringer Of War. Two years later Emerson and Palmer formed a band called ‘3’ withRobert Berry, and from that album comes Desde La Vida. The real reunion happened in 1993 with the album Black Moon. Two songs from that album and one tune from Live At The Royal Albert Hall. The last studio-album was recorded in 1995. In The Hot Seat was not a very good album, as the two songs let us hear. The forth disc closes with Hang On To A Dream from the 1995 Manticore-sessions, and Touch And Go, taken from the 1998 release Live In Poland.
The fifthe disc is the pearl in the entire box set. Here we find the complete concert that the band played in Mar y Sol in Puerto Rico on January 3, 1972. Take A Pebble appeared that year on a sampler LP on the Atlantic label. From that moment on, the fans have waited patiently untill the moment this show would be released completely. Here it is. The sound is beautifully remastered; the synths blow into the room from out of the speakers. These recordings give us a good impression of an ELP show in that period.
The sixth disc is the dvd The Manticore Special, a documentary on the crazy world tour in 1973, when the band travelled the world to promote their masterpiece Brain Salad Surgery. I had already an earlier dvd-version of this film and I cannot notice any change in image and/or sound quality yet.

Is this box set essential? I’ve been considering this and my conclusion is positive. The previous box set The Return Of The Manticore had material until 1993, but contains different extras and unreleased recordings, and six brand new rerecorded songs that sound very good. On the other hand, that compilation doesn’t have a chronological running order, which makes it kind of messy.
From The Beginning does start at the beginning of the band, and thus one can follow the details of their developments of the band’s career. The addition of the complete Mar y Sol-concert, a show the fans hoped to be released in its entirety for years and years, makes this box set worthwhile to have. Besides that, the art work is stunning and the extensive booklet filled with comments by the three musicians themselves. Sixty euros. A Cheopo.

• • •
 

“Met deze foto kan Alice Cooper wel inpakken!”

Filed under: Publicaties voor FOK! - Tim's corner — bazbo @ 14:44

Tim in Frankrijk!

• • •
 

07-09-2007

Bloedrood

Filed under: Publicaties voor FOK! - overig — bazbo @ 01:00

Met dank aan de hormonen…

Als vrouw zijnde heb ik soms van die dagen. Moet ik er meer over vertellen? Laat ik het er maar op houden dat mijn haar voor geen meter zit en dat mijn gemoedstoestand niet zo gelijkmatig is als anders. Hormonen: ze zouden ze moeten afschaffen.
Het vervelendste is als mannen erover beginnen. Laatst ontmoette ik er een die zei dat hijzelf het grootste slachtoffer was van de menstruatie van zijn vrouw: “Want ik moet de hele dag naar dat uitgezakte kapsel kijken!” Of nog erger: “Ik heb drie hele dagen last van dat chagrijnige smoel.” Soms tref je d’r ook wel eens eentje die een betere poging waagt. Ik krijg echte moordneigingen van mannen die laatdunkend doen over menstrueren. Sommige kerels bedoelen het goed, al snappen ze er geen bal van. Ze denken te weten wat het voor ergernis is. Maar uiteindelijk gaan ze toch allemaal onderuit. Neem nou de volgende situatie.

Ik kwam de supermarkt binnen en liep door naar de medewerkersruimte. Daar hing ik mijn jas op en trok ik de uniformjas aan.
“Goedemiddag,” hoorde ik achter mij. Ik draaide me om. Het was die jonge vakkenvuller van de non-food afdeling. Een lekkere knul. Ik had wel eens met hem staan zoenen in het emballagehok.
“Hee, hoi.”
“Je ziet er mooi uit,” zei hij.
“Mijn haar zit vandaag nergens naar.”
“Ach, ik hou wel van een beetje wild.” Hij snoof en gaf me een vettige knipoog.
“En ik van wilde kerels.”
“Zie ik je in de eerste rookpauze even in het magazijn?” fluisterde hij.
Ondanks mijn toestand vond ik het wel spannend, en ik zei: “Is goed. Jij mag er ook altijd best zijn.”

Die middag achter de kassa was het saai. Vrijdag overdag is het bij ons nooit druk. Pas later, tijdens de koopavond, dan komen de klanten. Hordes gezinnen die de weekendboodschappen komen halen. Van die saaie vrouwen, doodgeslagen door hun kinderen. Ze nemen massaal hun kerel mee om het weekend al ruziënd te kunnen beginnen. Die ellende zat er aan te komen. Ik voelde het aan mijn water. Nu had ik niet zoveel te doen. Ik was dan ook blij dat het rookpauze was. Snel ging ik naar het magazijn. Ik wachtte bij de voorraad dranken. Snel bracht ik nog even mijn haren wat in fatsoen, voor zover dat ging.

“Hee, ben je daar al?” zei een stem. Ik keek opzij en zag hem. Hij keek me glimlachend aan.
“Had je iemand verwacht, dan?” vroeg ik. “Had je ook nog met iemand anders afgesproken? Toch niet die tuthola van de kaas, hè?”
“Nee, die nooit meer. Ik heb d’r wel eens geprobeerd te benaderen, maar toen ik een hand op haar knie legde, werd ze al allergisch. Bleek ze ongesteld te zijn.”
“O? Is dat een bezwaar dan?”
“Nee joh,” lachte hij. “Dat is toch de normaalste zaak van de wereld? Vrouwen zijn nou eenmaal regelmatig ongesteld. Dat hoort er gewoon bij. Dus ik zei tegen die tuthola dat ik dat helemaal niet erg vond, dat ze ongesteld was. Begon ze over seks voor het huwelijk en zo.”
“Dat is bij mij geen probleem,” vertelde ik.
“Nee? Vertel daar eens wat meer over.”
“Seks, daar moet je niet over praten. Dat moet je gewoon doen,” was mijn mening. “Niks mis met een stomend hete pot seks. Zo vaak mogelijk.”
“Je hebt gelijk,” zei hij. Hij kwam dichterbij en sloeg zijn armen om mij heen. Ik boog naar voren en zoende hem vol op zijn mond. “En je zoent lekker,” hijgde hij. Zijn tong drong tussen mijn lippen door mijn mond in. Hij wurmde zijn been tussen de mijne. Het was een heerlijk gevoel om zijn gespannen spier tegen mijn warme orgaan te voelen. Zijn opgezwollen orgaan duwde zacht maar dwingend in mijn onderbuik.
“Eh, wacht even,” zei ik.
“Hoezo? Net zeg je dat je zovaak mogelijk … heb je nu dan geen zin in een stomend hete pot seks?”
“Sorry, ik heb mijn dag niet.”
“O, is dat het? Je bent ongesteld. Oftewel: lek. Ik dacht al: wat ruik ik toch?”

Kijk, dan haak ik af. Ineens zag ik hem in een van die mannen die met hun vrouw boodschappen ging doen op vrijdag. Alleen maar om zijn vadzige mokkel tevreden te houden, zodat hij seks kon hebben. Automatisch ging mijn knie omhoog. Ik trof hem vol. Het was een heerlijk gevoel om mijn knie tegen zijn weke delen te voelen. Hij klapte dubbel en belandde met zijn kop in mijn decolleté. Met twee vuisten ramde ik hem van boven op zijn schedel.
Hij zakte door de knieën en viel languit voorover op de grond. Ik keek letterlijk en figuurlijk op hem neer. Kreunend lag hij daar. Naast ons stond een stapel kratten goedkope wijn. Toen ik hem zijn hoofd zag optillen besloot ik wat ik moest doen. Hij was de loser bij de kassa, de klootzak die vanavond aan de kassa stond en probeerde met me te flirten terwijl hun domme, saaie vrouwen bezig waren de boodschappen in te pakken en de kinderen in het gareel te houden.

Ik pakte een fles en sloeg die op zijn hoofd kapot. Het geluid was mooier dan dat van zijn plettende ballen op mijn knie. Het was een kinderkoor op speed. Het glas kletterde alle kanten op. Bloed gutste uit een wond en vermengde zich met de inhoud van de fles. Het was rode wijn. Bloedrood. En goede wijn smaakt naar meer. Ik pakte het bovenste krat van de stapel en hief het hoog boven mijn hoofd. Eén moment zag ik hem lijden. Zijn ogen draaiden mijn kant uit en in zijn blik zag ik dat hij wist wat er ging gebeuren. Toen kraakte alles: de flessen, zijn schedel en mijn wraakzucht.

Besmeurd met rode wijn ging ik terug naar de winkel. De twee veertienjarige vakkenvullers keken me raar aan. Angst stond in hun ogen toen ik lief naar ze glimlachte. Het was dezelfde glimlach die ik achter de kassa had als er weer zo’n veertiger stond te geilen tijdens het pinnen.
Vandaag had ik ze allemaal te pakken. Soms sta ik versteld van mijn eigen kracht. Met dank aan de hormonen.

Hier lees je ‘m op FOK!.

• • •
 

05-09-2007

Zomerse lol en andere perikelen

Filed under: Publicaties voor FOK! - Tim's corner — bazbo @ 21:16

Hij had vierentwintig frikandellen in zijn mond gepropt en moest daar nog bij glimlachen ook. Zijn knuisten zaten onder de mayonaise en ketchup, die middels zijn eigen zweet langzaam naar beneden dropen over zijn broek en benen, en uiteindelijk op zijn sandalen terechtkwam en gedwee tussen de tenen ging zitten. Dit barbaarse tafereel duurde in totaal drie volle minuten. En hij was niet de enige! Maar liefst vijftig mensen hadden frikandellen in hun niet geciviliseerde smoel gestopt. Ze zaten aan een lange tafel met elk een emmer naast zich voor als er gebrokkeld diende te worden. Een blaasorkest blies moed in. Ik was getuige van een revolutionaire stop in de evolutie. Hier zag ik langzaam het einde van de beschaving in zicht komen! In een boekje dat ik daarvoor in mijn handen gedrukt kreeg van een loslopende man met het syndroom van Down stond precies beschreven wat hier uitgevoerd werd. Men verbrak het wereldrecord ‘Frikandellen eten’. Deze wedstrijd werd gehouden op een braderie waar ik per ongeluk verzeild was geraakt.
Ik had even niet opgelet bij mijn dagelijkse wandeling en was de verkeerde weg ingeslagen, vandaar.

Ik wilde de man vragen waarom de vierentwintig frikandellen in zijn muil voor zoveel plezier leken te zorgen, maar er was geen enkele communicatie meer mogelijk. In plaats van een antwoord kreeg ik stukken afvalvlees in mijn gezicht gespuugd. Ik haalde de bak heet frituurvet uit de kar vol snacks en gooide hem over zijn rood geworden kop heen.

Een dag later stuitte ik alweer op een recordverbetering. Dit maal in Roggel alwaar het wereldrecord “Twister” gevestigd werd. Bij “Twister” is het dan de bedoeling om met zoveel mogelijk mensen in de knoop te zitten. Lichamelijk gezien, natuurlijk; geestelijk valt er weinig meer te redden bij de deelnemers, zo vrees ik. Op kinderfeestjes in de zomer dolle pret, waarbij een malle oom of buurman met een veel te strak getrokken zwembroek het hardste moest lachen wanneer het heel zooitje in elkaar stortte. Ik wilde het toch wel eens zien daar in Roggel, gewoon omdat ik veel interesse heb in de antropologie van de spelletjesmens en het treurige leven in het bijzonder. Een omroeper met een bak stro op zijn hoofd dat voor kapsel door moest gaan sprak luid en duidelijk: “Zet uw linkerbal op rood en uw rechterbal op groen, mocht u geen linker- danwel rechterbal hebben, gebruik dan gerust uw eierstokken. Vrouwen en kinderen eerst!” Er werd geklapt, gejoeld, geschreeuwd, kortom men had plezier. Aan de bar bestelde ik me een dikke trappist en vroeg me af waarom ik in godsnaam zo treurig werd van zoveel geluk om me heen. Ik werd die middag stom- en stomdronken en eenmaal thuis gekomen probeerde ik zo lang mogelijk mijn adem in te houden.

• • •
 

Pecuniam non olet

Filed under: Publicaties voor FOK! - Tim's corner — bazbo @ 19:27

Als ik iets onaantrekkelijk vind, dan zijn het wel vrouwen in politie-uniform. Mensen in uniform hebben überhaupt niet zo mijn voorkeur. Niet dat ik zo antiautoritair zou zijn, integendeel. Ik ben van mening dat elke crimineel een nekschot moet krijgen. Met een elastiekje welteverstaan. Doch een vrouwmens in politieoutfit is zowat de grootste gruwel die een man kan overkomen.

Zo gleed na het ontwaken jongstleden, mijn one night stand uit bed met enkel een slip aan. Ik bad tot God om Hem te bedanken voor dit wonder, niet wetende waar ik deze schoonheid nu weer vandaan had gehaald. Immers, onder de zware nevel van Belgisch gerstenat was ik hier terecht gekomen. Ik ging rechtop in bed zitten en bekeek de kamer eens goed. Fantasieloos en redelijk naar Ikea normen ingericht. Kleren netjes op een stoel gelegd, dus er was niks afgescheurd die nacht. Was er eigenlijk wel geneukt?

“Goedemorgen”, zei het onbekende meisje. “Ja fijn, dag en hallo”, repliceerde ik zo koel mogelijk met suizend hoofd. “Zeg, kom eens terug in bed. Ik wil even weten wie je bent”, murmelde ik. Ze lachte schel en stak haar tong uit. “Ik moet naar het werk, kroegtijger!” Uit haar klerenkast graaide ze het meest afzichtelijke uniform dat ik ooit had gezien. Even dacht ik nog dat we een smerig spelletje gingen spelen. Met handboeien en knuppels en zo. Maar ze bleek het godverdomme te menen! Het politieoverhemd hoog omhoog gerold, de walgelijke nepbroche rechtstreeks uit de kermisautomaat, de blauwe broek tot aan de oren dichtgeknoopt en de mannelijke, zwarte schoenen die ik onlangs nog bij Zeeman in de uitverkoop zag liggen. Ik moest plots vreselijk kakken. Zo nodig, dat het zelfs voor het zoeken naar een toilet te laat was. Dan maar in een hoekje op de overloop. Het onbekende meisje werd, zoals verwacht, woest en sloeg me met de dienstknuppel haar huis uit, echter niet voordat ik me had aangekleed. Ik smeet haar wat muntjes na voor de schade en ging opgewekt naar huis.

‘ s Avonds, tijdens het zinloze zappen, viel mijn oog op een aardige politieagente met een kort rokje aan. “Kijk, zo kan het dus ook”, sprak ik tot mezelf. Ze likte ietwat erotisch aan een knuppel en speelde wulps met een stel handboeien. Beneden in beeld verscheen een telefoonnummer. Ik besloot te bellen, want ik wilde wel eens weten wat hier precies de bedoeling van was. “Dit nummer kost 95 cent per minuut”, sprak eerst een man aan de telefoon, wiens stem ik meende te herkennen van de Staatsloterijshow. Godskolere, wat was dit weer een duur grapje. Burgerjournalistiek wordt op deze manier niet bepaald gestimuleerd! Een kreunende dame nam op en vroeg iets wat ik slecht kon verstaan. En terwijl ik alweer een flinke ontlasting voelde opkomen sprak ik tot haar: “Pecuniam non olet.” Het bleef nog lang stil aan de andere kant van de lijn…

Tim Op het Broek

• • •
 

03-09-2007

bazbo’s NIEUWE aanwinst – bazbo’s LATEST rubber chicken

Filed under: De rubber kip - The rubber chicken — bazbo @ 15:06

Een cadeautje van AarJan en familie, gekregen tijdens hun heerlijke barbecue in Gouda op 2 september 2007.

A present from AarJan and his family. They gave it to me during their delicious bbq in Gouda on September 2, 2007.

De nieuwste - The latestDe achterkant: let op de string en de tatoo! - It’s back: watch the string and tatoo!

• • •
 

29-08-2007

Automechanisch

Filed under: Publicaties voor FOK! - overig — bazbo @ 01:00

Het is vroeg. Ik eet mijn bakje All-Bran met yoghurt terwijl ik probeer niet te morsen op mijn ongemakkelijk zittende rok. Het schemert. Ik hou er totaal niet van zo vroeg op te staan. En zeker niet om met een kop te hete thee op de bank te zitten terwijl ik op de klok kijk om te zien of het al tijd is om te gaan. Misschien is dat wel de gekste tic die ik heb.
Ik besluit dat ik om kwart voor zeven moet gaan rijden. Dat geeft me de tijd om rustig aan te doen, maar ik ben altijd te vroeg. Ook vandaag ben ik te vroeg. Ik haastte me onder de douche en had gisteren mijn kleding al klaar gelegd. Dat doe ik anders nooit. En nu zit ik op de bank te wachten tot het kwart voor zeven is. Tergend langzaam tikt de klok verder.
Precies om één minuut voor het uur U sta ik op om te gaan. Ik zet mijn ontbijtbordje op het aanrecht. Dan stap ik de deur uit om naar mijn auto te lopen. Het weer is goed, de dag breekt definitief door en om exact kwart voor zeven steek ik de sleutel in het slot van mijn auto. Na een ferme draai hoor ik niks dan gepruttel. Waar er normaal een “broem-broem” moet komen, hoor ik weinig meer dan “schlurrp-schuk”! En verder niks. Dat doet-ie anders nooit. Ik baal. Als ik dit had geweten, had ik nog in mijn bed gelegen. Een kapotte auto is een prima excuus om niet om half negen aan de andere kant van het land te moeten zijn voor een gesprek waar ik helemaal geen zin in heb.

Ik stap uit de auto en probeer de motorkap omhoog te doen. Dan bedenk ik me dat er binnen een knop zit om het ding te ontgrendelen. “Pop”, zegt de kap als ik de knop omhoog duw. Ik loop weer naar de voorkant van de auto en trek aan de kap. Er klikt iets, maar verder zit het ding muurvast. Ik frommel en beweeg hem, maar krijg hem niet open. Dan besluit ik dat de auto stuk is. In het handschoenenkastje ligt een boekje met een nummer van een garage dat ik moet bellen als de auto stuk is. Ik krijg een man aan de lijn die iets onverstaanbaars mompelt in een Brabants accent dat ik niet ken.

“Eh, goeiemorgen, ik heb een auto, en die is stuk.”
“We mankeert er aan?” zegt de man.
In zo duidelijk mogelijk Nederlands probeer ik hem te vertellen wat er mis is. “Eh, ja, dat is nou juist het probleem. Ik weet niet eens hoe ik de motorkap open kan krijgen.”
“Oh, dan moet je even binnen onder het dashboard aan da palleke draaien, dan gaat-ie wel open.” Ik hoor het meesmuilende lachje op zijn gezicht. In elk geval probeert hij zich verstaanbaar te maken, dat dan weer wel. Zijn aanwijzing blijkt te kloppen en ik krijg ineens vertrouwen in de situatie. Hoewel, zijn technische kennis gaat de mijne ver te boven. Wat meteen de reden is dat hij bij een garage werkt en ik iets doe met organisatie-advies en echte mensen.
“En nu?” vraag ik hem als de kap open staat.
“Ziet u die breedgefreeste dubbelpasknikbuis?”
“Eh, even kijken.”
“Hij moet naast de voorkantsbalkmoer zitten.”
“Ik geloof dat ik iets zie.”
“Fijn. Dan moet u die dubbelpasknikbuis egaal zien te krijgen met het peurventiel van de kanaalborstelkling.”
“Hoe doe ik dat? Gewoon draaien?”
“Ja, maar wel voorzichtig. Kijk uit dat u niet in de problemen komt met die plakstang. Die zit namelijk dubbel geswitched, waardoor de frontaalpin geklemd komt tussen de prakdeelversluiting.”
“O. Maar als ik dit buisje draai, loopt dan niet de hele boel in de soep?”
“Nee, dat moet niet uitmaken. Heeft u de momuraal ten opzichte van de achterkop voldoende fasaal gediposteerd?”
“Volgens mij wel. Maar dat moet ik even nakijken. Waar kan ik die precies vinden?”
“Schuin onder de kantelbeveiliging van de voorstelgarnering. Als u die momuraal ietwat taps verderstanst, moet u goed uitkomen wat betreft de subconificaaltransfittingen. Ziet u waar die zich bevinden?”
“O. Bedoelt u dat blauwe ding?”
“Nee, dat is de doorwerkschraag. U moet meer naar links kijken, tussen de twee meukbetrechters in, daar zit-ie.”
“Meukbetrechters? Die vieze bruine doppen?”
“Ik vrees dat we er zo niet uitkomen. Het ziet er naar uit dat ik even ter plaatse moet zijn om het zelf op te lossen. Waar staat u precies?”
“Kent u het Fontanellenplantsoen? Ik bevind mij in de meest oostelijke uitsparing daarvan.”
“Fijn. Dan ben ik denk ik met een minuut of tien bij u.”

De monteur ziet er uit als een monteur. Zijn auto met beplakking van het bedrijf stopt naast de mijne. Een man in werkbroek stapt uit en groet me. Ik heb in de tijd dat ik op hem moest wachten mijn afspraak afgezegd. Hij werpt van onder naar boven een verlekkerde blik over mij. De geilaard.
“Zozo.” De monteur laat zijn onderzoekende blik over de homp staal gaan die mijn auto zou moeten voortdrijven.
“Ja, precies hetzelfde zei ik daarstraks ook.” Mijn grapje werkt niet echt goed.
“Je carborateurslag is in elk geval wel goed.” Hij veegt met een doek over een glimmend onderdeel en gaat verder.
“Gelukkig.”
“Maar je waterschrobhijstap is verroest.”
“O. Is dat erg?”
“Op termijn wel. Maar het is nog niet zover dat de accufilterstopper het heeft begeven.”
“Die groene weerschijn op dat ding daar, kan dat kwaad?”
“Dat is de monstransrand. Als je die niet op tijd doorkwast, kan het op den duur grambierrot veroorzaken. Maar dat lijkt me hier niet het geval.”
“U heeft er nogal kijk op.”
“Mevrouw, als je zoals ik al jaren in dit vak zit, leer je de kneepjes wel kennen. Maar wat zie ik hier? Het vorkvervomiteerfoudraal zit helemaal scheef in de pulkversmalling gedreind!”
“Nu u het zegt, ruik ik het ook!”
“Dat zal het euvel zijn. Met een simpele begrenstijdversmeuring kom ik een heel eind.”
“Fijn. Ik ben blij dat u in de gelegenheid bent om het voor elkaar te krijgen.”
“Maar goed dat ik altijd mijn voorbindpipet bij me heb.”

De monteur stapt in zijn auto en rijdt met piepende banden weg. Hij heeft nog geen tien minuten onder de motorkap gekeken. Het schrijven van de factuur, vol met onbegrijpelijke termen, duurde langer. En daarbij heeft hij meer tijd naar mij gekeken dan naar de auto. Ik besluit richting mijn werk net te doen alsof ik ergens in de middle of nowhere stilgevallen ben.
“De reparateur is net geweest,” vertel ik naar waarheid. “Helaas heb ik geen tijd meer om naar mijn afspraak te gaan. ’t Is nog drie uur terug rijden. Spreek je morgen.”
Mijn baas wenst me succes met de reis terug. Ook dat doet-ie anders nooit.

Hier lees je ‘m op FOK!.

• • •
 

14-08-2007

Zappanale diary 2007

Filed under: Zappanale 2007 — bazbo @ 22:06

(For the reading pleasure of the Swedish visitors of this site, this diary is in English only.
There is some pictures in here too, but if you want to see the full reportage, watch
here.)

Thursday, August 2, 2007

The Fellowship is getting larger and larger. Initially, in 2002, it consisted of three peoplez, last year we travelled with five and this year we’re a bunch of eight members. Four of them are from the southern part of Olanda, called Limburg, but that’s not their fault. They’ve survived last night’s barbecue and now we’re ready to go.
We leave our house in Apeldoorn at 07.15. After a long but comfortable journey by train we meet up with DOOT!-bassist Pete, their drummer Steve and his wife Maryann in Rostock. The inevitable Molli takes us to the camp site, where lots of Zappateers are present having a barbecue. It’s always so great to see them in real life.
It’s 16.30 now. We build up our tents and leave for the walk to Bad Doberan. The ‘Mein Kampf Theater’ hasn’t changed; even the lovely waitress is still the same, except for her having coloured her hair now. The traditional meal is spaghetti with tunafish and it’s delicious as ever. Outside it starts to rain heavily.
Most people have come to see the ‘Derailroaded’ movie about Wild Man Fisher. I have the dvd at home in my collection, so I don’t need to see it now. Later that night, Christophe Godin plays his guitar extravaganza on a small stage in the street. We’ve heard him play at Zappanale 2002 with Pierrejean Gaucher. Then they performed lovely almost-acoustic versions of Zappa material; now he gives us a heavy wall of guitarsound. Most of it is prerecorded, over which he plays his solos. Did someone say ‘Vai’? UniMuta likes it a lot and makes a recording of it. On top of that we get a performance by a group called Chen Unst and they give us their Beefheart Tribute Project. You know what? I like experimental stuff, and it’s great that some people do things like this, but I find it a hard time to listen to it. To me, most Beefheart material is already very abstract, and this tribute doesn’t give me much clues of recognition. To be specific: what a load of noise.
It’s really very special to be at this place. When I go to the bar to order some drinks for the kids, during the five minutes I have to wait, I have conversation with at least three different people. So many friends here, from the past years at Zappanale, or from the Zappateers festival in the UK last February. I even make lots of contacts in the bathroom.
It’s almost midnight when we take the walk home to the camping. Most of the rain has stopped, only some drizzling every now and then. Some FoolZ are trying to play some acoustic Zappa in the Zappateers tent, but it appears to be too dark. Oh well, bedtime then.

Billy Weasel Thijs John leaving for ZappanaleIn Molli after meeting dootArrival at festival groundsMoving to Bad DoberanLuuk ModifiedDog and Mike in the Mein Kampf TheaterCheers and bon appetit at the Mein Kampf Theaterbazbo dinner - spaghetti tunafishWarm up party - Christophe Godin

Friday, August 3, 2007

Damn, it’s Molli again that wakes me up. Well, off for a shower. Too late to catch Molli to Bad Doberan, so we have a walk. The sky is a bit grey and it’s quite windy, but at least we don’t have rain. Stadtbäckerei Molli Café still serves the best breakfast sandwiches and coffee. After that, we walk across the statue of Frank Zappa and the park, and then we take Molli back to the camp site. Zappanale may begin!
Don Preston’s Akashic Ensemble is this year’s opening act. Don starts off with synthesizer improvisation, and is soon accompanied by André Chalmondeley on guitar and guitarsynth, and his girlfriend Cheri on assorted electronics. They give us a very nice set, complete with versions of ‘Who Are The Brain Police?’ and ‘Help I’m A Rock’. My son is standing next to me and he’s really enjoying the show. Some moody improvlike piece especially moves me; it has nice flowing sitar sounds, builds up and Don’s playing a wonderful synth solo in it. Too abruptly it’s over.
Then it’s up to Monty and the Butchers from the UK to take the stage. We’ve seen and heard them at the Zappateers festival in Bradford-on-Avon earlier this year. Now they’ve learnt even more Zappa songs. It’s great to see how enthousiastic these youngsters perform those tunes. But to be honest, maybe I like their own material more. ‘Who the fuck are you, man?’ will stick to my ears for the next days.
During Christophe Godin & Mörglbl? we have a little break. It’s nice to hear heavy-sped-up guitar monsters, but it’s a bit too much in my ear. But from under the large tent it sounds fine.
In the Arf-shop I buy my copies of last year’s cd and dvd. Pete gives me the DOOT! ‘2007 Mega-Sampler’; it has my hand and rubber chicken on the cover! Wow, thankz, Pete!
Now let’s hear it for some Italians. I Virtuosi Dal Pianeto Talento play a fantastic set. Their lead singer looks a bit like Olandese gaysinger Gerard Joling, with his jacket and his make-up. Who cares? They perform with a large band that remembers me of the 1988 band. Napoleon Murphy Brock appears on stage to play a couple of tunes with them.
After some dinner –  horrible pizza’s this year! –  it’s time for some highschool Zappa. Project/Object is always great to listen to. Napoleon Murphy Brock, Don Preston and Dr. Dot are the special guests, the latter is featured in ‘Wet T-Shirt Night’. Too bad Ike Willis couldn’t make it. The official statement is that he missed his flight, but that isn’t satisfying most attendancees. Because of his absence we have to miss great versions of the Joe’s Garage material. Despite the lack of that stuff I’m very impressed by P/O. Andre is doing a terrific job, the young Eric Slick is very talented on drums and keyboard player Eric Svalgard sounds very fine.
Part of the Zappanale tradition is some spacy krautrock to close the Friday. It’s Trigon this year. Not bad, not bad. But I’m tired, and I try to find some rest in the Zappateers tent. It’s getting crowdy up there, so the only alternative is the bed.

Luuk Mike FZ ModifiedDog and bazbo in Bad DoberanFZ memorial statue in Bad DoberanMolli Mike Luuk and ModifiedDog in Bad DoberanDon Prestons Akashic EnsembleKeneallyfan Luuk ModifiedDog liking the Preston showDon Preston having fun performingIn the Zappateerstent: clockwise - Ivan Arto Hasi LudzNL PauluS BowTieDad and AGIMonty and the Butchers from UKChristophe Godin and MörglblI Virtuosi Dal Pianeta TalentoModifiedDog and Luuk enjoying the ItaliansItalian Gerard JolingNapoleon Murphy Brock special guest during I Virtuosi Dal Pianeto TalentoLuuk Modified Dog and MikeModifiedDog Mike Luuk and doot liking it a lotbazbo in the crowdProject Object featuring Napoleon Murphy Brock and Don PrestonTrigonacoustic FoolZ - Remco Wan Pedro LexMagdalena and Bald-Headed John

Saturday, August 4, 2007

Lots of Zappanale traditions. After a quick breakfast at the festival grounds, we jump onto Molli for a visit to the beach in Heiligendamm. Jelly and his son Daan are with us. We take a walk on the Heiligendamm boulevard and pier, and make the traditional pictures. It’s sunny and warm. The kids have their ice-cream and the parents their coffee and orange juice.
Back on the festival grounds, today’s opener is Chen Unst. For us, that’s a strange word for ‘lunchtime’. They perform their Beefheart tribute from their own mobile stage, and I have my ‘Ritterbrot’ stuffed with cheese and ham.
I buy the latest Muffin Men products at Uli Schäfer’s tent. On stage appears Team Zappa, a large band from Norway. No one has ever heard of them. Again, references to the 1988 band. There’s a cute looking singer in short hippie dress and a male singer with a fantastic voice. Napoleon can go home, Bobby Martin can stay home, and Ray White doesn’t need to tour with ZpZ anymore. This Norwegian guy can do ‘em all! Nice big band arrangements of all the classics, and yes, there was the third ‘Montana’ and the twelfth ‘Cosmik Debris’ this weekend. Despite that, Team Zappa are the REAL surprise of this year’s festival. They have so much fun onstage, and that energy is flowing into the audience. The band seems surprised at their own succes.
Octafish from Germany is next. This band has the difficult task to hold the audience’s attention after such a wonderful concert by Team Zappa. I like their calculated King Crimson-like music which they played four years ago. Even my family has fun hearing it. At the end the audience screams for an encore. I’m in front of the stage and shout for their interpretation of ‘Barbie Girl’. But sadly, no encores. The guitar player lifts his shoulders when he looks me in the eye. Too bad.
Ben Watson presents a quiz. He has tons of questions and the audience fill the answers on the special forms. I work together with Helen, but we both fill in a form for ourselves. The questions are similar to those we had on the Zappateers festival in UK in February. With Helen it’s good teamwork, and we’re definitely sure we’re going to win.
When Kimono Draggin’ starts playing, I understand it’s time for dinner. We watch the stage from under the big tent. “Isn’t that Steve onstage?” asks my wife. I look up from my plate of gyros with Bratkartoffeln. It’s him! I run towards the stage to make some pictures of Steve singing Beefheart’s ‘Electricity’. Steve is acting like a maniac, he sees me and shouts: “bazbo, throw me the rubber chicken!” What else can you do? It made it onto the stage again. Eventually, Pete arranges that I get my rubber friend back into my arms. Back under the tent I can enjoy the rest of the gyros.
Sex Without Nails Bros is supposed to be another highlight, but is kind of a disappointment to me. Their playing is ok-ish, but the vocals aren’t that good. It all sounds rather unrehearsed, just like they did four years ago. It takes courage to play most of the ‘Roxy’-album, and the band deserves a credit for that, but they don’t convince me. Napoleon joins them on a few tunes. Always good to see and hear him doing his dance steps and his goat-scream.
The day is closed by Space Debris, a trio that plays spacerock with loads of Hammond organ solos. Have I ever told you that I love Hammond organ solos? I’m having a good time with Billy, Sharleena and Kate in front of the stage. When the lights go out, it’s time for some sleep.

Luuk and Mike having breakfastready to get inside MolliHeiligendamm BahnhofHeiligendamm beach and the big hotelThe big hotel from the pier of HeiligendammModifiedDog Mike and Luuk transcribing the German icecream menu in HeiligendammLuuk sausage timeChen Unst - Captain Beefheart ProjectTeam Zappa from NorwayTeam Zappa with Norwegian GordonTeam Zappa - Heidi SolheimOctafish from GermanyMike and Luuk enjoying OctafishBowTieDad and HelenKimono DragginSteve Chilemni sax extravaganza during ´Electricity´Rubber chicken abuse on stageShe made it onto the stage again…Billy and KateSex Without Nails Bros from AustriaNotPedro au3 JELLY BengoFurytraditional Billy rubber chicken abuseSpace DebrisSpace Debris keyboardist Tom Kunkel playing Hammond organ solo

Billy & bazbo (picure: IdiotBastard aka Andrew Greenaway)

Sunday, August 5, 2007

Sunday starts off with Polytoxicomane Philharmonie. More spacerock, this time I have to think of Ozric Tentacles during some passages. Nice music for a starter.
Then the stage is filled with The Great Googly Moogly from Sweden. “Hit it, Anders!” Again, some 1988-sounding arrangements, but this band has chosen to play the older stuff from the late 60s and early 70s. Lots of ‘Roxy’ material. Instrumentally very impressive, but the vocals sound a bit weak. Nice percussion too. And yes, there’s another ‘Montana’ and ‘Cosmik Debris’. Even ‘Zomby Woof’ can be heard for the third time this weekend. It’s great to see a band having so much fun onstage.
What’s next? Oh no, it’s Jazzproject Hundehagen. I’m sure UniMuta will hear some irony in my remark. It’s my seventh Zappanale and the seventh time I hear this local guitar-orientated jazzrock band. There’s a guy in the audience wearing a shirt saying ‘Hateproject Hundekack’ and that sums it up. Of course they’re skilled musicians, but we heard them before, haven’t we? And by the way, when you’re near the Zappateers tent having an excellent beer with your friends, you can still hear their versions of the pieces you should never play: ‘Zoot Allures’, ‘Black Napkins’ and the absolutely forbidden ‘Watermelon In Easter Hay’. Suicide is also an option.
And suddenly there’s Harmonia Ensemble. What can we say? This is wonderful interpretations of Zappa music. Classically trained musicians on cello, piano, clarinet and percussion. The opening ‘Theme from Instrumental Music for Guitar and Low Budget Orchestra’, played just on piano and clarinet sets the tone: this is gorgeous. There’s a tear in my eye. The audience is stunned, as is the ensemble by the audience reaction. Also wonderful is the piano solo version of ‘What’s New In Baltimore’ and the almost symphonic ‘Son Of Mr. Green Genes’. The only disappointment comes from the fact that their repertoire is still the same as the material on their album ‘Harmonia meets Zappa’, that was released thirteen years ago. The final encore is ‘Theme from Lumpy Gravy’ and all German hands are clapping along.
Ben Watson on stage again. This time he announces the winners of the quiz. Helen gets the ninth position and she’s invited on stage to get her prize: some Beefheart cd. Billy is fourth and gets a ticket autographed by Mr. Zappa himself. The IdiotBastard gets second (if I remember well), but the first prize goes to new Zappateer jaromil from Italy.
Then it’s up to headliner Chad Wackerman to close this Zappanale. No Zappa music, but high level jazz rock. There’s Mike Miller on guitar and Doug Lunn on bass guitar. I think it’s great to see Chad drumming. He’s so relaxed. I don’t like the guitarist too much, but Doug Lunn is a fine bass player. The trouble with this kind of jazzrock is that after a short while all tunes sound alike. Nevertheless, we have fun in the audience.
This year’s Grand Finale isn’t disappointing. Andre Chalmondeley conducts the musicians into ‘I’m The Slime’ and other well known tunes. And then Zappanale is over.
It’s quiet on the festival ground too soon. We move over to the Zappateers tent where all our friends are. Andre shows up, as do most of The Great Googly Moogly. The group of friends gets larger and larger. And I’m getting tired and go to bed.

Polytoxicomane PhilharmonieThe Great Googly Moogly from SwedenGGM band leader AndersThe Great Googly Moogly farewellFestival ground during Jazzproject Hundelulxal ke unicrayonModifiedDog and SharleenaHarmonia EnsembleAlessandra GarosiOrio OdoriIdiotBastard won a prize in Ben Watsons quiz while Esther is a saintChad WackermanDoug LunnMike Miller - Chad Wackerman - Doug Lunnzymurgy and PauluSGrand FinaleZappanale is overprogrockfan and Gillianidiotbs and AGIYojimbo and idiotbsAGI sibbz unicrayonIvan and Nanook

Monday, August 6, 2007

The Monday is the real anti-climax of every Zappanale. We have a quick coffee on what is left of the festival ground. Then we break down our tents and catch Molli to Bad Doberan. In the Stadtbäckerei we have a good breakfast. Later, to kill some time, we move to the Mein Kampf Theater for some coffee. Project/Objects keyboardist Eric Svalgard joins us on our table, takes his laptop and starts working. We dare to ask him the real reason why Ike wasn’t here. “Ike has missed his flight,” is the answer from his mouth, but his eyes tell us something totally else. We understand that Ike has a problem. Well, let’s have another coffee. A bit later Napi shows up too. He has bought bananas.
But then it’s time to jump in the train to Rostock, where we meet up with Zappateer Ivan. The longest part of our journey is about to come. The train leaves at 14.30 and after a quick switch of trains in Hannover we arrive in Apeldoorn at 22.00. The very moment we entered Olanda it has started raining. When I open the front door of my house at 22.30 we’re all soaking wet.
We say goodbye to the Limburgian guys and then we’re alone. Time for some other tradition. I put on the dvd-player and we watch the retrospective dvd from Zappanale 2006.

Lex L Bronkowitz and sibbzWaiting for MolliMike ready to go on board of MolliHaving a drink at the Mein Kampf Theater
Apeldoorn, August 2007

Post script:
Thankz to my lovely family, ModifiedDog and Luuk, and to Mike for the company to Luuk.
Thankz to Billy, Weasel, John and Thijs for being nice Limburgian loonies to travel with. Special thankz to Billy again for being my Zappanale-buddy for years.
Also thankz to all Zappateers, especially Pete for being himself, and to the Arfies for organising another awesome festival. What the heck, let’s name a few great peoplez! StatusBaby, AGI, Nanook, BowTieDad, BengoFury, Yojimbo, unicrayon, Ivan, the aforementioned Pete, UniMuta, LudzNL, PauluS, au3, sibbz, Jelly&Daan, idiotbs/moi, Hasi, zymurgy, DrZurkon (thankz for the shirt again!), Arto, Ivan (“helemaal te woepie”), xal&ke, Dave&Magdalena, Steve, another Steve, Helen & friendz, progrockfan&Gilian, Lex, Wan, Pedro, Remco, Sharleena, Martin & kids, Reinier & Hennie, jang, the other Olandese guy I meet every year, the Keneallyfan, Kate, Bruno, Georg, Lex L. Bronkowitz, Andre Chalmondeley, Eric Svalgard, Monty and the Butchers (who the fuck are you, man?), Anders and the rest of The Great Googly Moogly, the sweet security lady that squeezed the rubber chicken everytime I passed the entrance, Thomas, Mick, Uli Schäfer, the Bremen couple & kids (what are their names? stupid me, I forgot), the guy from the Czechian Zappa fan club, Jim Cohen, the friendly ladies from the toilets, DebutantDaisy&friend, Zappo (dah! I bought NOTHING from you this year! Muhahaha!), all visitors of the Zappateers tent, and everyone else that I have met, but don’t know the name of.
See ya next year, please: BigTony&Abi, hidihi and Fish, and everyone else that couldn’t make it this time. We missed you. Thankz Paraffin-Lamp for the beautiful pin.
And I’m really looking forward to Zappanale #19 in 2008 and to hear the recordings AGI, sibbz, Ivan and Jelly made of this year’s bands!

• • •
 

13-08-2007

Dag 8: Maandag 23 juli 2007

Filed under: Vakantie 2007 - Istanbul — bazbo @ 22:53

Een laatste ontbijt in het hotel en een boel gejatte voorverpakte schapenkaas. Een tweede bezoek aan de Grote Bazaar en aankopen van shirts en kralen. Een zweettocht door de hitte en een bezoek aan de böreçi die de lekkerste börek ooit maakt. Een tijdje wachten in de lobby en een stille tocht naar de luchthaven. Een plastic tasje en angstaanjagende beveiliging. Een passagier die ziek is en een vreemde veiligheidsperikel. Een vlucht met tegenwind en een hoop turbulentie. Een regenachtig Amsterdam en een Big King. Een treinreis naar huis en een Istanbul-avontuur van Michael Palin op dvd. Een slotoverweging en oh, wat mooi.

Laatste ontbijt in het hotel. Snel nog even wat van die verpakte schapenkaas jatten en genieten van baksels en soep.

Laatste ontbijt in het hotelOntbijtbuffetKlaar voor vertrek
Wat doe je op zo’n laatste morgen? We lopen naar het Beazitplein en gaan nog een keer naar de Grote Bazaar. Het is er opnieuw rustig en we slenteren door de straatjes. Wederom valt de opdringerigheid erg mee. Of we wennen eraan.
Ik ga op zoek naar een Istanbul-T-shirt en uiteindelijk vinden we een mooie voor vijftien lira. Dat is zeven en een halve pleuro. Moet je ’s bij een popconcert in Nederland vertellen. Bij een ander kraampje kopen we nog wat ‘ogen’. En zowaar, we vinden die kralenwinkel weer terug.

Grote Bazaar - juweliersstraatjeGrote Bazaar - de Oude BazaarGrote BazaarKralenwinkel teruggevonden!Kralenwinkel teruggevonden!
Hoe langer we op de Bazaar zijn, hoe lachwekkender de manier van aanspreken van de verkopers wordt. “Ezkjoez mie? Hello? May zjoow joe mai watzjez?” Iedere handelaar klinkt hetzelfde.
We lopen dezelfde weg terug. Het is erg warm; het zou vandaag vijfendertig graden Celcius worden. Oh, wat mooi. Bij de böreçi gaan we naar binnen. De medewerkers herkennen mij. Deze keer gaan we zitten. Luuk en ik eten de börek met kaas. Volgens mij trekken we nogal wat bekijks, want verder zitten hier alleen maar locals. Het is wederom erg lekker; thuis toch ’s uitzoeken hoe ze die börek maken.

Börekiçi Çinilli FirinDe baas bakt …Börek!Smullen maarDe bediening … ze herkennen me! Ik ben vaste klant! Tot volgend jaar!
Het is iets na één uur als we terug zijn in het hotel. In de lobby wachten we op de taxi, die pas tegen half drie zal komen. En ik krijg zowaar ook mijn identiteitskaarten terug die de receptionist had ingepikt.

Wachten op de taxi in de lobby van het hotelDe lobby van het hotel
De taxichauffeur spreekt niet en rijdt ons snel naar het vliegveld. Als we bij de ingang van het vliegtuig staan, beleven we het avontuur van het plastic tasje. Maar daarover later en elders meer. We staan een tijdje in de rij om in te checken en kopen dan belastingvrije wijn en raki. We willen de laatste lira’s besteden aan water en sap. VÁÁÁT!!!!? Bij een kraampje kost water ineens vijf lira in plaats van een halve en sap blijkt plotseling onbetaalbaar. We gaan naar de gate en stappen in het vliegtuig.

Bij de ingang van het vliegveld van IstanbulNa het tasjesavontuur: in de rij bij het incheckenIstanbul AirportIstanbul AirportOns KLM vliegtuigKlaar voor opstijgen
Voor we opstijgen is er een incident. Eén passagier heeft het vliegtuig moeten verlaten vanwege ziekte. Zijn bagage is uit het laadruim gehaald, maar er zou mogelijk nog handbagage in de cabine kunnen zijn achtergebleven. De gezagvoerder wil liever niet het hele vliegtuig ontruimen uit veiligheidsoverweging, en daarom moet iedereen zijn handbagage op schoot nemen. De crew controleert alles, zelfs iedereen onder de stoel. Dan kunnen we toch vertrekken. Ik zie een stewardess de opgeluchte gezagvoerder een schouderklop geven. Betekent dit: “Goed gehandeld in deze stresssituatie”? Stel, je hebt al wat vliegangst, en hebt al niet veel vertrouwen in deze manier van reizen, en wilt je zo min mogelijk overgeven aan de verantwoordelijkheden van anderen en liever de controle over de situatie in eigen handen houden, dan levert een dergelijk tafereel niet echt een bijdrage aan je gevoel van veiligheid.
Gelukkig verloopt de vlucht voorspoedig. Van de voorspelde tegenwind hebben we weinig tot geen last. Wel is er veel turbulentie, waardoor de piloot een kilometer of drie lager moet gaan vliegen.

Uitzicht van 11 kilometer hoogteErgens boven HongarijeEven drie uren zien door te komenNederland is ook mooi
Het regent stort. Als we onze bagage te pakken hebben, staan we snel in de aankomsthal. Een half uur na landing zitten we bij de Burger King. Niet omdat we de hamburgers hebben gemist, maar eenvoudigweg bij gebrek aan beter.

Eindelijk thuis!En dan de trein naar Apeldoorn
Om tien voor negen vertrekt de trein naar Enschede. Hidihi pikt ons van het station in Apeldoorn om tien uur.
We ploffen op de blauwe bank met het vertrouwde bier en wijntje. Ineens bedenk ik me dat Michael Palin ook in Istanbul geweest tijdens een van zijn reizen. Niet veel later kijken we ‘Pole to Pole’ met beelden van de plekken waar we afgelopen week zijn geweest en die we hebben mogen aanschouwen. In levende lijve.
Oh, wat mooi.
– 

Nabeschouwing:

Istanbul is een waanzinnige stad, zowel letterlijk als figuurlijk. Je kunt er écht gek worden. Ik was bang dat ik niet zou gaan wennen aan de gekte op straat. Toch hebben we onze rust gevonden. In het Gülhane Park, bijvoorbeeld. Maar meer nog in onze hotelkamer.  We hadden het echt nodig om aan het eind van de middag even een uurtje in de kamer onderuit te hangen en de voeten op tafel te leggen.
Als je houdt van rust en ontspannen luieren, dan is het niet verstandig naar dit twintig miljoen inwoners tellende stadje te gaan. Alles gaat er snel, van het levensgevaarlijke verkeer tot aan de flitsende bediening in de restaurants aan toe. Je hebt je eten net op, of een ober grist je bord onder je neus weg, ook als je disgenoot nog zit te smikkelen.
Het eten is dan ook de enige echte aanrader van de stad. Nee hoor, Istanbul is fascinerend. De stad hinkt voortdurend op twee poten: de moderne westerse invloeden en de Arabische tradities. De grote bezienswaardigheden zijn werkelijk prachtig. De Hagia Sophia, Sultanahmet Camii (de Blauwe Moskee), het Topkapi-paleis en de Süleymaniyemoskee, ze zijn allemaal bijzonder indrukwekkend. De Bosporus is van onbeschrijflijke schoonheid.
Een verhaal apart is de handel in Istanbul. Gedurende de vakantie heb ik een paar keer verzucht: “Istanbul is één grote winkel.” Overal waar je komt zijn winkeltjes, stalletjes en straatverkopers. Sommige verkopers zijn opdringerig. In het begin vond ik dat erg irritant, maar gaandeweg wende het. Gewoon “No!” zeggen, of, in het geval van eettentjes waar je weer naar binnen geluld wordt, naar je dikke buik wijzen en diep zuchten, alsof je net ruim gegeten hebt.
Want eten, dat is er volop te krijgen. Zie de foto’s. En voor prijzen! Ongelofelijk. We hebben bijzonder uitgebreid gegeten voor zeventig lira. Dat is net vijfendertig euro. Met z’n drieën.
De economische toestand voor de bewoners van de stad is niet altijd even rooskleurig. We hebben mensen gezien die pakjes zakdoekjes verkopen op straat voor een paar centen. Of nog kleinere dagelijkse kleinnoden. De angst: als Turkije bij de EU komt, en de euro gaan invoeren, dan zit het volk aan de grond. Hopen dat die verkiezingen hebben geholpen.
Over die verkiezingen gesproken: bij het lezen van de kranten van de afgelopen week stuit ik op een opvallend bericht. De verkiezingen in Turkije hebben plaatsgevonden op een zondag in de zomer. Dat is op zich al bijzonder; nóg opmerkelijker is het dat er een landelijke verordening door de regering was afgekondigd dat er die verkiezingsdag nergens in Turkije alcohol mocht worden verkocht of geschonken. Wij hadden in één straatje zo al twee zaakjes die ons de gevraagde blikken Efes leverden. En wij maar denken dat ze geen drank mochten verkopen vanwege religieuze redenen … vooroordelen zijn van alle tijden …

Oh, wat mooi.
Istanbul en Apeldoorn, 16 t/m 24 juli 2007

P.S. Ik heb enkele delen uit dit verhaal bewerkt tot column voor FOK! Je vindt ze hier en hier .

• • •
 

Dag 7: Zondag 22 juli 2007

Filed under: Vakantie 2007 - Istanbul — bazbo @ 19:10

Een rustige zondag op straat. Een smart ticket en hengelaars op de Galatabrug. Een boottocht vol herkenning en een hoop paleizen, forten, yali’s en bruggen. Een lunch in Azië met gebakken makreel en een problema. Een terugreis met veel foto’s en een verkoper van kötyoghurt. Een büfe die Efes verkoopt op zondag en een diner bij een bekend restaurant. Een linzensoep en een hoop aubergines. Een tweede büfe die stiekem blikken bier verhandelt en een hoop vraagtekens.

De boottocht van donderdag was een groot succes, dus hebben we besloten om die gewoon nóg een keer te doen. We lopen naar de tramhalte. Het is opvallend rustig op straat. De meeste winkels zijn gesloten en nog niet de helft van de straatverkopers biedt zich aan.

ZondagontbijtjeDe tram vanaf Aksaray naar Eminönü
Bij halte Eminönö stappen we uit en gaan we naar de terminal waar we donderdag van de boot af kwamen. We zitten meteen goed en een ‘smart ticket’ heen en terug naar het eindpunt kost twaalf en een halve lira.
We hebben nog drie kwartier en wandelen nog even de Galatabrug op. Sportvissers, jong en oud, werpen hun hengel in de Gouden Hoorn. Dan gaan we aan boord. Het schip is wat kleiner en aftandser dan de MS Istanbul van donderdag. We vinden een plekkie op het voordek. Het weer lijkt minder helder dan donderdag, maar zal zich in de loop van de middag herstellen. Iets na twaalf uur vertrekken we.

Ons schip voor de heenreisKlaar voor vertrekTekening van de oude Bosporus aan boord van de veerbootFatih Sultan Mehmetbrug met Europafort
Wat zal ik over de tocht zeggen? Oh, wat mooi. We herkennen steeds meer bekende paleizen, forten, yali’s, bruggen en dergelijke. Maar goed dat we dat ene boek van AarJan bij ons hebben.  De boot slaat Rumeli Kavagi over, de plaats waar we donderdag zijn opgestapt, maar vaart gelijk door naar de Aziatische kant: Anadolu Kavagi. Daar gaan we van boord. We hebben ongeveer anderhalf uur vóór de terugreis, of je moet nog een paar uur langer willen blijven hangen.

KüçüksupaleisAziëfortEuropafortTurkse hangplee aan boordYeniköyYeniköyDe Zwarte Zee in zichtLuuk helemaal achterop het schipEn een nieuw plekje achterop het schip in de schaduw voor de hele familieSanyerDe plaatselijke bevolking van Sanyer heeft het óók warm! Het is vierendertig graden!Het fort van Anadolu Kavagi
In de straatjes voor de aanlegsteiger van de veerboot barst het van de eettentjes, van goedkope kraam aan de weg tot aan poepchique restaurants. We besluiten tot een snel hapje en belanden in een lokantina waar we gebakken makreel met salade eten. We vragen om Efes, maar de ober verschiet van kleur en schudt van nee. Hij heeft het over ‘problema’. Het is zondag en de chauffeur van donderdag had ons al gezegd dat het op zondag verboden is om alcohol te drinken. Ach wat, su (plat water) voldoet ook. En het visje is lekker.

Locantasi Feyza Balik in Anadolu KavagiLocantasi in Anadolu KavagiLocantasi in de haven van Anadolu KavagiUitzicht op de haven met veerbootBrood en salatGegrilde makreel en ’su’
Dan gaan we terug aan boord. Dit keer weer de MS Istanbul. We vinden een goede plek op het beneden voordek in de schaduw. De zee is blauw en het uitzicht? Oh, wat mooi. Je blijft foto’s maken. En die jongen die drankjes en zo verkoopt, wat roept die nou? Hoor ik daar “kötyoghurt”?

Vertrekplaats van de veerboot in Anadolu KavagiWachten op vertrekDe haven van Anadolu KavagiWe varen Anadolu Kavagi uitAnadolu KavagiDe haven van Rumeli KavagiSadberg Hanimmuseum, een yali in BüyükdereDe Bosporus is blauwFatih Sultan MehmetbrugArnavutköyOrtaköyMecidiyemoskee en BosporusbrugBesiktasDolmabahçepaleisDolmabahçemoskee met InönüstadionGalatabrug en GalatatorenDe cabine van de machinist?En weer aan landDe MS IstanbulVerse vis en döner in de havenDe tram terug
Om kwart voor vijf staan we weer op het Eminönüplein en we pakken de tram terug naar het hotel. Bij de minimarket (büfe) kopen we koude Efes. Kopen mag dus kennelijk wel. We houden pauze in de hotelkamer. Later eten we op de hoek van de straat, bij het Laleli Iskender restaurant. Lamskoteletten, döner en kebab met aubergines. En die linzensoep niet te vergeten. En wat of we willen drinken. Efes, natuurlijk. “No alcohol in whole Turkey,” zegt Mahmut. Dan maar weer ‘su’. Het eten is weer voortreffelijk. Toetjes en koffie of thee slaan we af. Mahmut wenst ons een goede reis terug en tot volgend jaar.

Bij Iskender Laleli restaurantLinzensoep en sesambroodTurkse pizzaSalatDöner kebabKebab met aubergines
Als we terugslenteren naar het hotel passeren we nog een büfe en we besluiten nog wat Efes in te slaan. De verkoper pakt ze snel in krantenpapier in. Misschien omdat hij ze toch niet mag verkopen. Als we in de hotelkamer zijn, voelen de blikken koel aan, dus waarschijnlijk was het krantenpapier wel om ze koud te houden. Oh, wat mooi.

Senator Hotel by nightAvondritueel 1Avondritueel 2En slapen maar!

• • •
 
« Vorige paginaVolgende pagina »