bazbo – de wereld van Bas Langereis, het middelpunt der aarde

Bas Langereis leest u voor!

01-02-2014

B-log: 1-7 februari 2014

Filed under: B-log 2014 — bazbo @ 09:51

Vrijdag 7 februari – De krant gehaald en het boek Bas, Willem en ik is verschenen
Het regent pijpenstelen. Kan ik mooi iets langer in bed blijven liggen. Het hoofd is moe; het is nodig. Als ik dan ben opgestaan, blijf ik het rustig aan doen. Koffie, de krant, verder lezen in een boek. Dolf de Vries is alweer uit en ik begin aan Dark Star Safari van Paul Theroux.
Als E in een gesprek wat kribbig reageert, merk ik dat het me heel erg raakt. Het gaat nergens over; ze zei iets en ik had het niet gehoord; het is de plotse overgang van het ene onderwerp naar het andere; ik ben van slag. Ik weet het weer: ik ben er nog niet, er is nog volop werk aan de winkel.
Ik loop naar de sigarenboer op de hoek; we staan in de krant!
We lunchen. Om half vier fietsen we in de richting van het centrum. In Art café Sam Sam ontmoeten we Reinier en Willem. Het boek is er! We maken afspraken over de voortgang en over zondagmiddag. Het is leuk, prettig, niet al te druk. Na een uur wordt het druk in mijn hoofd. Verroest, ik ben mijn medicatie van vanmiddag vergeten. Uitkijken, dus. Toch houd ik het vol. Uiteindelijk schuiven Heidi en Auke ook aan. Ik lurk water. Geen probleem. Het kost me veel moeite mijn aandacht bij een gesprek te houden.
Als we naar huis fietsen, zie ik op de klok bij het station dat het half negen is. Allemensen. Ik rijd naar de frietenboer op de hoek. Het diner bestaat uit frieten (goh), nasischijven, frikadel, kroket en kaassoufflé. Het vult, maar bevredigt niet.
Laat op de avond lees ik het boek Bas, Willem en ik. Het is een prachtig boek geworden. Het ziet er goed uit (glossy!), het leest heerlijk weg en het geeft een mooie beeld van hoe aanvullend onze stijlen en stukken op elkaar zijn. Ik heb zin in zondag.

Donderdag 6 februari – Voor het eerst weer aan het werk
De wekker gaat om tien voor half acht. Ik sta op; heb er zin in. Koffie, krant, mandarijnen. Om half negen stap ik op de fiets en rijd ik naar het werk. Ik zet mijn tas in het kantoor en loop naar het gebouw ernaast. Daar drink ik koffie met wat (oud)collega’s. Ze zijn blij me weer te zien en nog blijer als ik vertel dat ik kom werken. De een na de ander komt even praten en uiteindelijk ben ik pas om half elf terug in het kantoor. Ik doe de pc aan en log in. Het eerste dat ik doe is een bedankmail maken aan alle mensen die mij in de afgelopen tijd een hart onder de riem hebben gestoken. Dan maak ik een mail aan de teamleider van het naastgelegen gebouw om een afspraak te maken. Ik zie allerlei berichten binnenkomen als antwoord op mijn zojuist gestuurde bedankmail. Het is inmiddels al elf uur. Dinsdag verder. Ik sluit af en trek mijn jas aan.
Via een supermarkt op winkelcentrum Anklaar rijd ik terug naar huis. Corsendonk-kaas! Thuis neem ik nog een kop koffie. Mijn hoofd voelt ‘vol’. Het ging goed, vanochtend. Ik heb nog bijna niets gedaan en aan de andere kant voel ik niet te veel druk. Dit was prima zo.
Thuis een boterham met Corsendonk-kaas. Ik orden wat foto’s. Dan ga ik naar buiten. Mijn hoofd zit weer ‘vol’. Ik moet nog even naar de huisartsenpraktijk, een boodschap voor E. Het is lekker buiten. Ik kan weer een half uurtje achter de pc met foto’s bezig. Weet je wat? Het is klaar! Jammer dat ik de grote versies van juni 2011 tot en met begin november 2013 kwijt ben, maar het is niet anders.
Ik maak het avondeten: bamisoep weer een keer. Voor E geen bami, maar omeletreepjes. Het is zo’n gerecht dat we blijven maken en het is iedere keer weer een succes.
Om acht uur ben ik echt moe. Ik moet rust hebben en vind die in het boek dat ik lees.

Woensdag 5 februari
Laat ik kalm beginnen. Dat lukt. Met koffie, de krant en het boek Australië in een rugzak van Dolf de Vries (wie?). Ook orden ik nog wat foto’s.
Bericht van Reinier: ons boek is klaar!
We lunchen. Ik schrik van sommige plotselinge geluiden die ze maakt. Ze zegt dat ze zich eraan ergert. Dit raakt me; ik baal zelf zo erg dat ik nog steeds zo schrik. Kwetsbaar, ben ik nog. Ik weet het.
Als E aan het werk is, neem ik een boterhammetje kaas. Waarom ook niet. Daarna wandel ik door het park naar de Eglantier. Net scheen de zon nog; nu lijkt het bewolkt. Ik moet even naar buiten en haal E’s medicijnen en de laatste boodschappen voor morgen.
Thuis toch weer met die foto’s bezig. Lang achter het (nieuwe) beeldscherm zitten kan ik niet. Het schiet wel op met de foto’s. Ik hoef nu alleen nog maar die van juni 2011 tot en met maart 2012. Het valt mee.
Ik maak eten: schorseneren in roomkaassaus, de preitaart van maandag en flink veel sla. Natafelen duurt lang; we spreken met Luuk over werk, vrijwilligers, Wajong, uitkeringen, politiek. Voor mij is het na enige tijd te veel en val ik stil.
Lezen gaat goed. Om elf uur ga ik naar bed. Ik ga altijd om elf uur naar bed. Echt.

Dinsdag 4 februari
Ik wacht de wekker niet af. Onder de koffie maak ik mail naar vrienden en bekenden, waarin ik de voorleesvoorstelling van zondag (met boekpresentatie) aankondig.
De dokter is blij om me zo te zien en tevreden met hoe het gaat en wat mijn plannen voor het werk zijn. Ze adviseert om langzaam wat meer prikkels op te zoeken. ‘Ik ben afgelopen donderdag naar IKEA geweest, telt dat ook?’ Het telt. Ik vertel dat ik langzaam meer aankan. Toch ben ik nog kwetsbaar en het verschilt ook wel per dag. De oxazepam ga ik nog verder afbouwen, maar ik moet ze wel bij de hand houden voor als het een keer minder goed gaat. Pas als de kalmeringsmedicatie helemaal weg is, kan ik ook denken aan stoppen met de slaappillen. Omdat de komende periode best spannend is (met werk starten e.d.), wil ik die trezepam zelf ook nog niet stoppen.
Thuisgekomen plaats ik mijn laatste deel van De Schrijver in op FOK! en Apeldoorn Direct. Op FOK! en AD deel ik achter de schermen mede dat het mijn laatste stukje is, voorlopig. Ik orden nog een mapje foto’s en dan ga ik een IKEA-kast in elkaar zetten. Ook erg. Toch lukt het goed.
Ik lunch met Luuk en even later is E ook thuis. (De kaasboer had een editie met peper, knoflook, ui en gember. Zoet en pittig. En goed.) We puzzelen op de nieuwe kast: waar zetten we hem neer? Naast de glazenkast? Dan moet die eerst een stuk leeg, zodat we hem kunnen verplaatsen. Resultaat: veel glazen door de vaatwasser en een boel wegmikken. Als de eerste lichting draait, is het me even te onrustig en te onoverzichtelijk: ik moet naar buiten, de zon in. Mijn tochtje gaat langs het kanaal naar de supermarkt; ik moet nog gehakt kopen. Ik neem alle tijd.
Weer thuis kan de tweede lading glazen in de vaatwasser. Inmiddels hebben we besloten de nieuwe kast op een heel andere plek neer te zetten: in de keuken. De glazenkast kan weer terug naar z’n oude plaats. Uit het onderste schap van de glazenkast komt een schat aan drankassessoires, miniaturen en restjes buitenlands gedestilleerd tevoorschijn. Dit is nostalgie; dit is leuk.
Pas om half acht kan Luuk koken: hij maakt saus uit een pakje met fusilli; ik bak kastanjechampignons voor E in plaats van pasta. Na het eten kan ik weer wat lezen en om half elf is Paul Theroux’ De gelukkige eilanden uit. Net geen 700 pagina’s in vier avonden. Niet slecht.
Inmiddels heeft E een aankondiging voor Bas, Willem en ik (zondagmiddag) op fecesboek gezet. Er zijn veel reacties. Dat is mooi. Het is het eind van een vermoeiende dag, maar het voelt goed.

Maandag 3 februari
Vroeg op en ik voel me goed. Als E naar het werk is, handel ik wat mail en dergelijke af. Zo plan ik een aankondiging van de voorstelling Bas, Willem en ik (aanstaande zondag) in op Apeldoorn Direct. Dan stap ik op de fiets naar het centrum. Bij de Xenos haal ik weckpotten voor de thee van E, op de markt kaas en mandarijnen. In mijn hoofd: Holiday door (niet lachen, mijn jeugdzonde – ach, in hoeverre kan mijn jeugd zonde zijn?) the Bee Gees. Waarom?
Via de supermarkt rijd ik weer terug en ik lunch met Luuk. Onder het eten belt de IKEA aan: de kast is er. Dat wordt knutselen, van de week.
Om half drie stap ik opnieuw op de fiets en rijd ik naar het werk. Om drie uur heb ik een gesprek met Herma, mijn nieuwe leidinggevende. Nee, geen nieuwe werkplek, maar wel een nieuwe baas. Ik kan mijn verhaal goed vertellen en krijg een luisterend oor. We spreken af dat ik vanaf donderdag weer ga beginnen: twee uur per dag, twee dagen in de week. Eind februari heb ik dan een intakegesprek met haar én een loopbaancoach, zodat het traject gelijk op kan lopen met mijn behandeling van de psycholoog. De afspraken voelen goed, ik heb er zin in en als het niet gaat, dan kan ik ook het werk neerleggen en stoppen. Per dag en week kan ik bekijken en beslissen of het wel of niet lukt. Ik weet dat ik kwetsbaar ben.
Buiten is het prachtig weer en ik rijd in de felle zon naar huis. Daar is E. En het nieuwe beeldscherm. Als het is geïnstalleerd, neem ik alle rust. Ik warm de soep op (bah) en dan maak ik een preitaart, waarbij ik de deegbodem vervang door spek. Smakelijk.
Om acht uur is alles klaar en ik lees.

Zondag 2 februari – Tim op bezoek
Als ik om tien uur beneden ben, start ik met het nieuwe patroon medicatie. Ik zit nu op drie keer een kwartje oxazepam. Mijn hoofd voelt ‘vol’; ik doe rustig aan. Van lezen komt het even niet; ik ‘zit’ ouderwets.
Half een lunchen we met Turkse broodjes, tosti en sla. En dan is het twee uur. Tim is er.
Tim is er en ik vind het geweldig. We kletsen over van alles en het is goed, het is fijn en het is zoals het moet zijn. Na een uur zitten we met z’n vieren aan tafel en gaan gesprekken door elkaar en worden ze luider. Dit is voor mij zeer vermoeiend en het kost me veel energie om het te volgen. Tim vertrekt helaas al om half vijf. Dank je wel, goede vriend. Ik waardeer het zeer dat je er even was. Weet dat je betekent. (Hij heeft meer dan drie uur moeten reizen om naar Apeldoorn te komen en meer dan drie uur om weer thuis te zijn.)
Dan zit ik even alleen aan tafel. Ik ben moe, onrustig. Het stormt in mijn hoofd. Bijna huil ik. Ik zit op het randje. Maar het zakt.
Ik maak de boerenkoolsoep af. Het is maar goed dat Tim die gemist heeft. De soep is niet lekker. Het was een prutrecept uit een blad van een supermarkt. Met een boel sambal lijkt het nog wat. Nu nog maar anderhalve liter weg zien te werken.
Om zeven uur zijn we klaar en ben ik alleen in de keuken. Ik voel me verslagen. Wel kan ik veel lezen. Gelukkig.
In mijn hoofd: Try again van de allereerste elpee van Supertramp, toen niemand ooit nog van ze gehoord had.

Zaterdag 1 februari
Het regent en ik vind het niet erg. Ik fiets naar het centrum. In een supermarkt haal ik puntpaprika, ham en sla. Ik betaal met mijn pinpas en loop naar buiten. Op de hoek van de straat voel ik automatisch of mijn pas op de juiste plek zit. Dat zit-ie niet. Oeps. Ik loop terug naar de kassa van de supermarkt en pak mijn tas uit. Dan controleer ik de binnenzak van mijn jas, daar waar ik mijn tas uitgehaald heb. Oef, daar is-ie. Ik was niet in paniek. Goede zaak. Op de markt koop ik vis, cranberry’s en voor E kaneel-rozenthee. Inmiddels is het weer droog. Ik rijd via de supermarkt en de Turkse winkel terug naar huis. Daar drink ik koffie. Het is druk in mijn hoofd.
We lunchen met haring en broodjes. Ik doe de was en lees de kranten. Toch moet ik even naar buiten; ik ben onrustig. Onderweg bedenk ik me: ik heb mijn medicijnen weer eens vergeten.
Als ik weer thuis ben, zit ik aan de keukentafel. De wasdroger ruist in mijn nek; de afgelopen tijd maakte dit mij rustig. E kijkt iets op de computer, een serie of zo, en heeft het geluid aan staan. Het klinkt heel hard in mijn oren, ik raak in paniek en herinner mij dat ik de hele dag al geen medicatie heb ingenomen.
Ik maak een curry van kip en mangold, met peper en rode ui. Daarnaast is er salade en Turks druivensap. Na het eten maak ik de soep voor morgen: met boerenkool. Dan ga ik weer verder met lezen en de was vouwen. Het is vandaag elf weken geleden.

• • •
 

30-01-2014

De schrijver (7)

Filed under: Publicaties voor FOK! - 2014 — bazbo @ 23:23

De schrijver bewoog zich voetje voor voetje door het donker.
Nee, het ging even niet zo goed.

(more…)

• • •
 

25-01-2014

B-log: 25 – 31 januari 2014

Filed under: B-log 2014 — bazbo @ 09:41

Vrijdag 31 januari
Ik sta op met een ‘vol’ hoofd. Gisteren veel gedaan, veel indrukken en veel te verwerken. Gelukkig hoef ik vandaag niet zo veel en kan ik kalm aan doen.
Vanmorgen verwerk ik wat mail en lees ik. India is al uit. De reacties op De schrijver (7) op FOK! zijn mooi en goed. Het maakt kennelijk nogal indruk. Ik maak een lunch voor E: falafel van een mix die we ooit eens in Oostende kochten (is nu ver over de datum) en voor mijzelf panini.
Dan fietsen we samen naar de grote nieuwe elektronicawinkel. Nee, ik ben toch niet gek. Maar ik word het er wel. Na tien minuten moet ik snel weer naar buiten. We rijden langs de Turkse winkel voor wat eerste weekendboodschappen. Het is zonnig, koud en eigenlijk heel mooi buiten.
Weer thuis bestelt E een nieuw beeldscherm online. En dan: ze heeft ook nog een andere computervraag en of ik het antwoord weet. Plots is daar weer iets van de beklemmende angst terug, het prikt achter mijn ogen en ik zit te trillen aan de keukentafel. Het is de druk, de druk dat ik iets moet? Nee, ik ben er nog niet. Gelukkig is het computereuvel snel verholpen en voel ik opluchting. Maar toch… Ik wil niets met een pc moeten, maar aan de andere kant zou ik het wel weer willen kunnen. Dillema.
Er zijn hapjes: kaas, worst en walnoten. Later maak ik sla en bak ik braadworsten. Dat zal vullen. Er bij komt perensap en appel-bessensap van IKEA.
De rest van de avond lees ik in De gelukkige eilanden van Paul Theroux. Ik ben wel verslingerd aan zijn manier van vertellen. Ook de (zelf)spot is intrigerend. Hoe hij in een paar zinnen de Australiërs typeert als een zeer onbeschoft volk, dat vind ik wel vermakelijk. ‘Welcome in Smellbourne.’

Donderdag 30 januari – naar IKEA en een avondje uit
Op tijd op, maar weer. Er staat ons een volle dag te wachten. Na de koffie stappen we in Luuks auto. Op naar Amersfoort, op naar IKEA. (Echt waar.)
We tanken langs de Europaweg; de eerste keer voor Luuk. Ook op de snelweg rijdt hij keurig, beheerst, precies volgens de regels. In een half uur zijn we op de plaats van bestemming.
Gelukkig is het niet al te druk in de grote winkel. De indeling vind ik rommelig en onoverzichtelijk, maar de muren komen niet op me af en ik voel me er niet ongemakkelijk. E is op zoek naar een kast voor haar sieradenspullen. Tussendoor vinden we wat kleine keukenmaterialen, een strijkplank en nachtkastlampjes. Als we gaan lunchen is het nog altijd niet vol in de zaak. Tegen half drie hebben we alle boodschappen verzameld en afgerekend. Nu nog in de auto zien te krijgen. Ai, die kast is écht te groot. Dat wordt laten bezorgen. Voor de rest komt alles goed mee. Om half vier zijn we weer thuis en kan het grote uitpakken beginnen.
Het avondeten is eenvoudig: restjes van gisteren. De soep komt op en ook de courgettesalade smaakt nog altijd prima.
Om half acht stappen E en ik op de fiets. We halen Plonia op en fietsen naar CODA. Daar opent een tentoonstelling van Claartje Keur. Zij heeft een bijzondere collectie halssieraden samengesteld, vervaardigd door zeer verschillende kunstenaars en edelsmeden. Bij de opening zijn zo’n honderd mensen. Gelukkig houden ze allemaal hun mond dicht en zijn de sprekers nauwelijks te verstaan. Lekker rustig.
Na afloop even naar Sam Sam. In het ‘middendeel’ is het niet al te lawaaierig, tenminste: als de band niet speelt. Normaal vind ik Threesome Jazz met Benjamin, Hans en Lex zeer aangenaam, maar op dit moment kan ik nog niet tegen al te veel achtergrondgeluiden. De groep mensen aan tafel groeit en het is een mooi stel bij elkaar. Ik krijg veel goede wensen en medeleven. Dat is fijn. Na dik een uur moet ik toch echt weg; het is me te druk. Om elf uur ben ik thuis. In slaap komen kost me geen moeite.

Woensdag 29 januari
Eens wat computerklussen doen. Het persbericht voor de voorstelling en boekpresentatie van Bas Willem en ik naar de redactie van De Stentor sturen, bijvoorbeeld. En foto’s sturen naar Burkhard. Burkhard had ik ontmoet bij Georg, afgelopen september in Gebhardshain. Hij maakt een boek over Zappanale en wil graag mijn foto’s van de afgelopen jaren hebben. Nu had ik een probleem: ik was ze kwijt. Inmiddels is veel weer terug, maar ik moet het allemaal nog ordenen. In de chaos vind ik de foto’s die hij zoekt en ik stuur ze via wetransfer.com. Na een uurtje krijg ik hoofdpijn. Ik kan nog niet te veel inspannend werk aan. Daar komt nog bij: ons beeldscherm is een ramp en aan vervanging toe. Doodmoe ben ik.
Ik maak de lunch voor E: courgette-‘noedels’ met marinara van rode ui, zoete puntpaprika, tomaten, dadels, zongedroogde tomaten, dadels, kaneel en oregano. Zeer lekker, al zeg ik het zelf. En zelf, zelf eet ik een tosti.
Dan maak ik een begin met het uitzoeken van de foto’s die ik naar de webstek heb ge-uploaded en die ik begin november met de grote hardeschijframp ben kwijtgeraakt. Aar heeft ze me gestuurd, een week of wat geleden. Eerst maar eens de laatst gemaakte foto’s ordenen en zo terugwerken tot en met juni 2011. Wat het lastig maakt, is dat foto’s per maand in één map terecht zijn gekomen. Op alfabet. Dus niet chronologisch. In augustus 2013 had ik niet alleen de foto’s van Zappanale 2013 ge-uploaded, maar ok Zappanales 2004, 2005 en 2006. Alles staat lekke door elkaar, dus. Een hele uitzoekerij.
Toch ben ik vanmiddag ook even buiten. Het is koud. Bij de apotheek haal ik medicatie voor E en bij het Turkse winkeltje op de Eglantier een wortel, een prei en wat brood. Thuis weer verder met de foto’s. Ik zit nu in juli 2013. Regelmatig moet ik stoppen omdat ik hoofdpijn krijg. Ik wil graag door, maar mijn kop wil niet. Dan maar avondeten maken: zeer goedgevulde groentesoep. Er moeten twee rookworsten op, vandaar. Met Turkse broodjes en courgettenoedels en marinara.
Theroux’ China per trein is uit. Nu begin ik in India in een rugzak door onze eigen Dolf de Vries. Onze eigen wie? Precies. Het leest wel snel weg. Na anderhalf uur ben ik op de helft!

Dinsdag 28 januari
Piet is vanmorgen op bezoek. Het is fijn hem te spreken. Wat me opvalt: ik kan twee uur lang geanimeerd zitten luisteren, spreken en doorvragen, zonder opmerkelijk moe te worden of af te haken. Na twee uur hebben we nog niet het topje van de ijsberg gehad, maar dat komt later nog wel eens. Ik ben hem dankbaar dat hij op bezoek is geweest.
Ik maak lunch voor E en mijzelf en dan ga ik een rondje lopen. Tochtje door Zuid, door straten waar ik nog nooit gelopen heb (in de Vogelbuurt) en via wat supermarkten op het Adelaarsplein en de Turkse winkel terug.
Het is half vier en ik ben opvallend moe. Toch kan ik nog wat lezen.
Luuk en ik maken samen het diner: een goede chili, die je zo kunt eten, maar ook als vulling voor wraps kunt gebruiken. Het gaat prima samen; we zijn zó klaar. Nog een simpele salade erbij en aan tafel maar!
Na het eten zie ik post. Er zijn mooie kaarten en goede woorden van iemand met wie ik mag samenwerken: ik ben in beeld en dat maakt me blij.
Dan verder lezen. Achterin het boek zit een sticker geplakt. Die heeft ooit op een bestelling bij Plato gezeten: ‘Muffin Men – Frankincense’. Muziek!
De Vrouw is aan het breien en kijkt tv op de bank in de woonkamer. Ik zit in de keuken te lezen en te schrijven. De kraan drupt.

Maandag 27 januari
Vanmorgen fietsen we naar ons financiële mannetje. ’s Kijken of we wat extra kunnen aflossen aan onze hypotheek. Dat kan. We krijgen vier opties voorgeschoteld. Deze week maar eens kijken wat we kiezen. Ik merk dat ik het gesprek na een half uur niet goed meer kon volgen. Er gebeurde te veel door elkaar en dat was voor mij verwarrend.
Via de markt en de Turkse winkel fiets ik terug. Koud, maar zonnig. Vanmiddag nog maar eens lekker buiten lopen.
Tijdens de lunch is het leuk met Luuk aan tafel. Hij vertelt over de comedians die hij op YouTube ontdekt, maar ook over verveling. Morgen gaat hij een extra dag vrijwilligerswerk doen. En wie weet: toch ook mee naar Zappanale.
Na de lunch heb ik contact met de secretaresse van de nieuwe leidinggevende. Maandag 3 februari spreek ik de baas om 15.00 uur in Apeldoorn. Dan gaan we eerst kennismaken en ik hoop dat we het ook kunnen hebben over mogelijke klussen. Ik weet er wel een paar.
Ik loop naar buiten en doe een boodschapje op de Eglantier. In mijn hoofd allerlei deunen van The Doors. Waarom? Thuis: even geen internetverbinding. Nou ja, dan eerst maar eens de bloemkool ontbeesten en blancheren. Ondertussen lezen.
Eten: curry van bloemkool met postelein en rode peper en (Beierse) worst. De curry lukt goed. Erbij komt een salade van bladsla, komkommer, tomaat, rode ui en milde geitenkaas.
We zijn redelijk vroeg klaar met eten. Ik krijg zin om muziek te draaien (echt!), maar ik wacht. Ik kan wachten. Wachten tot ik alleen ben. Bovendien: E zit aan de pc een serie te kijken. Het geluid staat aan. Ik hoor het goed. Dat is niet erg (!), maar dan moet ik niet iets anders erdoorheen doen. Lezen lukt wel.
Ik lees Theroux over een bezoek aan Kanton en hoppa: in mijn hoofd Canton (door de groep Japan).
We eten de laatste tijd nogal eens druiven die ik voor een prikkie bij de Turkse winkel haal. Bij de gewone supermarkt haal ik dadels. Op de verpakking staat: ‘Ready to eat & zonder pit’. Leg uit.

Zondag 26 januari
Ik slaap uit. Pas om half elf ben ik beneden en typ ik dit in. Hoe is het toch allemaal mogelijk?
We gaan vandaag koffie maken op een ‘ouderwetse’ manier. Laten we de cafetière weer gaan gebruiken! Gisteren vond ik in de supermarkt een pond espressobonen voor iets meer dan vier euro. Mooie prijs. Het malen van de bonen maakt een hels kabaal, dus deze methode is niet zo geschikt voor ’s morgens vroeg als er nog onschuldige medebewoners liggen te slapen. Hoe de cafetière ook weer werkt, is even een puzzel, maar de derde poging levert verdomd goede koffie op, al zeg ik het zelf.
Na de lunch voel ik me toch weer onrustig. Ik maak een wandeling langs de Matenpoort, het kanaal en een stukje door het Kanaalpark. Het is koud buiten, maar mooi om te lopen.
Weer thuis begin ik aan het eten. Ik braad een rollade, maak salade van Chinese kool, mandarijnen en yoghurt, en waag me aan een rösti van pompoenrasp en ui. De groentehakker die ooit bij de staafmixer geleverd zat, doet z’n werk. De rösti wordt geen mooie pannenkoek, maar een rulle smurrie. Toch smaakvol. Na het eten maak ik E’s lunch voor morgen: linzensalade met tomaat, rode ui en gefruite knoflook.
Later op de avond lees ik Brazil uit. Mooi boek, mooi land, beetje ver weg. Paul Theroux’ China per trein is de volgende uitdaging. Ik heb het boek gekocht in 2000 en geloof dat ik ‘m voor de derde keer lees. Dan moet-ie goed zijn.

Zaterdag 25 januari
Tien weken geleden. Dan ga ik nu de elfde week in. Ik zucht en sta op.
Koffie. Ik beantwoord en stuur wat mail. Dan ga ik op de fiets wat boodschappen doen. Aansluitend loop ik met E naar het winkelcentrum vlakbij. Bij de fietsenmaker is de keus snel gemaakt (E had het voorwerk op internet gedaan): een Batavus Mambo Deluxe.
Thuis een lunch; dan moet ik even naar buiten. Ik loop naar de Turkse winkel voor wat vergeten spulletjes. Om 16.00 uur halen we de nieuwe fiets op. Mooi ding. We rijden naar De Eglantier en kijken daar in wat winkels naar geschikte fietstassen. Nog niets.
Tegen half zes zijn we thuis. Ik begin met het voorbereiden van avondeten. Dat merk ik: ik moet iets doen. De tijd dat ik uren kon zitten en alleen maar voor mij uit keek is voorbij. Ik bak uien en snijd een rest knolselderij. Litertje bouillon erop, twintig minuten koken en pureren. Dan valt Heidi binnen. Altijd gezellig. Het vraagt wel veel energie van mij. Als ze is vertrokken, maak ik de soep af: ik bak kastanjechampignons en snijd bosui. Ook bak ik hamburgers. Het is zaterdag.
Om half negen voel ik dat ik moe ben. Terwijl de droger in mijn nek loeit, lees ik. Dat is vreemd: eerder stond de droger alleen maar aan ’s nachts en ’s avonds als ik achter de pc zat; nu is het een middel dat me rustig maakt. Vergelijk het met de baby die in slaap valt als de stofzuiger aan staat.
Verhip, ik ben vanmiddag mijn medicatie vergeten. Gebeurt me (te) vaak, de laatste tijd.
Later op de avond een bijzonder moment. Ik lees in mijn boek en tegenover mij zit De Vrouw (DV) aan dezelfde tafel verstelwerk te doen. Zo zet ze de knoop weer aan mijn jas. Ik krijg tranen in mijn ogen van zo veel huiselijk geluk, zet mijn leesbril af en laat dit tafereel goed tot me doordringen. Sentimentele lul.

• • •
 

23-01-2014

De schrijver (6)

Filed under: Publicaties voor FOK! - 2014 — bazbo @ 10:03

De schrijver bleef voor het huis staan kijken.

(more…)

• • •
 

19-01-2014

B-log: 18-24 januari 2014

Filed under: B-log 2014 — bazbo @ 17:22

Vrijdag 24 januari
Onrustig, maar waarvan? Ik neem koffies. Dan gaan we samen op de fiets naar de Ekowinkel aan de Asselsestraat. Mooie zaak, goed assortiment, maar wat me wel weer opvalt: nog altijd duur. ‘We zijn er nog niet,’ verzucht ik.
Als we weer buiten staan, blijkt E’s fiets weg. Balen. Nu zat ze tegen een nieuwe aan, maar toch. Via een warenhuis in de straat gaan we naar De Wilde Pieters voor een twaalfuurtje. Het is er rustig en dat is fijn.
Ik loop naar huis. Het gaat. Nog steeds is het lastig om me te concentreren. In mijn hoofd gebeurt te veel door elkaar en dat is te veel. Lezen helpt. Ik begin in Brazil van Michael Palin. De probleemanalyse van de bedrijfsarts is via de post binnengekomen. Het klopt.
Eten: prut van kipfilet, ui, paprika, restjes wortel en pastinaak, op smaak met Indiase currykruiden. Best goed.

Donderdag 23 januari
Kalme start van de dag. Poep, onze vier bonsaiboompjes, die we nog geen week geleden hebben gekocht, zijn drooggevallen en lijken het loodje te leggen. Ze staan op de vensterbank en eronder bevindt zich de verwarming. Misschien verplaatsen? Goed in de gaten houden.
Met E even teruggekeken op het gesprek van gisteren. Vandaag of morgen mailcontact maken met de nieuwe leidinggevende voor een afspraak, zodat ik snel werkzaamheden zou kunnen oppakken. Nog veel vragen: waar, hoe, wat, voor wie?
Eind van de ochtend naar de fysio. Laatste keer. Bewegingsvrijheid is bijna helemaal terug; toch moet ik nog wat doorrekken. Bij problemen maar weer contact opnemen.
Na afloop doorgewandeld naar de supermarkt voor broodjes en vlees. Weer thuis met z’n drietjes de lunch gebruikt. Vreemd: het is weer druk in mijn hoofd. Gesprekken gaan door elkaar heen, ik vang overal prikkels op die ik niet kan ‘zeven’, hoofdpijn.
Dus maar even naar buiten, ook al regent het lichtjes. Op de Eglantier koop ik een vlamverdeler; handig bij de stoofpotten die ik nu regelmatig maak.
Weer thuis blijkt dat de (oude) leidinggevende heeft gebeld. De nieuwe neemt komende week contact op. Ik was van plan om zelf een mail te maken; weet nu even niet wat ik moet doen. En een groepje collega’s wil me uitnodigen voor een etentje ergens. Leuk, lief. Maar ik hoop dat het ergens zal zijn waar geen achtergrondgeluid is. Op dit moment is het weer even soep in de kop. Of de kop in de soep, dat kan natuurlijk ook.
Ik wil Tim een mail sturen, maar heb z’n mailadres niet. Hij heeft vandaag (via Fecesboek?) contact met E en hij gaat een mail sturen? Hoop het! (Wacht, ik zie dat zijn mailadres nu in mijn lijst van contactpersonen staat.)
Al om vier uur begin ik aan het eten: een stoofpot. Basisrecept komt uit het blaadje van de supermarkt; mijn variatie: in de tajine en uiteindelijk met broccoli in plaats van de eeuwige kikkererwten.
Ik maak een mail aan Tim.
Het eten: smaakcombinaties prima, maar ik had de broccoli iets te vroeg bij de tajine in gedaan. Hierdoor sufgeprutteld.
’s Avonds lees ik de PROG. Daarin een artikel over een album van Steeleye Span, geïnspireerd op een boek van Terry Pratchett. Terry Pratchett? Moet ik die gaan lezen? Dat schijnt humoristische fantasy te zijn. ’s Proberen. Wintersmith heet het boek en het album. Beiden een aanrader, volgens het tijdschrift. Iemand?

Woensdag 22 januari
De dag rustig begonnen; er staat het een en ander op stapel. Koffie, mandarijnen, krant, boek.
Om half twaalf uur loop ik naar de bushalte en ik sta – keurig volgens planning – voor half een op het station in Arnhem. Ik wacht een half uurtje en neem de bus van een uur, zodat ik iets voor half twee op het terrein van ‘s-Koonings Jaght ben. In de wachtkamer van de medische dienst zie en spreek ik Margo, een collega met wie ik veel mag samenwerken. Ze is blij me te zien. Het is wederzijds.
Het gesprek met de bedrijfsarts verloopt goed. Ik kan aanvankelijk mijn aandacht er prima bij houden; later, als hij hardop gaat denken en tegelijkertijd allerlei dingen intypt, wordt het lastiger. Gelukkig is het belangrijkste al vastgesteld. We maken een probleemanalyse. Waar sta ik nu? Duidelijk is dat het werkgerelateerde deel van mijn burn-out voornamelijk is veroorzaakt door externe factoren. Zelf heb ik al stappen ondernomen om onder behandeling van een psycholoog te gaan, dus voor het werk is het van belang dat ik een traject met een loopbaancoach inga. Daarnaast wil ik op redelijk korte termijn weer aan de slag. Ik heb nog moeite met het verdelen van energie en kan nog niet volledig alles aan. Starten met twee uur per dag op twee niet aaneengesloten dagen in de week, inlezen, korte taken die lukken. Succeservaringen opdoen. Ik moet zelf contact maken met de leidinggevende en hierover afspraken maken.
Weer buiten zie ik de bus van 14.40 uur voor mijn neus wegrijden. Geen nood; ik heb iets te lezen bij me en de zon schijnt. Het voelt goed. Door wegopbreking in het centrum van de stad mis ik de bus vanaf het Centraal Station Arnhem naar Apeldoorn. Uiteindelijk ben ik pas om 17.00 uur thuis en ondertussen is een knoop van mijn jas eraf.
In mijn hoofd deuntjes van CSNY, Mike Oldfield, T-Rex (Get it on) en Bruford. Waarom?
Ik neem even wat rust. E eet vanavond buiten de deur, dus voor Luuk en mij dé gelegenheid: spaghetti! Eenvoudig recept, maar groot plezier.
’s Avonds lees ik Theroux uit en begin ik in de PROG.

Dinsdag 21 januari
Vanochtend een nieuw inzicht. (Goh.) Na wat er afgelopen donderdag is gebeurd, ben ik angstig, weer geschrokken van mijzelf. De afgelopen negen weken ben ik veel van mijzelf geschrokken. Ik kan mijzelf niet meer vertrouwen, is mijn conclusie. Dan kom ik er niet met alleen een (loopbaan-)coach op het werk. Ik ben eruit: ik moet behandeld!
Als ik de krant lees, ontdek ik dat meesterdirigent Claudio Abbado is overleden. Tachtig jaar. Weer een legende ons ontvallen. Heb ik eigenlijk opnamen van Abbado in huis? Moet ik toch eens nakijken. De rest van de dag zit de melodie van Abbadon’s Bolero (Keith Emerson) in mijn hoofd. Vreemd.
Bij de huisarts: verwijsbrief naar behandelaar gekregen. Oxazepam verder afbouwen naar drie maal een kwart tablet per dag. Over twee weken (4 februari) weer een afspraak.
Telefonisch contact met de behandelaar voor een afspraak: ik kan pas in april terecht. Is ver weg, maar dat moet dan maar. Vanmiddag de verwijsbrief langs brengen.
Ik wandel even naar buiten, maak bij de supermarkt een kopie van de verwijsbrief en koop broodjes.
Reinier heeft de laatste proefdruk van het boekje Bas, Willem en ik gestuurd. Ik loop het na op fouten. Paar kleine correcties nog. Maar wat ziet het er goed uit! Met een beetje geluk is het zondag 9 februari klaar. Dan lezen we voor in Sam Sam.
In de middag wandel ik naar het centrum. Bij de behandelaar geef ik mijn verwijsbrief af. ‘Er staat niets in waar het precies om gaat,’ is de reactie van de aardige en mooie mevrouw van de receptie. ‘We willen graag bekijken welk soort behandelaar het beste bij uw aandoening past.’ Ik mompel iets over burn-out en zelfvertrouwen.
Daarna loop ik langs de FRS. Het is inmiddels alweer twee jaar geleden dat Plato Apeldoorn kapot ging; nu gaat een andere gigant eraan. Waar koop ik nu mijn muziekjes? Bij een groot warenhuis of de boekhandel? Of moet ik toch online? In de sluitingsuitverkoop is bijna niets behoorlijks meer te vinden, of het moet de Buena Vista Social Club dvd zijn of De Illusionist. Maar dan houdt het wel op.
De nieuwe PROG is er. Veel leesvoer over supergroepen. Leuk.
Luuk maakt zijn beruchte smurrie van kip met courgette en rode linzen. Het is jezelf dichtmetselen, maar wél lekker!
In De oude Patagonië-Expres van Paul Theroux lees ik een interessant stukje: ‘Schrijven is een onmogelijk vak om te beschrijven. En zelfs wanneer die onthulling geen verbijstering wekt, reageert men met overdreven respect en is men geneigd een gewoon gesprek om te zetten in een interview.’

Maandag 20 januari
Verhip, dit is al de tiende week dat ik thuis ben. Ik sta op, voel me opgelucht en opgewekt. Bevrijd, lijkt het wel. En dat terwijl het ‘blue monday’ is! Vanaf vandaag ook de oxazepam voor de helft afgebouwd; nu nog drie maal daags een half tablet.
Als E naar haar werk is vertrokken, ga ik even hier achter de computer zitten. Al snel vind ik Winrar, download het en pak het enorme bestand van Aar uit. Dank je wel, goede vriend! Hier ben ik heel blij mee. De belangrijkste foto’s van juni 2011 t/m november 2013 heb ik hiermee terug.
Dan op de fiets naar de markt voor mandarijnen en kaas. In mijn hoofd: Ohio en Our House door CSNY. Waarom? Eerst ga ik even de boekhandel in. Ik wil Michael Palin’s Brazilië bestellen. Die hebben ze in de winkel liggen! Thuisgekomen blijkt het de Engelse versie te zijn en ik wil de Nederlandse vertaling. Kan ik weer terug. Of doe ik het niet en lees ik gewoon deze Engelse versie? Mis ik dan niet alle grapjes? Mwoa, ik denk het niet. Nu nog eens op zoek naar de dvd’s van de televisieserie, want die heb ik vorig jaar (of inmiddels bijna twee jaar geleden) volledig gemist.
Ik heb mailcontact met Lex; hij wil mogelijk spelen op zondagmiddag 9 februari, na de voorstelling van Bas, Willem en ik. Dan komt hij met The Bottles. Altijd leuk. Ook leuk: 8 maart speelt hij met The FoolZ in Sam Sam!
Ik zoek gratis fotobewerkingsprogramma’s op internet, vind er een paar, download ze, maar wis ze ook weer snel. Nog niet iets gevonden wat gebruiksvriendelijk is. (Lees: makkelijk voor zo’n computer-ei als ik.) Alleen GIMP2 laat ik nog even staan, al heb ik nog niet echt een knop ‘eenvoudig bewerken’ gevonden.
Met Luuk een lunch en daarna met hem een schadeformulier doorgenomen, zodat hij weet wat er ingevuld moet als er ooit iets gebeurt. Niet dat er ooit iets gebeurt. Vervolgens naar buiten, wat boodschapjes gehaald. Het is koud!
Avondeten: boerenkoolstamppot zonder aardappelen. Spekjes bakken, gehakt erbij rullen, rode ui, rode peper, reepjes knolselderij, twee tenen knoflook, dan gehakte boerenkool erbij, laten slinken, een deciliter bouillon en een half uur laten pruttelen. Oppeperen en opzouten. Sla erbij mag, is niet noodzakelijk.
Verder lezen in Theroux. Best een prima dag!

Zondag 19 januari
Ik ‘moet’ om 09.00 uur opstaan. Koffie drinken en even naar buiten. De zon schijnt.
Wat ga ik dinsdag met de huisarts overleggen? Ik zou nadenken over hoe ik geholpen wil worden. Red ik het met een coach op het werk en een loopbaantraject alleen? Moet ik onder behandeling? Zo ja, wat is mijn vraag dan? Wat gebeurde er donderdagavond? Ik had verwachtingen die niet uitkwamen, het was niet harmonieus, ik voelde me een waardeloos persoon. Het raakt me. Moet ik daar iets mee? Of ben ik er zo emotioneel over vanwege mijn toch al niet zo stabiele geestestoestand?
Onder de koffie praat ik erover met E. Zij gaat erover meedenken.
Na de uitgebreide lunch stappen Luuk en ik in zijn auto. Hij rijdt ons naar Paleis Het Loo. We lopen in het park de route naar de karpervijver en weer terug. Het is leuk en gezellig. Luuk rijdt rustig en netjes; ik voel me prima op mijn gemak bij hem in de auto. Geweldig!
Als we thuiskomen, is E even op stap. Aar heeft alle foto’s die ik ooit voor de webstek heb geüploaded in een zip gezet; ik download het bestand. Nu nog een programma vinden waarmee ik het allemaal kan uitpakken. Ik bereid het eten voor: een kipcurry met kerrie, paprika, ui, wortelpeterselie en wortel. Voor koolhydraatmonster Luuk is er wat rijst bij. Voor ernaast een fikse salade van veldsla, komkommer, rode kool, tomaatjes en gorgonzola.
E is om kwart voor acht terug en na het eten begin ik in Paul Theroux’ De oude Patagonië-Expres. Verslavend, die reisboeken.

Zaterdag 18 januari
Laat op! Ik ben pas om 10.30 uur beneden. Ik lees de eerste krant en merk dat het rustig is in mijn hoofd. Op de fiets doe ik een rondje boodschappen: de grote supermarkt en de Turkse winkel.
De wasmachine functioneert weer naar behoren. Het water wordt goed afgevoerd en er is geen lekkage meer of overstroming.
Na de lunch toch even naar buiten: op het Schubertplein koop ik een kaart voor Freek en ik loop via de wijk Zuid en het kanaal weer terug.
Thuis kan ik in alle rust de rest van de krant(en) lezen en begin ik aan het avondeten. Ik braad een varkenshaas in de oven en maak een groenteprut van paddenstoelen, ui, paprika, peper en courgette. Ook is er een grote bak veldsla met komkommer, bosui, tomaat en druiven. Ernaast de chorizo/kikkererwtentajine en bietensalade van donderdagavond.
Vanavond gaan we naar Heidi en Auke. Ik ben aanvankelijk fit en vrolijk, na drie kwartier wordt het anders. Er gaan gesprekken door elkaar heen, de achtergrondmuziek lijkt luider en ik volg alles moeilijker. Het lijkt erop dat het me uitput en ik ga naar huis. Uiteindelijk ben ik er anderhalf uur geweest. Thuis vouw ik was en ga ik naar bed.

• • •
 

17-01-2014

De schrijver (5)

Filed under: Publicaties voor FOK! - 2014 — bazbo @ 17:13

De schrijver bleef even staan en keek om zich heen.

(more…)

• • •
 

14-01-2014

Agenda 2014

Filed under: AGENDA! Nieuws - News — bazbo @ 15:06

Januari:
5 januari (zo) – opening expositie Gerard Oltmans, Cees de Wilde, Peter Vroon en Lisa – Art café Sam Sam, Apeldoorn – 16.00 uur (ik was er van 14.45 tot 15.30 uur)

Februari:
9 februari (zo) – Bas, Willem en ik vieren de crisis – Art café Sam Sam, Apeldoorn – 16.00 uur
13 februari (do) – opa Langereis wordt vandaag tachtig jaar
20 februari (do) – Ensemble musikFabrik – Muziekgebouw aan ’t IJ, Amsterdam – 20.15 uur

Maart:
8 maart (za) – The FoolZ – Art café Sam Sam, Apeldoorn – 21.00 uur
13 maart (do) – Back to Front, concertfilm van de 2013-tour van Peter Gabriel – bioscoop, Arnhem
15 maart (za) – signeersessie Bas, Willem en ik – boekhandel Nawijn & Polak, Marktplein, Apeldoorn – 14.00-16.00 uur (samen met Willem Bierman en Reinier Groenendijk)
15 maart (za) – opa viert zijn tachtigste verjaardag!
21+22 maart (vr-za) – Arf! Arf! Arf! Zappa weekend – De Singel, International Arts Campus, Antwerpen
30 maart (zo) – opening expositie Gera Zoet en Liesbeth Rommers, met muziek van Lexolo & Friends – Art café Sam Sam, Apeldoorn – 16.00 uur

April:
6 april (zo) – wijnproeverij Chateau Het Loo (met diverse korte optredens door Bas, Willem en ik) – De Wilde Pieters, Apeldoorn – vanaf 12.30 uur
16 april (wo) – dagje Deventer
26 april (za) – koningsdag – Apeldoorn

Mei:
2 mei (vr) – dagje Amsterdam
3 mei (za) – DeWolff – Gigant, Apeldoorn – 21.00 uur
16 mei (vr) – Bas, Willem en ik niet – Chateau Het Loo, Apeldoorn – 16.00 uur (voorleesvoorstelling samen met Willem Bierman en (speciale gast) Reinier Groenendijk in het kader van het evenement ‘Cultuur bij je buur’)
16 mei (vr) – Bas, Willem en ik niet – Brinklaan 376, 7311 JE Apeldoorn – 17.30 uur (voorleesvoorstelling samen met Willem Bierman en (speciale gast) Reinier Groenendijk in het kader van het evenement ‘Cultuur bij je buur’)
22 mei (do) – Yes – 013, Tilburg

Juni:
9 juni (ma) – The FoolZ – Bluescafé, Apeldoorn – 16.00 uur
12-17 juni (do-di) – Stockholm
28 juni (za) – Drakenbootfestival – langs het kanaal, centrum van Apeldoorn

Juli:
5 juli (za) – Crimson ProjeKCt – Parkstad Theater, Heerlen – 20.00 uur
13 juli (zo) – Finalefeest
15-22 juli (di-di) – vakantie in Noordoost-Duitsland
17-20 juli (do-zo) – Zappanale – Bad Doberan

Augustus:
16 augustus (za) – vuurwerkfestival – Scheveningen
30 augustus (za) – opening expositie Apeldoorn Fotostad – ACEC, Apeldoorn – 17.00 uur
30 augustus (za) – film Bon Dieu! – filmhuis Gigant, Apeldoorn – 19.30 uur

September:
20 september (za) – ijsavond – bij Reinier en GAteL
26 september (vr) – The Poor – Art café Sam Sam, Apeldoorn – 21.30 uur

Oktober:
11-12 oktober (za) – weekendje Posterholt, Limburg
17-19 oktober (vr-zo) – Roots in the Woods – Beekpark, Apeldoorn (ik was er vrijdagavond en zaterdagmiddag even)

November:
1 november (za) – Luuk viert zijn tweeëntwintigste verjaardag
2 november (zo) – Deco Jazz (Lex, Bert & Hal) – Art café Sam Sam, Apeldoorn – 16.00 uur
8 november (za) – Zappa Experience: The FoolZ + slagwerkorkest KNA Lunteren + lezing Co de Kloet – Schaffelaartheater, Barneveld
9 november (zo) – Zappa Experience (afterparty): The FoolZ + leden slagwerkorkest KNA Lunteren – Bluescafé, Apeldoorn – 16.00 uur
14 november (vr) – The Grandmothers – De Boerderij, Zoetermeer

December:
29 december – 2 januari (ma-vr) – winter in Zeeland

• • •
 

B-log: 11-17 januari 2014

Filed under: B-log 2014 — bazbo @ 13:10

Vrijdag 17 januari
Goed geslapen! Na de koffie loop ik naar een supermarkt in Matenveld voor alufolie en om te kijken naar blikvoer. Bij thuiskomst is E wakker. We drinken samen koffie en stappen dan op de fiets. Doel is de MediaMarkt, maar die gaat pas op 29 januari open. Ernaast ligt de Intratuin en die staat ook op ons lijstje. De winkel is grotendeels leeg en bezig om de kerstrommel op te ruimen. Er is veel lawaai, overal muziek, soms twee verschillende deunen door elkaar, en tamelijk luid vogelgezang. Ik wil eigenlijk zo snel mogelijk weg, maar het lukt me om de hele looproute te doen en zowaar nog mooie planten uit te zoeken ook. We maken mijn kerstpakket 2012 op (en moeten fors bijbetalen). De vensterbanken in onze woonkamer zien er mooi uit.
We lunchen samen en dan loop ik nog even naar buiten. Ik kom bij een andere grote supermarkt langs het kanaal bij het centrum en kijk eens voor linzen in blik. Niet dus. Wel wat andere dingetjes. Als ik weer thuiskom, is Plonia net gearriveerd. Het is leuk, gezellig en niet te lang en niet te belastend. Ondertussen begin ik aan het diner en merk dat het druk is in mijn hoofd. Uiteindelijk eten we grote garnalen uit de oven in een marinade van olie, kurkuma en gemalen sesamzaad en op een bedje van gefruite tomaatjes. Erbij komen aardappeltjes uit de oven en een grote sla.
Laat op de avond kan ik wat lezen en Michael Palin’s Nieuwe Europa komt uit.

Donderdag 16 januari
Slecht geslapen. Wakker geweest tussen 02.00 en 06.00 uur. De beklemmende angst is terug en ik heb een stille huilbui. Daarna een paar keer kort ingedut. Nare dromen, waarin ik in huiselijke kring agressief ben en met dingen gooi.
Wel op tijd weer op. Bij de koffie vraagt E hoe het met mij gaat. Niet goed. Ik huil. Waar komt het van? Geen idee. Ik vertel over de angstige nacht.
E zegt: ‘Toen ik beneden kwam, zag ik gelijk dat het niet goed was. En het erge is: ik raak al niet meer in paniek.’ Misschien maar goed ook.
Ik doe wat ontstopper in de afvoerbuis van de wasmachine en laat de laag water die erin staat eruit centrifugeren. Het lijkt goed te gaan.
E is vanaf half elf aan het werk en zal pas laat thuis zijn. Ik ga in de regen wat boodschapjes halen en daarna lunchen met Luuk. Om twee uur is mijn vader op bezoek. Hij is gezellig, geïnteresseerd, begaan. Verder gaat het over klokken, vakanties, Duits schrijven, zijn gedoe met de riolering. Ik ervaar het niet als belastend, eerder ontspannen. Na een uurtje vertrekt hij weer en laat Luuk hem nog zijn auto zien.
Nog even naar buiten. Het lijkt erop dat het nare gevoel weer is verdwenen.
Vanavond zal E laat thuis zijn: 20.30 uur. Ik neem met Luuk een voorafje en ga dan aan de slag met het hoofdgerecht: het wordt een tajine van chorizo met kikkererwten, laurier, salie en citroen, met daarnaast een bietensla met sinaasappel, gemarineerd in oranjebloesemwater, suiker en kaneel. Zeer Marokkaans. Ik kijk echt uit naar de thuiskomst van mijn vrouw. Als het dan zo ver is, een half uur later dan bedacht, blijkt E in een mindere bui. Om een of andere reden word ik zeer verdrietig. Niet omdat ze het eten niet lekker vindt – dat gebeurt wel eens meer -, maar omdat het niet harmonieus gaat en ik het me heel erg aantrek. Ik voel me teleurgesteld en nutteloos. Mijn verwachtingen zijn niet uitgekomen. Ik ben bang dat ik met dingen ga gooien, maar gelukkig doe ik dit niet.
Het lukt me niet om later op de avond nog iets te lezen. Ik ben te verdrietig, huil en ga vroeg naar bed.

DSCN3805 DSCN3808

Woensdag 15 januari
Op tijd op. De reparateur kan tussen tien en twee komen. Ik begin vast met het maken van E’s lunch. Het wordt een fikse preisoep met spek en allerlei andere vulling: bosui, paprika, ei.
Ik knip de kerstboom aan stukken en douw die in de groene container.
Marja is vanmorgen even op bezoek met haar nieuwe vriend. Hoe de hond heet, ben ik even vergeten. Als ze weer vertrokken is en we net aan de soep zitten, komt de reparateur. Dat zul je altijd zien. Er blijkt geen lekkage in de slang, maar de afvoerpijp is wat verstopt, waardoor het spoelwater omhoog uit de afvoerbuis komt. Tip: afvoerbuis wat verlengen. Knul is nog geen kwartier binnen geweest. Voorrijkosten zeventien euro, totaal: vijfenvijftig ballen. Hoppa.
In de middag loop ik door lichte regen naar een supermarkt. Daarna naar de bouwmarkt. Een ontstopmiddel is te betalen, een stukje pvc-buis van twee meter kost een tientje (ik heb twintig centimeter nodig) en een potje pvc-lijm is ook al gauw vijf pleuro. Eerst thuis maar eens kijken wat ik zelf nog heb.
Koken: Turkse gehaktschotel met postelein en ei, daarnaast spruiten met zoete appels in kaneel en komijn. De spruiten had ik vanmorgen al voorgekookt. Ik voegde ze vanavond toe aan de appeltjes, maar het resultaat is niet goed. De spruiten smaken naar niets (Luuk: ‘Zo zijn ze wel te doen.’) en de appeltjes zijn niet zo goed als een vorige keer. Volgende keer: apart bereiden en serveren. De gehaktschotel met postelein pakt wel goed uit. Het biologische sap van rood fruit ook, al ziet het er bij het inschenken uit als stookolie.
In mijn hoofd: een deuntje van Yellow Magic Orchestra (titel kwijt, maar het repeterende ‘Tokyo’ timmert door mijn hoofd) en een deel van het pianoconcert van Alberto Ginastera (goh).
Na het eten wil ik gaan lezen. Ik zit in de keuken. Plots is de beklemming er weer. Geluid doet me zeer. Ik kan me niet concentreren op het lezen. In de woonkamer kijkt E televisie, die niet eens hard staat. Als er gebeld wordt en E een telefoongesprek voert, wordt het me te veel. Ik huil. Na een half uurtje is het rustiger en kan ik lezen.
Als ik verder lees, moet ik toch weer glimlachen. Ik schrik van de gedachte dat ik zo plotseling rap van de ene stemming in de andere val, stommel, struikel en tuimel. Hoe kan het dat mijn kop zo raar doet? Ik begrijp het niet, maar dat komt vast doordat mijn kop zo raar doet.
Muziek luisteren, het leek zo dichtbij, maar het is nu weer een eind weg.

Dinsdag 14 januari
Ik sta op en ben alleen. E is vandaag opnieuw de hele dag weg naar een cursus.
Verder gewerkt aan deze B-log, site update, achterstallige mails gemaakt. De eerste stukken van B-log staan nu gepubliceerd op de site. Dan even kort naar buiten.
Bij terugkomst is er goed nieuws van Aar: de foto’s die ik heb geplaatst op de website, kan hij allemaal in mapjes naar mij sturen. Ze komen eraan! Mooi. Mooi.
Luuk helpt me herinneren: je zou cranberrycompote maken. Gedaan!
’s Middags ga ik even kort naar buiten. Rondje langs het kanaal.
Ik voel: ik ben bijna toe aan muziek luisteren. Nog nét niet helemaal. Ik wil het graag, het kan, ik ben de hele dag alleen, zou me kunnen concentreren. E is de hele dag weg. Toch lukt het nog niet.
Rond 17.00 uur: Ik ben onrustig, kan niet stilzitten. Gespannen, tegen het angstige aan. Wat is er? Luuk zou vanavond koken, maar ik heb het meeste voorwerk alweer gedaan. Sla maken, tafel dekken, alles klaarzetten. Dan ontdek ik dat ik vandaag de hele dag al geen pillen heb geslikt. Oeps.
Eten: Luuk warmt de restjes van de afgelopen dagen op: eerst de bamisoep, dan de groente-rijstschotel, tagliatelle en stoofschotel.
Mijn vader heeft gebeld. Hij wil graag weer een keer langskomen. Donderdagmiddag komt goed uit.
Lezen: Tom Wright is uit, Michael Palin’s Nieuwe Europa begonnen.

DSCN3797 DSCN3801

Maandag 13 januari
Ik sta op en ben alleen. E is vandaag de hele dag weg naar een cursus.
Na mijn kop koffie en de krant stap ik op de fiets en rijd naar het centrum. Bij Blokker koop ik een klein koekenpannetje. Handig voor de kleine gerechten voor E en allerlei andere dingen. Op de markt haal ik mandarijnen en kaas.
‘Werk je op donderdag niet meer daar?’ vraagt de kaasboer. Hij bedoelt dat ik normaal op donderdagmorgen altijd op de Anklaar kom shoppen bij hem.
‘Nee, soms werk ik in Arnhem,’ zeg ik. Waarom lieg ik?
De terugweg gaat via de supermarkt en de Turkse winkel. Ik mag het hele kilo maizena ruilen. Als ik bijna thuis ben, kom ik een bekende tegen langs het kanaal. Het is iemand die ik de afgelopen weken wel vaker heb gezien, maar dan kon ik hem ontwijken door snel een andere weg te kiezen. Ook nu weer denk ik: Fuck. Ik kan hem deze keer niet ontlopen.
‘Dag meneer Bas,’ zegt hij vriendelijk.
‘Hoi,’ zeg ik. Was dit moeilijk? Nee, het was niet moeilijk. Waarom ben ik hem al die tijd uit de weg gegaan? Waarom ga ik voortdurend mensen uit de weg?
Luuk en ik gaan samen lunchen. Ik bak spiegeleieren in het nieuwe pannetje.
Na de lunch ga ik eens achter de computer zitten. Ik werk de webstek bij: ik voeg de laatste columns vanaf 16 november in en maak een begin met de opzet van dit B-log. Nog iets bijzonders: voor het eerst sinds 9 november maak ik een foto: van de auto van Luuk.
Halverwege de middag loop ik via het Matenpark naar de Eglantier. Bij een grote supermarkt kijk ik naar blikgroente en ik koop verschillende blikjes. Misschien hebben die niet de coating/kunststof binnenlaag.
In mijn hoofd de hele dag: de melodie van Miles Behind door Chris Opperman.
Koken: bamisoep. E gebruikt liever geen noedels. Voor haar bak ik omeletjes en die snijd ik in reepjes.
Lezen: Tom Wright verder.

Zondag 12 januari
Ik ben als eerste op. Ben dan ook vroeg. Ik plan mijn stukjes voor de komende week op FOK! en Apeldoorn Direct in en vind een bericht van een medewerker op FOK!. Ik schrijf hem terug:

Bericht aan een kennis, die al zeven maanden met een burn-out thuis zit:

Ik spreek nogal wat mensen om mij heen die ook een burn-out hebben gehad. Bij iedereen kom ik erachter: het is bij iedereen uniek.
Aanpak van de huisarts is wel bij iedereen hetzelfde: 1 goed slapen, 2 regelmaat/dagritme, 3 lopen/wandelen. De eerste twee zijn een voorwaarde dat je de derde goed kan doen.
Ik merkte dat tijdens het lopen mijn hoofd leger en rustiger werd. Dat gaf ruimte om na te denken over van alles en nog wat. Toen kwam de oorzaak snel naar boven.
Omdat bij iedereen de hersenen, geschiedenis, ervaring, karakter, emoties en oorzaak anders zijn, zal de ‘oplossing’ of aanpak ook anders zijn. Ik kreeg van allerlei mensen allerlei adviezen en die heb ik allemaal serieus overwogen, maar toen ook serieus allemaal aan de kant gesodemieterd. Het is mijn probleem; ik heb de oplossing. Ik moet iets zoeken dat bij mij past.

Al na anderhalve week wist ik wel waar het voor mij zat. Het heeft te maken met druk. Niet dat ik druk ben of me druk maak, maar de druk die ik voel dat er op mij ligt. En de meeste van die druk heb ik mijzelf opgelegd. Ik moet van mijzelf van alles. In het werk, maar zeker ook thuis en vooral bij de dingen die ik in mijn vrije tijd doe. Ik wil dit schrijven en dat, dan moet dit klaar zijn en dan dat. Ik krijg vragen of ik met dit project wil meedoen of daarvoor een stuk wil schrijven. Ik wil dat allemaal, want ik vind heel veel leuk om te doen, maar het blijkt nu te veel. Ik schrijf weliswaar onbetaald, het is een uit de klauwen gelopen liefhebberij, maar ik benader het wel professioneel.
Ik ga de komende tijd nadenken over wat ik wel en wat ik niet (meer) ga doen. Het blijkt voor een groot deel te zitten in dat ik geen ‘nee’ kan zeggen.
In het werk: na vier zeer prettige jaren als persoonlijk assistent op inhoud, ging mijn baas weg. Er kwam iemand tijdelijk voor terug. Iemand die erg op afstand is en niet weet wat ik kan, wat mijn talenten en kwaliteiten zijn en die mij dus daarop niet inzet. Ik ben wel de assistent, maar er is niets persoonlijks aan en het is al helemaal niet op inhoud. Ik ben een secretaresse geworden en dat was nou juist wat ik niet wilde. Mijn huisarts noemt het ‘onderstress’: ik word te weinig geprikkeld en uitgedaagd om op mijn niveau te functioneren. Onderbelasting schijnt nog erger te zijn dan overbelasting. Daarnaast: heb ik over drie maanden nog een baan? Ik moet in beeld zijn, laten zien wat ik kan en nu zit ik thuis en kan ik niet laten zien wat ik kan. Ik ben helemaal niet in beeld; heb niet eens van mijn organisatie een kerstgroet ontvangen, laat staan een attentie.

Ik ben nu acht weken thuis. Na anderhalve week dacht ik dat het wel klaar was, maar dat bleek niet zo te zijn. Terugval gehad, opgekrabbeld, verdergegaan. Leek na vier/vijf weken weer heel aardig te gaan; ik was klaar voor de bedrijfsarts. ‘Je moet zo snel mogelijk weer deels terug naar de werkvloer. We gaan een plan maken.’ Weer druk. Terugval. Niet zo’n kleintje ook. Kerst was hier niet leuk. Plots had ik een nogal agressieve bui, smeet dingen door de woonkamer, heb in mijn shirtje een uur lang buiten voor het huis jankend in de regen gestaan, terroriseerde mijn gezin. En sprak uit: ‘Ik ben het zo zat. Ik wil mijn gezin niet meer in de weg staan. Ik wil niet meer.’ Hoppa, aan de oxazepam. Dat bracht rust. Gesprekken met de bedrijfsarts stopgezet.
De afgelopen week leek het toppie te gaan. Veel rust in mijn hoofd. Zowaar, er zat weer muziek in. Donderdag bezocht ik een locatie van mijn werk, dronk er koffie en kreeg weer zin. Kom maar op met die bedrijfsarts.
Gisteren met het gezin even de stad in, markt op, paar winkels in. Te lang, te veel. Thuis bleek er een klein lek bij de wasmachine te zijn, of ik daar even naar wilde kijken … druk. Huilbui, angstaanval. Stik, ik wil te veel, ik moet te veel. Kan nog helemaal niet zo veel aan.
Het blijft leren. Ik ben steeds zo verbaasd van mijzelf. Ik schrik ook steeds zo.

Ik kan van alles niet. Sinds een week of drie kan ik weer wat lezen en ik train mijzelf (boeken!). Sinds drie dagen kan ik een mail (of PM) maken zonder hoofdpijn. Televisie is een ramp (te snel, lawaai, ik kan het niet volgen, alle zenders zijn schreeuwzenders, reclame!, Duits). Maar het allerergste vind ik dat ik nog altijd geen muziek kan luisteren.
Als ik moe ben (lees: voortdurend), dan verwerken mijn hersenen geluid anders. Afzonderlijke geluiden of stemmen komen dan binnen als één soep van herrie die zeer doet in mijn hoofd. In de eerste week kreeg ik van De Vrouw een cadeau: een cd waarvan ze wist dat ik hem graag wilde hebben. Hij ligt nog steeds onbeluisterd naast de speler. We zijn een dagje naar Amsterdam geweest en in Concerto (mooiste muziekwinkel van Nederland) samen mooie dingen gekocht. Ik heb het nog niet gehoord. Mijn kerstcadeaus hebben tot ver na Nieuwjaar ongeopend onder de kerstboom gelegen. Het is stil in huis. Het is iets dat mij heel erg frustreert, pijn doet, boos maakt, verdrietig, wanhopig.
(Toch zijn we de afgelopen twee maanden twee keer naar een concert geweest. Het lukte me om geconcentreerd te luisteren. Ik moet me helemaal afsluiten en dan kan ik luisteren. Dus ik kan het wel; het komt wel. Ik moet alleen zijn. Nog zoiets. Ik moet en wil alleen zijn.)

Heel verhaal.
[…]
Ik kan er soms over schrijven; soms helpt dat ook. Het lost alleen niets op. Zet me wel aan het denken en helpt analyseren. Ik denk erover om op mijn webstek een aparte blog te maken over hoe de dagen momenteel gaan en wat er allemaal door mijn hoofd gaat. (Weer een plan, weer druk. Het is maar een plan, het is maar een plan!)

[…]
Ik heb inmiddels weer koppijn (niet van jou of het vertellen, maar van dat verrotte beeldscherm en mijn zotte kop) en ga een fikse kop koffie nemen.
De zon schijnt; ik wil naar buiten.

Groet,

Dan:
De zon schijnt inderdaad en ik maak een wandeling via de plasticcontainer en de Matenpoort naar het kanaal. Daar is iets gaande. Er staat een kraanwagen en een oplegger. Een man of acht met gele hesjes aan. Ik loop de fietsbrug op en zie hoe een auto uit het kanaal wordt getakeld. Om mij heen barst het van de zondagmorgenmensen.
Thuis ben ik nog altijd de eerste beneden. We brunchen. Daarna ga ik brooddeeg maken en kneden. Het moest met maismeel en tarwemeel, maar ik ontdek dat het maismeel dat ik gisteren bij de Turk heb gekocht helemaal geen maismeel is, maar maizena. Verder heb ik alleen tarwemeel dat eind 2009 over de datum is. Gewoon proberen. Het deeg moet anderhalf uur rusten.
In die tijd heb ik mooi de gelegenheid om via het KanaalZuidpad naar de Oude Beekbergerweg te lopen. In het Zuiderpark zie ik een boomklevertje (als het tenminste een boomklevertje is; dat moet ik nog nakijken). In mijn hoofd zit voortdurend Buoy door Mick Karn en David Sylvian. Het zit er al dagen. Word ik er al gek van? Ik krijg steeds meer zin om muziek te gaan luisteren. Wie weet morgen of overmorgen. Ik hoop het zo.
Weer thuis stop ik de deegbal in een bakblik in de oven. Ben benieuwd.
Ondertussen maak ik een tajine van rundvlees met bieten en sinaasappel. Gewaagde combinatie. Hij smaakt prima. ‘Zo zijn die bieten goed te eten,’ zegt Luuk. Het brood is minder geslaagd. De korst is goed, maar van binnen is het niet goed gaar; volgende keer langer doorkneden, denk ik. Volgende keer?
’s Avonds kan ik weer lezen aan de keukentafel. Het boek van Tom Wright is al halverwege.

Zaterdag 11 januari
Ik ben als eerste op en doe op de fiets wat weekendboodschapjes. We hadden afgesproken dat we om half elf alledrie op de fiets zouden zitten. Het wordt half twaalf. Luuk gaat kijken voor een navigatiesysteem, we halen kerrie op de markt, E wil naar V&D en we gaan ook nog even naar een fiets/autowinkel. In het grote warenhuis wordt het me te druk. Eigenlijk had ik naar huis moeten gaan, maar ik zet nog even door. We gaan via de Turkse winkel terug.
Als we om half drie thuiskomen, blijkt dat er lekkage is bij de wasmachine. Ik moet ernaar kijken. Het is te veel. Ik krijg een huilbui en gelijk kan ik niet eten. Geen lunch, dus. Ik ben vooral boos op mijzelf dat ik te veel wil en moet van mijzelf.
Aan het eind van de middag maak ik nog een korte wandeling door het Kanaalpark. Bij het lopen heb ik de vaart er weer aardig in, maar als ik geklop op een boomstam hoor, moet ik stil blijven staan. Kijk aan, een kleine bonte specht.
De lekkage verhelp ik tijdelijk met wat handdoeken om de afvoerslang en de toevoerkraan. Bij de hete was zit onbekend spul. ‘Ik heb nieuwe kussenslopen gekocht,’ vertelt E. Ze zijn fel groen. ‘Die kunnen afgeven. Misschien moet je ze even apart wassen.’ Dat doe ik niet. Het zal wel meevallen. Niet, dus. Ik heb nu groene sokken en veel handdoeken hebben een goorgroene waas.
Ik maak een spaghettischotel met serranoham, gehakt en tomaten. Tijdens het eten vertelt E dat ze onlangs op een Duitse zender (!) een reportage heeft gezien over groente uit blik. In bepaalde blikken zit aan de binnenkant een soort kunststof laag (Bonduelle!) en uit onderzoek blijkt dat die kunststof laag zeer giftige stoffen afgeeft. In Duitsland en enkele andere EU-landen zijn deze blikken al lange tijd verboden; in Nederland is het nog gewoon te krijgen. Dat wordt op zoek naar alternatieven. Voor kikkererwten en bonen is die er zeker, maar bruine linzen? Die willen we juist meer gaan gebruiken.
’s Avonds lees ik de autobiografie van Neil Young uit en begin ik in het boek Road Work van fotograaf Tom Wright.

• • •
 

B-log: 4-10 januari 2014

Filed under: B-log 2014 — bazbo @ 13:07

Vrijdag 10 januari
Terwijl E naar haar tweede behandeling is, doe ik op de fiets wat boodschapjes. Rond het middaguur komt oma op bezoek. Van het restje tomatensaus van gisteren heb ik een Marokkaanse tomatensoep gemaakt. Ik fruit een kruidenmengsel met saffraan en ui, voeg de tomatensaus bij en dan gaan er alleen nog wat bouillon, linzen, tuinbonen en kikkererwten bij. Het resultaat is overdonderend.
Ik maak een rondje door het Matenpark en over de Eglantier. Als ik terugkom, neemt oma afscheid. E vertelt dat ze graag wat anders wil gaan eten. Minder rijst, pasta, aardappelen en brood. Het zal lastig zijn, zeker op werkdagen voor haar, maar ik zie er de uitdaging en de puzzel ook wel weer in. Lang leve de zoektocht.
‘Maar morgen moet je nog een keer pasta eten,’ vertel ik.
‘En vanavond maak ik een rijst-/groenteschotel,’ is de reactie.
Mis. Zij maakt het niet. Als ik terugkom van mijn wandeling door het Matenpark en over de Eglantier, is ze druk bezig met het opruimen van papierwinkel. Of ik vast wil beginnen met koken. Vooruit. Ik begin niet alleen, ik maak het af ook.
In de avond vorder ik enorm in het boek over het leven van Neil Young. Het is zo positief allemaal, de man heeft heel wat meegemaakt, is soms een echte etter geweest, maar hij leert en ontwikkelt. Ik krijg zin om zijn box Archives vol. 1 weer te draaien.

Donderdag 9 januari
De wekker staat op zeven uur. Ik fiets naar Zevenhuizen en drink koffie met wat collega´s. Het is er rustig, de medewerkers zijn ook rustig en werken vol vertrouwen aan de toekomst. Dat doet me deugd. Ik krijg zin om weer te gaan werken, maar weet dat ik nog lang niet zo ver ben. De oud-collega’s zijn ook benieuwd naar hoe het met mij gaat en ik kan mijn verhaal goed vertellen. Ze zijn blij me te zien. Ik ben ook blij om hen te zien.
Na een half uurtje of drie kwartier loop ik naar mijn eigen kantoor. De afwas die er weken geleden al stond, staat er nog steeds. Ik bel mijn leidinggevende. Hij vertelt dat hij me gaat overdragen aan de nieuwe manager van de regio. Dat zal volgende week gebeuren.
Als ik thuiskom, komt even later Luuk ook aan. Met de auto! Het is een geweldig gave wagen. Hij is er trots op en terecht.
’s Middags loop ik nog een rondje en haal ik de laatste boodschapjes.
Bij de post zit een heel mooie brief van Tim! Ik ben er heel blij mee. Word er emotioneel van. Tim is mijn goede vriend. Ik zie hem niet zo veel, maar hij betekent veel voor mij.
Tijdens het koken komt Freek binnen. Het is ‘m gelukt! Alle foto’s van voor juni 2011 zijn gered. Ik vind het echt heel tof wat hij heeft gedaan. Dom dat ik er niet aan heb gedacht iets voor hem te kopen, maar dat ga ik snel doen. Dank je wel, Freek!
Het was mijn bedoeling dat ik kleine wraps (ver over de datum) zou vullen met de restjes van Luuks chili en mijn varkensvleestajine. De wraps blijken nogal keihard en niet op te rollen, dus moet ik iets anders verzinnen. Ik bedek de bodem van een ovenschaal met wraps, kwak de chilivulling aan de ene kant en de tajine aan de andere kant en dek de schotel  af met de resterende wraps. Ik maak nog snel een tomatensaus van gefruite uien en gepureerde gepelde tomaten en die giet ik erover. Met een boel geraspte kaas: best te pruimen. Er blijft weer over.
Het boekje over Hans Vandenburg lees ik uit en ik begin in de autobiografie van Neil Young.

DSCN3795 DSCN3796

Woensdag 8 januari
’s Morgens tijdens het lopend boodschappen doen krijg ik zin om de oude 45-toerenplaatjes van mijn moeder te gaan draaien. Het was haar verzameling waarmee ik als kind speelde en die me in contact bracht met allerlei stijlen muziek: klassiek, jazz, volksmuziek, pop, Italiaans, Spaans, noem maar op.
Thuis schep ik eens orde in onze fikse kruidenkast. Allerlei losse zakjes ruim ik op, ik vul potten bij en ontdek dat ik zo goed als alles ruim op voorraad heb.
’s Middags loop ik nog een keer naar het centrum. Deze keer heb ik mijn boekenbonnen in mijn jaszak en ga ik rechtstreeks naar De Slegte. O nee, dat heet tegenwoordig Polare. Gisteren was ik er ook en toen zag ik leuke items die ik nu gewoon koop. Het geheim achter het succes over Hans Vandenburg, Road Work – Rock ’n Roll turned inside out door Tom Wright, en Waging Heavy Peace, de autobiografie van Neil Young.
Als ik thuis ben, wordt er iets bezorgd. Het is een enorme bos bloemen van de vijf dames en heer van de intervisiegroep van het werk. Allemensen, wat gaaf dat ze aan mij denken. Ik heb van veel collega’s en mensen met wie ik mag samenwerken bericht gehad of kaarten. Dat doet me heel erg goed. Van de formele kant van de organisatie heb ik nog niets gehoord, ook nog geen kerstgroet of attentie. Misschien komt die nog.
Dank ga ik koken. Ik maak mijn eerste tajine: met groenten en varkensvlees (!). Erbij: rood druivensap.
We pakken de laatste kerstcadeaus uit: de hele serie kookwekkertjes voor iedereen. Voor mij liggen er nog twee pakjes die ik Eerste Kerstdag niet wilde uitpakken. Nu ben ik er klaar voor: Mike Keneally’s Sluggo (super deluxe editie) en You Must Be This Tall. Zonder te huilen. Want ik kan het nog altijd niet draaien.
Freek heeft vanavond mijn oude harde schijf opgehaald. Het is de oude harde schijf van de PC die we hebben gebruikt tot juni 2011. Mogelijk kan hij alle data eraf halen en op de nieuwe externe harde schijf zetten. Zo red ik al heel wat foto’s die ik kwijt raakte bij de crash op 12 november jl.
Ik lees ’s avonds Theroux’ De grote spoorwegcaroussel uit en begin aan het boekje over Hans Vandenburg. Leuk!

Dinsdag 7 januari
Vanmorgen ga ik naar de dokter. Ze is blij om me in goede conditie en stemming te zien. Ik vertel dat het me zelf zo verbaast niet alleen hoe snel ik zo kon terugvallen, maar ook hoe snel ik ook weer kan opkrabbelen. Vraag is hoe ik nu verder moet. Huisarts vraagt mij daar de komende tijd goed over na te denken: hoe kan ik hulp krijgen en welke hulp is nodig? Ik weet het nog steeds niet. Daarnaast adviseert zij dat ik de oxazepam langzaam ga afbouwen. Nu slik ik nog drie keer daags een heel tablet. Ik moet eerst een paar dagen op één tijdstip een half tablet nemen in plaats van een hele. Dan na die paar dagen op een ander tijdstip ook een halve en dat ook weer een paar dagen volhouden. Ten slotte op het derde tijdstip het tablet halveren. Over twee weken spreken we elkaar weer.
Luuk is in Epe geweest om zijn auto op te halen. Hij mocht hem zelf naar Klarenbeek rijden; donderdag is hij van hem. Nu nog de verzekering en dergelijke regelen!
’s Middags loop ik naar het centrum en ga ik in allerlei boekwinkels op zoek naar boeken over de tajine en de Marokkaanse keuken. In Polare liggen mooie werken over muziek; die moet ik onthouden. Uiteindelijk koop ik bij Nawijn voor een prikkie twee kookboekjes die ik zocht.
Ik kan ze nog niet in de praktijk brengen, want het is de beurt aan Luuk om te koken. Hij maakt een eenvoudige chili. Zonder tomatenpuree smaakt hij wat kaal, maar hij is goed te eten. Er blijft ook wat over.
Lezen: verder in De grote spoorwegcaroussel.

Maandag 6 januari
Terwijl ik naar het centrum fiets, krijg ik in mijn hoofd zin in muziek van Sibelius. Toe maar. Eerst ga ik eens bij Xenos kijken en daar koop ik voor weinig geld een Marokkaanse tajine. Dan naar de markt voor fruit en kaas.
Ik lunch met Luuk en ga dan een rondje lopen door Matenhoeve en Matendonk.
Luuk heeft zijn keuze gemaakt: het wordt de rode Fiësta. Morgen kan hij met een medewerker van het autobedrijf mee naar Epe om hem op te halen.
E is de hele dag zo’n beetje aan het werk en komt pas ’s avonds thuis. Ik heb dan de restjes van de afgelopen dagen opgewarmd: de gevulde kool, de risotto en de aardappelpuree.
Na het eten lees ik Palin’s Himalaya uit en begin ik aan het eerste boek in mijn serie van Paul Theroux: De grote spoorwegcaroussel. Amusant.

Zondag 5 januari
Als ik ben opgestaan vraagt E of ik eens op de weegschaal wil gaan staan. Vooruit. Ik weeg 70,4 kilo. Meer dan tien kilo afgevallen in de afgelopen weken! De truc is simpel: geen alcohol en minder eten.
Ik loop een rondje en na de brunch fietsen we naar Art café Sam Sam. Gerard, Cees, Peter en Lisa openen hun expositie. We komen binnen om 14.45 uur. Eigenlijk gaat het café pas om 15.00 uur open, maar Peter is er ook al en laat ons wat foto’s zien. Ook Lisa geeft een rondleiding. Na enige tijd komt er meer volk binnen. Meer volk betekent meer gesprekken om me heen en ook dat de muziek harder gaat. Het is voor mij het moment dat ik moet gaan. Het is dan 15.30 uur.
Thuis ga ik uitgebreid koken. Luuk had vlak voor Kerstmis een grote spitskool meegenomen van de Stadsakkers. Ik ga de bladeren vullen met een mengsel van gehakt en paddestoelen. Daarnaast maak ik een risotto (!) en die lukt!
Na het eten kan ik nog enige tijd lezen in Himalaya.

Zaterdag 4 januari
Als ik op de fiets zit voor een rondje weekendboodschappen, voel ik dat er weer meer muziek in me komt. Ben ik vrolijk? Ja, ik ben vrolijk! Dan komt er een grote vrachtwagen voorbij. Au, lawaai! Ik zal nog een tijdje moeten wachten met muziek.
’s Middags loop ik een rondje. Als avondeten maken we allerlei deeghapjes op en grillen we de kipkluiven uit Luuks kerstpakket.
In één ruk lees ik O’Hanlon’s Storm uit (blijft een meesterwerk) en aan het eind van de avond begin ik in Michael Palin’s Himalaya.

• • •
 

B-log: 1-3 januari 2014

Filed under: B-log 2014 — bazbo @ 13:06

Vrijdag 3 januari
Ik maak een korte wandeling in de ochtend. Na de lunch loop ik naar het centrum. Bij Dixons koop ik een externe harde schijf.
E kookt: aardappelpuree met rode kool en hachee.
Na het eten lees ik Sahara uit en begin ik aan Redmond O’Hanlon’s Storm. Wat een een verhaal!

Donderdag 2 januari
Een rustdag.
Pas ’s middags kom ik in actie. Ik loop naar de fysio. Het gaat goed met mijn schouder. Hij zit niet vast; integendeel, ik heb juist meer bewegingsmogelijkheden. Ben ik klaar? Bijna. Over drie weken voor de zekerheid nog een laatste behandeling.
Luuk is met Coen naar een autobedrijf in Klarenbeek geweest. Zijn oog is gevallen op twee modellen Ford Fiësta. Hij denkt nog even na wat het gaat worden.
’s Avonds eten we de restjes soep en Turks brood. Heidi komt de laatste bak soep ophalen.
Ik lees verder in Palin’s Sahara.

Woensdag 1 januari – Nieuwjaarsdag
Ik sta om 08.30 uur op en bots tegen E, die op het punt staat naar bed te gaan. Gelukkig Nieuwjaar, schat.
Na de koffie ga ik naar buiten. Ik wil wat plastic in de container gooien, maar de container blijkt afgesloten. Dom, ik had het kunnen weten. Ik zet mijn zakje naast de enorme berg plastic zakken die toch al naast de container ligt. Dan ga ik door naar het Matenpark. De zon schijnt en het is heerlijk rustig. Hé, hier is weer een paadje en een stukje langs een stroompje waar ik nog nooit eerder ben geweest. Nu wel.
Thuis is het heel stil beneden. Ik maak een brunch en om 14.00 uur E wakker. We eten een broodje en gaan ons open huis voorbereiden. Dat is bijna geen werk. Ik kan zelfs nog een uurtje naar buiten voor een ‘rondje Kanaal’.
Om 17.00 uur begint ons feestje. Andere jaren was het de zoete inval vanaf een uur of drie, maar gezien mijn omstandigheden doen we het dit keer anders. Het kleine groepje dierbaren is er. Iedereen is in de woonkamer, ik zit in de keuken. Slechts heel af en toe komt er iemand bij mij en vraagt hoe of wat. Zo is het goed; ik heb geen last van lawaai. Er is één moment dat het even te veel lijkt te worden: ik heb de Caraïbische pompoensoep klaar en als er meerdere mensen in de keuken staan, vragen er twee door elkaar ook nog verschillende dingen. Ik red het.
We hadden afgesproken dat het tot 19.00 uur zou duren. Om 20.00 uur is iedereen weg. Iets later dan gepland, maar dat is niet erg. Het is ons gelukt. Het is mij gelukt. De schade is te overzien.
Ik ben wel heel moe. Als de meeste afwas is weggewerkt en opgeruimd, is het nog vroeg. Ik kom niet tot lezen en ga ouderwets zitten te zitten aan de keukentafel.

• • •
 
« Vorige paginaVolgende pagina »