bazbo – de wereld van Bas Langereis, het middelpunt der aarde

Bas Langereis leest u voor!

15-02-2020

Amsterdam Klezmer Band – Luxor Live, Arnhem – vrijdag 14 februari 2020

Filed under: Fotogalerij 2020,Muziek - Music - LIVE — bazbo @ 16:55
• • •
 

09-02-2020

Bas, Willem en ik – Theaterzaal Walvis, Gigant, Apeldoorn – zondag 9 februari 2020

Foto: Ernst van Rossum



En hier zijn foto’s gemaakt door Ernst van Rossum:



Setlijst:

Bas: De zeven sloten tegelijk
Reinier: Overpeinzingen I, II en III, Noordoostpolder,
Willem: Deelder, Rivier- en Griftteksten, Braaf,
Bas: Fijne dag!
Reinier: Twee, Willem
Willem: Friese teksten, Boodschappenlijstjes, Kroketgedichten,

Toegiften:
Bas: allerlei zeer kort spul: Raar, Begrip, #kortverhalen, Gedicht bij de verjaardag van mijn vrouw, Luchtje
Reinier: allerlei zeer kort spul
Willem: allerlei zeer kort spul

Foto: Ernst van Rossum
• • •
 

07-02-2020

B-log: 8 t/m 14 februari 2020

Filed under: B-log 2020 — bazbo @ 18:55



Vrijdag 14 februari: Amsterdam Klezmer Band in Luxor, Arnhem
Zeven uur op. Koffie. Drie kwartier later heb ik de werklaptob open. Inloggen lukt thuis ook op de werklaptob niet, merk ik. Dus bel ik de helpdesk van het werk. Om half tien weten we dat het echt niet gaat lukken. Ik besluit naar kantoor te gaan. Eind van de middag zouden we toch al in Arnhem zijn, dus dit is niet eens erg. Elf uur zit ik op de werkplek. Nog geen half uur later belt de helpdesk: probleem opgelost, zeggen ze. G*dver. Nou ja. Nog een half uur later belt iemand anders van de helpdesk die me ook vertelt dat het is opgelost. Ook fijn. Ondertussen zeer aan het werk met van alles. Kwart over vier vind ik het welletjes. Ik tref De Vrouw op het Willemsplein en we zoeken een eettent op de Korenmarkt. Die vinden we. Eerst wat (thee) drinken en later bestellen we kipsaté en citroenrisotto. Zeer smakelijk. Half acht staan we voor zaal Luxor. Al snel is er iemand die ons mee de zaal in neemt en de bestelde kruk (voor De Vrouw) laat zien. We zoeken een mooi plekje ergens op een verhoging, zodat we goed zicht hebben op het podium. Niet lang na acht uur begint het feest. De Amsterdam Klezmer Band zet gelijk een fiks tempo erin. Ha, dit is ouderwets goed. Volgens mij hebben we ze bijna tien jaar niet gezien. Na een paar nummers ga ik naar voren om een paar fotootjes te maken. Trombonist Joop herkent me gelijk en schudt mijn hand. Het is echt een enorm feest van een concert. Veel nieuwe stukken die heerlijk swingen, de niet heel goed gevulde zaal gaat uit de bol en de band heeft er veel plezier in. Na afloop koop ik de nieuwe cd Fortuna en spreek ik Joop. Hij is benieuwd naar hoe het met me gaat en ik naar hem. Heel kort kletsen we bij en ik beloof dat ik binnenkort op een of andere manier contact met hem zoek. We hebben de bus van iets over tien en drie kwartier later zijn we thuis. Heel even zitten en dan ga ik naar bed.
Muziek vandaag: het tweede plaatje uit de doos The Virgin Years 1974-1978 (Tangerine Dream)



Donderdag 13 februari: Onze Vader wordt 86 jaar
Niet goed geslapen. Eenmaal op, toch opgewekt en weinig last. Op de werkplek ligt veel. Veel doe ik. Tussen de middag wandel ik door bos, veld en regen. In de middag doe ik ook veel. Half zes thuis. De Vrouw serveert witlof met ham en kaas uit de oven, een schotel van gele wortel, paprika en spek, plus Duitsche biefstukken. Ernaast staat de spitskool salade van gisteren. De afwas is snel gedaan. Even na zeven gaan we met de bus (want stortbui) naar Onze Vader. Hij is vandaag jarig en ontvangt vanavond wat mensen. Mijn Broer is er met Schoonzus, Zus, twee oude buren. Alleraardigst. Voor tienen gaan we weer terug en om half elf lig ik in bed.
Muziek vandaag: geen.



Woensdag 12 februari:
Half acht pas wakker en op. Koffie. Half tien wandel ik naar de biowinkel. Het is zonnig, maar koud en waaierig. Thuis koffie. Dan loop ik naar een fotograaf in het centrum om wat oude foto’s afgedrukt te krijgen. Thuis meer koffie. Lunch met De Vrouw. Afwasje. Dan weer naar de fotograaf om de afgedrukte foto’s te halen. Webstek. Krant en anders lezen. De nieuwe bovenbuurman heeft op 1 februari de sleutel van het huis gekregen en is zeer aan het verbouwen. Nogal lawaai. Tegen vijf uur maak ik avondeten. Eerst een salade van spitskool, mandarijn en sultanarozijn. Dan een chili van kastanjechampignons, bosui, rode ui, knoflook, bleekselderij, tomaten, canellibonen en mais. Ten slotte bak ik kogelbiefstukken. We eten en praten. Er zijn kleine toetjes yoghurt met perzik en maracuja. Ik was af en ga dan hardlopen. Het hagelt niet meer, het is niet eens heel koud en de wind is gaan liggen. Eigenlijk loop ik heel gemakkelijk. Webstek, lezen (Eco’s uitermate vermakelijke Baudolino uit en beginnen in de PROG) en luisteren. Nog voor tien uur lig ik in bed.
Muziek vandaag: het eerste plaatje uit de set The Virgin Years 1974-1978 (Tangerine Dream), het vijfde plaatje uit de doos Body Of Work 1978-1988 (Godley & Creme), White (White), Otrabanda (Sam Vloemans), Immigrance (Snarky Puppy), Reinvention (Gryphon), Street Dreams (Lyle Mays)



Dinsdag 11 februari:
Onderweg in de bus ontdek ik online dat Lyle Mays gisteren is overleden. Barst. Gisterenavond draaide ik nog een plaat van hem. Raar. Zijn verscheiden raakt me. De laatste jaren was hij niet meer heel erg in beeld, maar zijn klank(tapijt)en en melodielijnen (bij Pat Metheny Group en solo) hebben altijd veel indruk op me gemaakt. Op de werkplek ligt nog van alles en ik haal veel achterstallig werk in. Tussen de middag wandel ik door bos. Ook in de middag fijn aan de slag. Half zes thuis. De Zoon is er een half uur later voor het avondeten. De Vrouw serveert een schotel van gehakt met allerlei groente en een salade van ui, komkommer en kerstomaat. De Zoon heeft weer allerlei te vertellen. Dan afwas. Webstek, lezen en luisteren. Zo hoor ik een vinylplaat van Lyle Mays die ik in maart 1987 kocht. Drieëndertig jaar geleden! De plaat is nog als nieuw en Mays is net zesenzestig geworden. Dan was hij dus op de helft van zijn leven toen ik zijn eerste soloplaat kocht. Wat een bevreemdende gedachten. Nog voor half elf ga ik slapen.
Muziek vandaag: Sum Of Erda (Guranfoe), het tweede plaatje van The Ludwigsburg Concert (Lyle Mays Quartet), Flash Of The Spirit (Jon Hassell & Farafina), Lyle Mays (Lyle Mays)



Maandag 10 februari:
Redelijk geslapen weer. Buiten waait het nog flink en de regen erbij is niet fijn. Toch ben ik op tijd op de werkplek. Daar is het stil; maakt wel dat ik van alles kan doen wat ik op de lijst met plannen heb staan. Tussen de middag wandel ik door veld en bos. In de middag verder met het vele. Half zes thuis. De Vrouw serveert de twee schalen met restant ovenschotels van zaterdag. Die zijn nog heel goed. Tussendoor praten we bij over van alles. Afwas en afval. Dan handel ik mail af, werk ik de webstek bij en lees en luister ik tot het tien uur is.
Muziek vandaag: Flash Of The Spirit (Jon Hassell & Farafina), Sum Of Erda (Guranfoe), het eerste plaatje van The Ludwigsburg Concert (Lyle Mays Quartet)



Zondag 9 februari: Bas, Willem en ik in theaterzaal Walvis, Gigant, Apeldoorn
Kwart voor zeven op. Nog geen drie kwartier later loop ik een ronde hard. Het waait hard en af en toe heb ik fiks wind tegen, maar eigenlijk maakt het geen bal uit. Heel koud is het niet. Thuis weer terug in bed. Half tien opnieuw op. Koffie met De Vrouw. Bijpraten. Meer koffie met De Vrouw. De Zoon is er iets na twaalf uur voor lunch. Dan afwasje. Even over een wandelen De Vrouw en ik naar Gigant. De zaal Walvis is een vestzaktheater en vanmiddag lezen Bas, Willem en ik voor uit eigen werk. Er zit een man of twintig in het zaaltje, het is knus, intiem en mooi. We mogen vullen van kwart over twee tot half vier. Er is zaalversterking, er is licht, er is een piano. Ik lees een lang, een korter en in de toegift een boel ultrakorte verhalen. We horen veel gegrinnik. In het publiek enkele trouwe luisteraars, maar ook nieuwe mensen. Plus Ank en Bob zijn er. Ik ben vooral blij dat de mensen speciaal voor ons naar het theater zijn gekomen (en de toegangsprijs hebben betaald) en meen dat we van een mooi succes mogen spreken. Na afloop drinken we nog iets in het café van Gigant. Dan gaan we weer naar huis. Niet lang. Omkleden, cadeau mee en door de windvlagen en rukwinden naar de vijfde verjaardag van Neef. De Zoon komt daar ook. We eten taart en drinken iets. Dan is het zes uur en rijden we naar een Chinees restaurant op de route. Ik eet lenterolletjes en Chay Cha: paddenstoelen met Chinese groente en bami. Zeer smakelijk. Op de terugweg regent het harder en nogal nat komen we om kwart over acht thuis. Ik werk de webstek bij en luister. Tien uur.
Muziek vandaag: het vierde en vijfde plaatje uit de doos The Virgin Years 1977-1983 (Tangerine Dream), Burnt Weeny Sandwich (Frank Zappa), Terry Riley: Sun Rings (Kronos Quartet)



Zaterdag 8 februari:
Kwart over zeven wakker en op. Koffie. Anderhalf uur later wandel ik naar de markt voor fruit, groente en vis. Erna loop ik naar de bioslager en biowinkel. Koffie met De Vrouw. Ik kook bieten. Meer koffie met De Vrouw. Bijpraten. De Zoon is er om half een voor lunch. Afwas en stofzuig. Dan lopen we het centrum in en bezoeken een paar winkels. Thuis krant lezen. Dan avondeten maken: een ovenschotel van rode biet, rode ui, witlof, peer, walnoot en blauwe kaas, plus ook uit de oven: victoriabaars in tomatensaus. Erbij komt het restant salade van gisteren en het nagerecht bestaat uit verse aardbeien. Afwas weer. Dan webstek, luisteren en lezen. Half elf maar weer.
Muziek vandaag: het tweede (en een stukje van het derde) plaatje uit de set The Virgin Years 1977-1983 (Tangerine Dream), Dizrhythmia Too (Disrhythmia Too), Nexus (Virgil & Steve Howe), de rest van het derde plaatje uit de set The Virgin Years 1977-1983 (Tangerine Dream), Carmelina (Totó la Momposina), het eerste plaatje uit de doos Love From The Planet Gong – The Virgin Years 1973-75 (Gong), Scenes From The Flood (Bryan Beller)

• • •
 

06-02-2020

De angst

Filed under: Publicaties voor FOK! - 2020 — bazbo @ 01:00

De angst dat hij niet kon slapen, was waarschijnlijk ook de reden dat hij klaarwakker was. Helemaal zeker wist hij het niet. Hij stak de kraag van zijn lange regenjas nog eens extra omhoog. Het was niet eens ver na middernacht en de straten waren leeg. Doelloos zette hij zijn ene voet voor de ander. Er lag rommel naast de prullenbakken. Waren de straatvegers aan het eind van de dag niet geweest? Of kwamen ze morgen vroeg? Zo druk als het hier overdag kon zijn, zo stil was het nu. Toch schreeuwden de winkels hun reclame. Iets in hem zei hem dat er iets op zijn pad zou komen. Was de stem de oorzaak van de onrust in zijn lijf?
Hij sloeg af. Linksaf. Nu kwam hij in een smallere straat, met kleinere winkeltjes. Hier waren ook de cafés. Er klonk gepraat, gelach, geschreeuw en doffe muziek. Er ging een deur open. Een man kwam lallend naar buiten, gevolgd door een wankelende vrouw. Ze had haar jas open, haar benen waren bloot onder haar korte jurkje en haar rode naaldhakken glommen. Ze gilde iets in het oor van de man en veegde haar blonde lokken uit haar gezicht. Met een onvaste beweging greep ze de man bij de arm. Die draaide zich half om, pakte haar om haar middel en zoende haar op de roodgeverfde lippen. Haar hand zocht naar de broek van de man en bleef op gulphoogte hangen. Ronald Haamschaar kneep zijn ogen dicht en

– je moet beter je best doen, jochie – denk niet dat het zo’n vaart niet zal lopen, vergis je niet – ooit zal je de noodzaak begrijpen, maar dan moet je wel d – weet van hebt. tot – , waarschuw ik je. – wil je dit te boven komen, dan zul j – en luistere – je moet beter je best doen, jochie –

draaide zich van het tafereel af, langzaam zijn weg vervolgend. Nog meer cafés, nog meer vertier. Mensen stonden op straat te roken en luid te praten. Er viel een glas op straat. Een handgemeen. Geschreeuw. Allerlei mensen die probeerden de boel te sussen. Verder.
Er stond iemand voor hem. ‘Mag ik wat vragen?’ klonk het.
‘Het mag.’ Kortaf.
‘Dope.’ De figuur had een smal en bleek gezicht, voor zover hij het in het slechte licht kon zien. De kraag van de jas tot onder zijn neus. Daarboven lege ogen. ‘Heb jij dope?’
‘Nee.’
‘Weet je waar ik het kan krijgen?’
‘Nee.’ Niet belangrijk nu, wilde hij erachteraan zeggen, maar hij deed het niet.
‘Weet je iemand die het wel weet?’
‘Je bent een volhouder. Een verslaafde. Je bent niets.’ Het liefst had hij de man tegen de straat geslagen, maar daarmee zou hij in het tumult te veel aandacht trekken. ‘Niets.’ Doorlopen. Daarginds is het pandemonium voorbij.
Hij botste half tegen mensen op. ‘Kijk uit!’ hoorde hij. ‘Asociaal!’ Hij hoorde het, vroeg zich van alles af, maar keek niet op of om. Ook niet toen er iemand aan zijn mouw trok. ‘Mieneer, jai bloem kopen voor vrouw of vriendien?’ Nee. Hij rukte zich los. Verder. De wereld is gek. Hij wist het. De deadline was er niet voor niets. Met een paar passen was hij op de hoek van de straat. Hij volgde de aanwijzingen en liep naar rechts.
In het smalle straatje was het rustiger. Een enkeling liep langs hem heen, verscholen achter dikke sjaal of lage hoed. Er was iets dat hem herinnerde aan, hij wist het niet, kon het zijn dat hij hier eerder was geweest, maar helemaal zeker was hij niet. In zijn hoofd bonkte iets.

– zicht, ik blijf je belagen – n rust, dat verzeker ik je. niet eerder dan dat je de laa – rom, dat hoef je niet te vragen; zo moeilijk kan d – zal je vinden, hoe ver, hoe diep je o – mee. zeg niet d – cherpste karte – armhartigheid, dat is hier noo – mededogen – ondspoken in je benauwdste nachtm – het is zo – het is bijna zo – het is bijna zover –

Hij vertraagde zijn pas. Was het hier? Was het hier geweest? Hier aan zijn linkerhand zat een klein knijpje. Hij keek door het raam naar binnen. Er zaten drie mensen aan de bar, aan de twee tafeltjes niemand. Vooruit.
De bel die aan de deur hing klingelde. Hij liep naar de bar.
‘Wat mag het zijn?’ vroeg de dame. Ze keek hem met een schuin oog aan.
‘Water.’
‘Weet je dat zeker? Niets sterkers?’
‘Water.’
‘Is goed, joh. Wat jij wilt.’ Ze bukte en pakte uit een koelkast een flesje. Vervolgens schonk ze het leeg in een glas en zette dat op de toog.
‘Hoe veel?’ vroeg hij.
‘Doe maar twee euro.’
Hij graaide in de zak van zijn lange regenjas en haalde verschillende muntstukken tevoorschijn. ‘Hoe veel zei je?’
Ze herhaalde het bedrag.
Ronald gaf haar twee munten.
‘Dank je.’ Ze nam het geld aan en gooide het in een bak onder de bar.
‘Nog nieuws uit de buurt?’ vroeg hij.
‘Nieuws?’ Ze klonk wat achterdochtig. ‘Wat voor nieuws?’
‘Geen persoonlijke ongelukken of zo? Ik ken wat mensen hier, vandaar.’
‘Niet dat ik weet,’ zei ze beslist. Ze draaide zich naar een paar zojuist gespoelde glazen en begon die af te drogen.
‘Er is wat aan de hand,’ zei een van de mannen die aan de bar zat. Hij had zich naar hem toe ge bogen. ‘Met sommige meiden uit het wereldje hier, als je begrijpt wat ik bedoel.’ Toen op bijna fluistertoon: ‘En laatst is een stamgast van ons overleden.’
‘O?’
‘Ja. Martijn.’
‘Martijn? Nee, toch!’
‘Je kent hem?’
‘Als we het hebben over dezelfde Martijn, dan wel. Maar ik denk het wel. Hij was toch stamgast, hier?’
‘Ja, maar nu dus niet meer. En als hij nou op een beetje normale manier aan zijn einde was gekomen, dan hadden we er nog wel vrede mee.’
‘O? Wat is er met hem gebeurd, dan?’
‘Van mij heb je het niet,’ zei de man terwijl hij weg keek. ‘Vermoord. Zijn keel doorgesneden toen hij een hoer bezocht.’
‘Hoe .. eh … hoer?’
‘Ja.’ De cafégast wreef langs zijn neus en zei zachtjes: ‘Selina is een lekkere, maar sinds dit voorval is dat veel minder.’
Ronald zette zijn glas op de toog. ‘Ik moet gaan.’ Hij verliet het café en liep verder het straatje in. Een pand of zes verder begon het. Het ene raam na het andere. Bij sommige waren de gordijnen gesloten, achter andere zaten of stonden jonge vrouwen in weinig kleding en verleidelijke poses. Het licht was veelal rood. Hier, nee daar, daar moest het zijn. Hij liep naar het raam toe. Het gordijn was open en de vrouw achter het glas had net haar telefoon gepakt. Haar doffe ogen keken onrustig naar het scherm. Door het licht van het apparaatje zag hij dat ze zwaar was opgemaakt. In haar hals barsten en rimpels. De blonde pruik zat slordig op haar hoofd en het rode kant van haar lingerie deed zijn adem stokken. Doodstijf bleef hij staan. Ze was het.

– loed, bloed, bloed, bloed, bl – het was de afspraak, dus – genade? laat me niet l – de hel – t vuur ontketend – en weg terug, dus zul je – eindelijk korte metten, bevrijdi – st – pijn. duivelse pijn, je zult het weten, dan had je maar moeten gehoorzamen. je had de keuze, je hebt gekozen en nu is het te laat om erop terug te komen. waarom zou je ook? laat het nu maar, geef je o – ie onmetelijke kracht. – d, bloed, bloed, bloed, bloe –

Ze keek op van haar telefoon en zag hem. Zoals verwacht schrok ze. Grote ogen. Haar bleke gezicht trok nog witter weg. Bewegen durfde ze duidelijk niet.
De kou werd heviger, maar het deerde hem niet. Hij hoorde geluid. Achter hem liep iemand langs. Een lichte mist kwam langzaam opzetten. Het duurde nog lang voordat het licht zou worden.
Ronald Haamschaar bleef de vrouw aanstaren. In haar ogen zag hij alleen maar de angst.


Apeldoorn, januari 2020

Hier lees je ‘m op FOK!

• • •
 

02-02-2020

Wat aten zij? – 2020

Filed under: Wat aten zij? — bazbo @ 09:01
• • •
 

31-01-2020

B-log: 1 t/m 7 februari 2020

Filed under: B-log 2020 — bazbo @ 20:03



Vrijdag 7 februari:
Bij vlagen slaap ik goed, bij andere vlagen niet. Toch pas om half acht op. Drie kwartier later loop ik buiten mijn ronde hard. Het is koud, maar zonnig. Ik loop de langere route en die gaat me redelijk af. De Vrouw gaat vanmorgen nogmaals naar de dokter om onderzoeksmateriaal af te leveren (lees: urine). Ik wil dingen doen voor Kunst-Zinnig-Brein en daarvoor inloggen op mijn werkaccount, maar het lukt niet. Maandag dus weer. Webstekdingen. Analoog werk. Koffie met De Vrouw. Bijpraten. Lunch met De Vrouw. Afwasje. Ik haal het groentepakket. Het is mooi zonnig. Dan loop ik het centrum in, koop twee broeken en wat voor het avondeten. Dat avondeten maak ik rond vijf uur. Eerst een salade van bosui, bleekselderij, komkommer en peer. Dan een curry van chipolata, ui, knoflook, pompoen en veldsla. Als we aan tafel zitten, blijkt die curry mooi pittig en verkoelt die salade ook mooi. Afwas. Dan werk ik de webstek bij, lees en luister ik. Half elf weer.
Muziek vandaag: Garden Of Dreams (Gandalf), Sunfighter (Paul Kanter & Grace Slick), Words Are All We Have (Fjieri), Even In The Quietest Moments (Supertramp), het vierde plaatje uit de doos Body Of Work 1978-1988 (Godley & Creme), Culcha Vulcha (Snarky Puppy), Garden Of Dreams – Live In Concert (Gandalf), Planets + Persona (Richard Barbieri), het eerste plaatje uit de doos The Virgin Years 1977-1983 (Tangerine Dream)

https://twitter.com/apeldoorndirect/status/1225700796991299584?s=20



Donderdag 6 februari:
Koud, vriesweer, mistig. Heel veel te doen op de werkplek. Tussen de middag wandel ik door veld en bos. In de middag nog steeds heel veel te doen. Ik krijg nog niet de helft af. Maandag verder. Half zes thuis. De Vrouw heeft aardappelen gebakken, tonijnloempia (!) uit de oven en een salade gemonteerd van bosui, komkommer, koolrabi en kerstomaat. Smaakt allemaal uitstekend. Vandaag kreeg ze de uitslag van urine-onderzoek: waarschijnlijk is er weer blaasontsteking aan de gang. Morgen verder onderzoek. Afwasje. Dan bel ik Onze Vader. Het gaat goed met hem: hij maakt zich zorgen over zijn verjaardag volgende week. Wie komt er en wat moet er in huis komen? ‘Maar er komt niemand,’ zegt hij erachteraan. Vervolgens somt hij een aardig rijtje op. Ik bied hem aan om de dag ervoor hem te helpen met de boodschappen, maar dat mag (natuurlijk) niet. Hoogst geamuseerd hang ik op. Krant. Webstekken. Lezen. Luisteren. Half elf.
Muziek vandaag: Brian Davison’s Every Which Way (Brian Davison’s Every Which Way), Party Animals (Eric Vloeimans’ Gatecrash), Zëss – Le Jour Du Néant (Magma)



Woensdag 5 februari:
Kwart over zeven op. Koffie en wat webstekdingen. Dan wandel ik door de zon naar de biowinkel voor wat kleine boodschappen. De Vrouw gaat naar de huisarts voor wat onderzoeken. Ik handel mail af, poets de plee en doe allerlei. Lunch. Rond een uur is Ank er en gaan we naar Gigant. Daar hebben we een gesprek met de directeur en de medewerker maatschappelijke verbinding. Samen met de verbinder van MEE spreken we over de toekomst van Kunst-Zinnig-Brein, hoe we die toekomst zoeken in de samenwerking en de mogelijkheden van de betrokken organisaties aan tafel. Iedereen is het erover eens dat het product van KZB een mooie is en we maken vervolgafspraken. Zelf mogen we ook verder aan de bak: nog meer verbinding zoeken bij betrokken organisaties en een ploeg vrijwilligers werven die gaat coördineren. Mooi. Thuis even de krant lezen, dan avondeten maken: een salade van bosui, komkommer, appel en kerstomaat, een schotel van ui, knoflook, paprika, pastinaak en courgette, plus een champignon-kaasburger. Het smaakt ook nog. Afwasje, afval. Dan webstekken en lezen en luisteren.
Muziek vandaag: Corridor (Steve Jansen), Tenk Om Noen Ser Deg (Det Skandalose Orkester), No Har De Laget Skandale Igjen! (Det Skandalose Orkester), The Bell (iamthemorning), de dvd-a Halloween (Frank Zappa), Sylva (Snarky Puppy & Metropole Orkest), Crossover (David Cross & Peter Banks)



Dinsdag 4 februari:
Niet zo heel goed geslapen, toch opgewekt. Volle dag op de werkplek. Tussen de middag wandel ik door bos. Half zes thuis. Met De Vrouw gaat het redelijk goed; ze is vandaag naar een fysiotherapeut gegaan en loopt nu met een ‘lossere’ mouw om haar arm. Ik zie een bericht via Instagram van een mij onbekend iemand, maar bij nadere beschouwing blijkt het ‘een van mijn kinderen’ uit de tijd van de kindervakantieweek uit de begin jaren negentig. Ha, ze is inmiddels ook de veertig gepasseerd en zag mij bij een aankondiging door Gigant (waar ik zondag optreed). We hebben even berichtenverkeer. Leuk. Ik maak avondeten: de soep had ik grotendeels al klaar, nog aanvullen met de koolraap die ik zondag kookte en met een rookworst. Samen met de Chinese kool, wortel en spek is het een goed gevulde soep geworden. De Zoon is er even na zessen en we eten de pan grotendeels leeg. De Vrouw gaat oppassen op de Neven. Ik was af en loop mijn ronde hard. Dat gaat heel gemakkelijk; het is ook fijn weer om te lopen. Webstek, lezen en luisteren en om half elf lig ik in bed.
Muziek vandaag: Brian Davison’s Every Which Way (Brian Davison’s Every Which Way), Retrospektïw III (Magma), The Divine Abstract (Charlie Cawood)



Maandag 3 februari:
Opgewekt. Op de werkplek zit ik zo ongeveer alleen. Ziekte, thuiswerken, ze laten me allemaal in de steek. De geplande lunch met collega’s gaat ook al niet door. Dan niet. Waar haal ik eten vandaan? Ik vind wel wat. Zelf heb ik een boel fruit bij me. In de middag vooral verder met veel dingen. Op tijd naar huis. Daar bijpraten. Het gaat redelijk goed met De Vrouw. Ze is wat fitter en morgen gaat ze naar fysiotherapeut. Er is mail. Wat blijkt? Theater WirWar had al aan mij gedacht en wilde contact opnemen. Ik was ze net voor. Nog altijd weet ik niet goed wat de klus precies behelst en wat ze van mij verwachten, maar daar kom ik achter tijdens een overleg (pas) op maandag 6 april. Ben benieuwd. Eten maken: ik warm de witlof van vrijdag en de koolraap van eergisteren op, vul de salade van gisteren aan met frambozen en bak carpacciosticks. Ook maak ik vast de basis voor een fiks gevulde soep voor morgen. De dis van vandaag maken we op. Afwasje. Dan mails afhandelen, fotowerk voor Kunst-Zinnig-Brein doen, lezen en luisteren. Tien uur weer voorbij, allemaal.
Muziek vandaag: More Than Just A Seagull (Gandalf), Brian Davison’s Every Which Way (Brian Davison’s Every Which Way), Retrospektïw I+II (Magma)



Zondag 2 februari: (palindroomdag 02022020)
Half acht. Koffie. Lezen. Koffie met De Vrouw. Bijpraten. Meer koffie met De Vrouw. De Zoon is er om half een voor lunch. Afwasje, stofzuig. Dan nog wat lezen. Rond vier uur wandel ik naar een café, waar Auke een expositie opent. Er is mooi veel volk en zijn werk is nog alleraardigst om naar te kijken ook. Na wat bekenden te hebben begroet en zijn materiaal te hebben bekenen, ga ik weer naar huis. Daar maak ik avondeten: een fruitsalade van mango, aardbei en framboos, lamsshoarma met knoflookyoghurtmayo en ten slotte een schotel van spek, ui, koolraap en knoflookkruidenroomkaassaus. De boel smaakt goed. De afwas is niet groot en ik breng papier en plastic naar containers. Dan is het even droog, dus kan ik mooi een ronde hardlopen. Het waait flink, maar het is niet koud en ik loop goed. Net als ik terug ben, gaat het weer fiks regenen. Webstek, luisteren en ik lees Brusselmans’ zeer geestige boek uit.
Muziek vandaag: Construct III (Bass Communion), The Extinct Suite (Steve Jansen), Rated PG (Peter Gabriel), Magic Theatre (Gandalf), Crisis? What Crisis? (Supertramp), Past The Evening Sun (Ring Van Möbius), Attahk (Magma), het derde plaatje uit de doos Body Of Work 1978-1988 (Godley & Creme), Tascam Tapes (DeWolff)

https://twitter.com/apeldoorndirect/status/1223941562423500800?s=20

_

Zaterdag 1 februari:
Kwart voor zeven op. Drie kwartier later loop ik mijn ronde hard. Het gaat heel aardig. Op eenderde gaat het lichtjes regenen en op tweederde is de lichte regen weer voorbij. Kwart over negen sta ik op de markt om groente en fruit te halen. Aansluitend loop ik naar de bioslager en biowinkel. Koffie met De Vrouw. De Zoon is er om kwart voor een voor lunch. Erna een afwasje. Dan wandel ik langs het kanaal naar een supermarkt voor de laatste dingen. Krant. Kwart over vijf maak ik avondeten: ik vul de salade van gisteren aan met bosui, bleekselderij en kerstomaat. Dan bak ik oesterzammen, rode ui, knoflook, prei, paprika en courgette met wat kruiden. Ten slotte bak ik kogelbiefstukken. Dit eten we op. Afwasje. Webstek, mail, lezen en luisteren. Half elf.
Muziek vandaag: The Sun Will Dance In Its Twilight Hour (Wilson & Wakeman), Greatest Hits Live (Steve Winwood), 3 (The Gloaming), Üdü Wüdü (Magma), Atheists And Believers (The Mute Gods), The Regal Bastard (Nad Sylvan), het tweede plaatje uit de doos Body Of Work 1978-1988 (Godley & Creme)

• • •
 

24-01-2020

B-log: 25 t/m 31 januari 2020

Filed under: B-log 2020 — bazbo @ 21:36



Vrijdag 31 januari:
Kwart over zeven op. Koffie. Drie kwartier later heb ik de werklaptob open. Ik verwerk foto’s van gisterenmiddag en schrijf een eerste opzet voor een artikel. Daarnaast is er nog allerlei onderhandenwerk. Niet erg. Zo vordert de ochtend gestaag. Koffie met De Vrouw. Pas na half twee lunchen we. Erna een kleine afwas en ik loop naar een supermarkt in het centrum voor wat kleinigheden om het avondeten te kunnen bereiden. Dan weer verder aan het werk. Vijf uur heb ik de werklaptob dichtgeklapt. Ik lees de krant en ga dan het avondeten maken. Eerst een salade van bosui, komkommer, bleekselderij, rode paprika en kerstomaat, dan witlof met ham en kaas in de oven, en ten slotte rundertartaar bakken. We eten het op. De afwas is niet groot. Buiten regent het, dus morgenochtend ga ik mijn ronde hardlopen. Ik werk de webstek bij, stuur mail aan Aad en Gigant dat ik veel interesse heb voor hun vacature (vrijwillige) coördinator bij Theater WirWar maar tijdsproblemen voor in de komende periode edoch als zij niemand weten te vinden dat ze mij mogen vragen, lees en luister tot een uur of half elf.
Muziek vandaag: het zesde plaatje uit de doos Music For Installations (Brian Eno), Terry Riley: Sun Rings (Kronos Quartet), The Road To You (Pat Metheny Group), We Like It Here (Snarky Puppy), Crime Of The Century (Supertramp), To Another Horizon (Gandalf), Endless (Fjieri), Massive Hollowness (Mangrove), The Last Puff (Spooky Tooth), het eerste plaatje uit de doos Body Of Work 1978-1988 (Godley & Creme), Believe It (The New Tony Williams Lifetime), Somnium (Jacco Gardner)



Donderdag 30 januari:
Als ik om kwart over vijf wakker ben, bekijken we de arm van De Vrouw. Die is beduidend rustiger, het gebied waar de wondroos zit is duidelijk niet groter geworden en de ergste roodheid is er vanaf. Dat betekent dat ik naar het werk kan gaan. Dat doe ik dan ook. Vanmorgen is het kalm met wat noodzakelijke kleine klussen; in de middag ben ik in een andere locatie om indrukken op te doen en foto’s te maken van een grote bijeenkomst. Morgen mag ik er een sfeerverslag van maken, vandaar. Leukste onderdeel vanmiddag is een voorstelling door theatergroep Speels Collectief, bestaande uit twee theaterdocenten, studenten van de hogeschool en vooral mensen met een zorgachtergrond. Half zes weer thuis. Ik warm het eten van gisteren en eergisteren op en vul de salade aan. We eten nu alles op. Dan een klein afwasje. Vervolgens werk ik de webstek bij, lees en luister ik. Julian Barnes’ hoogst vermakelijke boek over de gynaecoloog Samuel Pozzi is uit; nu dan beginnen in de nieuwe (!) Herman Brusselmans Bloed spuwen naar de hematoloog. Half elf ga ik slapen.
Muziek vandaag: Ceremony (Spooky Tooth & Pierre Henry), Hidden Details (Soft Machine), Visions (Gandalf)



Woensdag 29 januari:
Zeven uur op. Een half uur later heb ik de werklaptob open. Tien uur loop ik naar de biowinkel voor wat boodschappen voor vandaag. Meer koffie en verder werken. Ook wat huishoudelijks. De Vrouw is wat op; het gaat en de koorts is al gezakt, maar ze is nog veel moe. Lunch met DeVrouw. Na de afwas weer verder aan het werk. Halverwege de middag loop ik nog naar een supermarkt hier in het centrum voor wat kleinigheden voor De Vrouw. Kwart voor vijf klap ik de werklaptob dicht. Krant. Dan maak ik avondeten voor twee: spekjes bakken, zuurkool erbij, karwijzaad, grote witte bonen met wat vocht en klaar. Ook vul ik de overgebleven salade van gisteren wat aan en braad ik rundersaucijzen. Aan tafel. De Vrouw eet wat, maar niet veel. Wat overblijft, is voor morgen. Niet erg, scheelt dan koken. Ik was af, breng afval naar de containers en ga een ronde hardlopen. Het is koud en het waait nogal, maar al lopende merk ik er niet veel van. Thuis werk ik de webstek bij en lees en luister ik. Om tien uur lig ik in bed.
Muziek vandaag: het vierde en vijfde plaatje uit de doos Music For Installations (Brian Eno), Royal Albert Hall (Eels), Easy Come, Easy Go (Marianne Faithful), At Folsom Prison (Johnny Cash), At San Quentin (Johnny Cash), Spooky Two (Spooky Tooth), Journey To An Imaginary Land (Gandalf)

https://twitter.com/balangereis/status/1222596825837862917?s=20



Dinsdag 28 januari: met Kunst-Zinnig-Brein naar het Nursing Congres
De wekker gaat iets na vijf uur. Wat ik vermoedde blijkt waar: De Vrouw is niet in orde, heeft waarschijnlijk weer wondroos (in haar oedeemarm). We doen de noodzakelijke dingen en ze gaat veel rust nemen, voelt zich ook erg beroerd. Ik wandel om half acht naar een afgesproken plek aan de rand van het centrum. Daar pikken Ank en Annette me op. We rijden naar een congrescentrum in Ede. Daar treffen we al enkele kunstenaars. In heel korte tijd – we zijn geroutineerd ondertussen – hebben we de mini-expositie opgebouwd op ons kleine podium. In de grote schouwburgzaal zit vijfhonderd man en drie van de kunstenaars mogen op het podium hun ervaringsverhaal vertellen. Het zijn drie heel verschillende mensen met drie heel verschillende verhalen, dus dat laat mooi zien hoe verschillend hersenletsel kan zijn. In de pauzemomenten krijgen we redelijk wat aanloop en de belangstelling is groot. Als de theepauze klaar is en de bezoekers naar hun laatste informatieronde gaan, breken we af. Het is in heel korte tijd gepiept. Om kwart over vier ben ik thuis. De Vrouw is vanmiddag naar de huisarts geweest en de wondroos heeft inderdaad goed doorgezet. Gelukkig had ze vanmorgen al medicatie ingenomen, ze is er op tijd bij. Is het donderdag niet beter, dan moet ze naar het ziekenhuis (voor infuus). Ze is er echt goed ziek van en gaat weer slapen. Ik haal haar medicijnen bij de apotheek en loop dan naar een supermarkt voor wat kleinigheden. Dan maak ik avondeten. De Zoon is er iets na zes uur. We eten een goed gevulde chili (rundergehakt, ui, prei, knoflook, peper, paprika, aduki- en kidneybonen, tomaten. Ernaast een salade van bosui, bleekselderij, rode kool, komkommer en blauwe bes. Het smaakt. Afwas. Dan webstekken, lezen en luisteren. De Vrouw is een half uurtje op. We praten wat bij en dan gaat ze weer naar bed. Een uurtje later, om half elf, ga ik zelf ook slapen.
Muziek vandaag: het derde plaatje uit de doos Music For Installations (Brian Eno), It’s All About (Spooky Tooth), David Byrne’s American Utopia – On Broadway (David Byrne), Blurring Into Motion (Charlie Cawood)



Maandag 27 januari:
Opgewekt. In alle rust op gang. Niet heel goed geslapen, overigens. Op de werkplek ligt een en ander en dat pak ik op. Ik doe er ook nog wat mee. Tussen de middag wandel ik door veld en bos. Erna werk ik nog wat verder. Half zes thuis. (Wat een avonturen weer.) Eerst een ronde hardlopen; dat gaat goed. Als ik onder de douche vandaan kom, regent het buiten fiks. Eten maken: spaghetti koken, kastanjechampignons bakken, bosui erbij, courgette, gekookte pasta en pesto en op een bord met een boel parmesan eroverheen. Zeer goed. Kleine afwas. Dan webstek, lezen en luisteren. De Vrouw is er om negen uur. Bijpraten en om tien uur ga ik toch weer slapen.
Muziek vandaag: Scream (Ozzy Osbourne), Silhouettes (Klaus Schulze)



Zondag 26 januari:
Kwart over zeven uit bed. Mijn ronde hardlopen gaat goed, ik neem zelfs de wat langere route. Thuis nog even in bed. Koffie met De Vrouw. Ik bereid vast avondeten voor: een pruttelpot van sucade, ui, knoflook, paprika en tomaten. Meer koffie met De Vrouw. De Zoon is er om een uur voor lunch. Afwas, stofzuig, was. Dan wandel ik naar een supermarkt in het centrum om sla te kopen. De Vrouw is met De Zoon naar de bioscoop. Ik lees en luister. Ook schrijf ik een stukje over mijzelf voor een aankondiging van het optreden van Bas, Willem en ik in Gigant op zondagmiddag 9 februari, vandaag over twee weken. Er blijken al tien kaarten (10!) te zijn verkocht. De Vrouw is er rond zes uur weer. Een kwartier later zitten we aan tafel. We eten de pruttelpot, met brood en gezouten boter, plus het restant salade van gisteren. Smaakt en vult goed. Afwasje. Dan webstek en lezen en luisteren. Tien uur slapen.
Muziek vandaag: het tweede plaatje uit de doos Music For Installations (Brian Eno), Café Atlantico (Cesária Évora), Skuggsjá (Ivar Bjornsson & Einar Selvik), Refugee (Refugee), MIS (Mexican Institute of Sound), FZ:OZ (Frank Zappa), Tascam Tapes (DeWolff )



Zaterdag 25 januari:
Pas om kwart over acht wakker. Goed geslapen, dat wel. Een uurtje later ben ik op de markt voor groente en fruit. Erna loop ik naar de bioslager en biowinkel voor de weekendboodschappen. Koffie met De Vrouw. De Zoon is er iets naar twaalven voor lunch. Afwasje, huishoudelijks en vervolgens loop ik langs het kanaal naar een supermarkt voor de laatste dingen. Krant. De Vrouw gaat ergens met iemand thee drinken. Ik lees en luister. Zes uur begin ik met avondeten maken: eerst een salade van bosui, komkommer, rode kool, peer, blauwe bes en braam. De Vrouw is er om kwart over zes weer. Dan bak ik aardappelen en een mooie steak d’Avignon. We eten het op. Kleine afwas. Dan webstek, lezen (in Julian Barnes’ De man in de rode mantel) en luisteren. Half elf weer slapen.
Muziek vandaag: het eerste plaatje uit de doos Music For Installations (Brian Eno), The Difference Machine (Big Big Train), Discovery (Mike Oldfield), The Killing Fields – Original Film Soundtrack (Mike Oldfield), Tardigrades Will Inherit The Earth (The Mute Gods), Everything Is Healing Nicely (Frank Zappa), The Bride Said No (Nad Sylvan)

• • •
 

23-01-2020

13 jaar schrijven voor FOK! – bazbo’s jubileum (deel 4711)

Filed under: Publicaties voor FOK! - 2020 — bazbo @ 01:00

‘Dames en heren, de mensen die zijn columns voor FOK! niet lezen, weten niet wat ze missen. Dat zijn er nogal wat: mensen die zijn columns voor FOK! niet lezen. Voor iedereen die zijn columns – deze dus ook – niet leest: sinds donderdag 18 januari 2007, inmiddels dus alweer dertien jaar lang, plaatst hij zijn schitterende stukjes op de FrontPage.
Dames en heren, FOK! is dood, maar hij die bij mij aan tafel aanschuift is helaas nog altijd springlevend. Hier is hij: de enige echte bazbo!’

(Stilte in de lege zaal.)

‘Bas, wat wil je drinken? Water, zoals gebruikelijk?’
‘Nee, dank je wel, Adriaan.’
‘O? Echt niet? Iets anders, dan?’
‘Nee, dank je wel.’
‘Waarom niet? Is er soms iets mis met onze drank hier?’
‘Op welke vraag wil je dat ik als eerste antwoord?’
‘Waarom niet?’
‘Omdat ik anders zo moet piesen en dat is voor zo’n interview als dit niet zo handig. Heb ik daarmee ook je tweede vraag beantwoord?’
‘Waar héb je het over?’
‘In mijn verhalen voor FOK!, bedoel je?’
‘Wacht. Laten we dit interview eens een keer ordelijk laten verlopen.’
‘Moet ik weg gaan?’
‘Zitten blijven!’
‘Zeg dat eens tegen gedetineerden die tweederde van hun straf erop hebben zitten.’

‘Bas, voor iedereen die jou nog niet kent: vertel eens iets over jezelf.’
‘Dat vroeg je de vorige keer ook. Toen gaf ik antwoord en dat keurde je af.’
‘Wat antwoordde je toen?’
‘Ik heb een ontzettend grote leuter.’
‘Waarom gaat het bij jou altijd over seks?’
‘Gaat het bij mij altijd over seks?’
‘Ja.’
‘O.’
‘Waarom zit je hier eigenlijk weer? Is het traditie aan het worden of zo?’
‘O, was het ooit leuk, dan?’
‘Hoe bedoel je?’
‘Omdat iets wat leuk is, vroeg of laat traditie wordt. Plus omgekeerd: als iets traditie is, weet je dus dat het ooit leuk was.’
‘Fijn. Weten we dat ook weer.’
‘Er is echter een complicatie: tradities hebben de neiging te veranderen.’
‘Nietes! Als we maar vast blijven houden aan onze cultuur!’
‘O? Moeten we vast blijven houden aan onze cultuur, dan?’
‘Jazeker. Tradities en cultuur houden ons bijeen. Ze verrijken de samenleving. Daarom moeten we er alles aan doen om die tradities en cultuur zo te laten zoals ze zijn!’
‘Ja, dat roepen we hier op FOK! heel hard. We roepen altijd heel hard hier op FOK!. Ik word daar nogal moe van, Aad.’
‘Leg uit.’
‘Als ik de reacties onder de nieuwsberichten hier lees, dan merk ik niet alleen een boel boosheid, maar vooral allerlei stoerdoenerij. En als het nou nog bij puberale branie bleef, dan was het allemaal niet zo erg.’
‘Leg uit.’
‘Het is veel meer dan dat, in mijn ogen. Het is vooral intolerantie en ongenuanceerdheid in combinatie met obsessieve angst ten opzichte van iets wat voor de stoerdoenertjes vreemd is, meehuilen met de wolven in het bos en bovenal de ander die niet deugt.’
‘Had je daar laatst niet een stukje over?’
‘Ja, daar had ik laatst niet een stukje over. Ik heb er wel iets over geschreven. In Ban, mijn bijdrage ter gelegenheid van het twintigjarige jubileum van FOK!, haal ik het aan. Ook iets waarover ik mij verbaas: dit prachtige platform viert een mooie verjaardag, er zijn jublieumcolumns en feestfora, de vlaggen hangen uit, maar de meute heeft er nauwelijks aandacht voor. We gaan over tot de orde van de dag: schreeuwen dat helemaal niets deugt.’
‘Volgens mij heb jij je nog nooit zo politiek geuit als in die column en nu hier.’
‘Ik ben bang dat ik veel te links ben voor FOK!, Aad.’
‘Want FOK! is rechts?’
‘Nee, dat niet. Maar het merendeel van de reacties onder de nieuwsberichten vind ik respectloos en ongenuanceerd en nodigt mij niet uit om op te reageren. Sterker nog: ik ben gestopt met het lezen van de reacties. Iedereen buitelt over elkaar heen en de ene reactie is nog uitgesprokener dan de andere. De klimaatproblematiek is onzin, als het er wel is ga ik het niet betalen en de linksen zijn de kanker. Zelfs onder een artikel over het WK Stofzuigen gaat het binnen de kortste keren over migranten.’
‘Wat is daar erg aan?’
‘Ik wil weten hoe mensen het WK Stofzuigen ervaren of wat hun ideeën over zo’n wereldkampioenschap zijn. En dan moet het niet gaan over dat zwarte piet moet blijven, omdat het ónze cultuur is en anderen daar met hun poten vanaf moeten blijven en we zullen onze traditie in stand blijven houden, desnoods met geweld.’
‘Want?’
‘Want dat weten we nu wel.’
‘Wat is er mis met opkomen voor onze waarden en normen? Jij als linkse deugmens zit toch vol met idealen? Waarom ben je dan tegen mensen die strijden voor hun eigen tradities en die knokken voor behoud van hun cultuur? Er gaat toch al zo veel verloren?’
‘Maar cultuur is niet statisch. De traditie van sinterklaas was veertig jaar geleden anders dan dat hij honderd jaar geleden was. Nieuwe dingen of ontwikkelingen boezemen ons vaak angst in, maar na enige tijd vinden we er een weg in. Toen de eerste trein ons land binnen kwam, vonden we dat doodeng en wilden we dat ding zo snel mogelijk weg. Tegenwoordig vinden we dat er een tekort aan treinen is. Als het gaat om cultuur speelt nog iets anders mee: iets kan alleen maar cultuur worden, juist omdát het verandert.’
‘Bas, laten we het maar liever over seks hebben.’
‘Goed. Wat wil je weten?’

(Niemand zegt iets.)

‘Terug naar de vraag. Bas, je zit hier weer voor het jaarlijkse interview. Waarom eigenlijk?’
‘Waarom? Omdat ik graag vertel over het schrijven. Waarom ook niet?’
‘Waarom schrijf je eigenlijk sowieso überhaupt hier op FOK!?’
‘Omdat FOK! een heel prettig podium is. ik ervaar het als een soort speeltuin, waarin ik als een kind allerlei spannends kan beleven. Ik kan doen, laten en maken wat ik wil. Een verhaal, een overpeinzing, een tirade, een serie, noem het maar op. Ik kan zelfs een interview met mijzelf verzinnen en plaatsen en mensen lezen het ook nog.’
‘Hoe lang schrijf je nu al voor FOK!?’
‘Dertien jaar, Aad. Dat zei je net zelf in de aankondiging ook. Dertien jaar.’
‘Dertien jaar. Heeft het je nog geen ongeluk gebracht?’
‘Niet direct.’
‘Maar indirect?’
‘Daar kan ik je wel weer iets over vertellen.’
‘Ga je gang. Maar niet in herhaling vallen.’
‘Excuus. Wat zei je?’
‘Niet in herhaling vallen.’
‘Ach zo. Welnu, in de vorige interviews heb ik uitgelegd dat ik mijn eerste zeven jaren op FOK! heb geschreven als een bezetene.’
‘Dat moet ik nakijken.’
‘Ga je alles controleren wat ik zeg?’
‘Dat is onderzoeksjournalistiek.’
‘Ik noem het knap irritant.’
‘O.’

‘Ik heb mijn eerste zeven jaren op FOK! geschreven als een bezetene. Iedere week mijn stukje op donderdagmorgen, daarnaast deed ik allerlei redactiewerk, schreef ik extra stukken, controleerde ik her en der spelling, droeg ik bij aan series, werkte ik met tuvokki aan vervolgverhalen die we later onder een pseudoniem inzonden en stuurde ik zelf onder een kloon ook allerlei verhalen in. Dat is dan nog alleen het werk voor FOK!.’
‘Doe je daarbuiten dan ook nog iets?’
‘Ja.’
‘O.’
‘Ik had een voltijdsbaan ergens. En daarnaast deed ik redactiewerk voor een lokale nieuwssite: ook daar wekelijks een stuk, plus ik schreef recensies van concerten, films, voorstellingen en evenementen. Dan moest ik dus ook die concerten, films, voorstellingen en evenementen bijwonen, want anders werd het niets. Nu zeggen sommige lezers dat mijn recensies en reportages sowieso niets zijn, maar dat is een heel ander verhaal.’
‘Even een heel ander verhaal: waar wil je naartoe?’
‘Ik zou nog wel eens naar Ierland willen. Of Italië of Portugal. Maar Polen of Boedapest lijken me ook mooi.’
‘Bas, dat bedoel ik niet.’
‘Vraag dan wat je wél bedoelt!’
‘Doe ik. Wat wil je met je verhaal nou eigenlijk zeggen?’
‘Bedoel je de boodschap in mijn verhalen?’
‘Neehee! Je vertelt wat je allemaal deed buiten FOK! om. Je deed redactiewerk bij een lokale nieuwssite, had een baan ergens …’
‘Een voltijdsbaan, welteverstaan.’
‘Moet daar de nadruk op?’
‘Anders zou je misschien wel kunnen denken dat ik tijd zat had.’
‘Maar dat had je niet?’
‘Nee. Wel had ik ook nog een gezin, een zoon met ASS, een vrouw met borstkanker, een moeder met een hersenbloeding en een vader met een gebroken heup.’
‘Kortom?’
‘Kortom: op 16 november 2013, na zeven jaar schrijven als een bezetene, hielden mijn lichaam en mijn geest ermee op.’
‘Je was hersendood.’
‘Zoiets.’

(Adembenemende stilte in de zaal.)

‘Maar niet precies?’
‘Precies.’
‘Precies wat?’
‘Niet precies.’
‘Hoe dan wel?’
‘Zwaar overspannen, totale burnout, depressief. Zeg het maar. Er kwam niets meer uit mijn vingers. Ik deed helemaal niets meer.’
‘Ook geen seks?’
‘Daar zijn vingers handig bij, maar je kunt ook andere lichaamsdelen gebruiken.’
‘Bespaar me de uitleg.’
‘Aad, ik vond het een fijn interview.’
‘We zijn nog niet klaar!’
‘O.’

‘Je hebt ons verteld van de zeven vette jaren. Die duurden van 18 januari 2007 tot 16 november 2013. Daarna stopte je een tijdje en na dat tijdje begon je weer wat te plaatsen hier op FOK!.’
‘Ja, maar niet meer zo belachelijk veel als in die zeven vette jaren.’
‘Dit zijn dus de zeven magere jaren?’
‘Ha, dat zou je zo kunnen zeggen.’
‘Waar schrijf je tegenwoordig over?’
‘Lees jij die rommel dan niet?’
‘Ik niet. Ik kijk wel uit. Ik ben Gekke Henkie niet.’
‘Dat weet ik ook wel. Jij bent Akelige Adriaan.’
‘Fijn. En bedankt. Ga je nog antwoorden? Benoem eens wat successen van de afgelopen zeven jaren.’

(Doodse stilte.)

‘Hallo?’
‘Ja?’
‘Geef eens antwoord?’
‘Waarop, Aad?’
‘Op de vraag! Benoem eens wat successen van de afgelopen zeven jaren!’
‘Dat is geen vraag, maar een opdracht. Bovendien leest bijna niemand mijn stukjes, dus kunnen we niet van successen spreken. Waarvan dan wel, dat weet ik ook niet. Dat zou je moeten vragen aan die enkeling die mijn stukjes wél leest.’
(Zucht.) ‘Wat zou je zelf een succes willen noemen? Laat ik het dan maar zo vragen.’
‘Alles.’
‘Ja, daar heb ik niks aan.’
‘Hallo. Ik ben de maker van die stukjes. Als ik ze zelf niet als succes benoem, dan ben ik toch ongeloofwaardig? Ik sta helemaal achter mijn verhalen. Dat je het weet.’
‘Ik weet het.’
‘Dat is fijn om te horen, Aad.’
‘Wat zijn voor jou de stukken, verhalen, series, dingen die eruit springen?’
‘De afgelopen jaren, hè?’
‘Jahaaa!’
‘…’
‘Nou, zeg eens wat.’
‘Ik wil niet onbescheiden zijn.’
‘Zeikerd. Hoe zit het met de series?’
‘De serie Hoog tijd voor een kroegverhaal verloopt naar tevredenheid. Hoe krijg ik het toch allemaal uit de pen, hè? Soms verbaas ik mij er ook over, hoor. Ik heb een leuke zin of een mal voorval in gedachten, zet dat op papier en voor ik het weet komt er heel veel meer omheen en in no time is het een heel verhaal geworden. Je verzint het niet.’
‘Jij? Jij verzint dat niet?’
‘Nee.’
‘Ga door, Bas.’
‘Mijn serie Lotgenoten loopt volop. Ik plaats een aflevering ervan en een paar weken later nog weer eens een. Na een aflevering of wat is het jaar alweer om. Zo gaan die dingen.’
Schrijver?’
‘Ik? Ja, zo zou ik mijzelf wel noemen.’
‘Gut nee, ik bedoel je serie die Schrijver heet.’
‘Ach zo. Wat is ermee?’
‘Daarmee heb je dat minder. Ik bedoel: het lijkt wel of er steeds minder afleveringen van komen.’
‘Dat zou kunnen. Het is een serie semi-autobiografische verhalen. Die verhalen zijn gebaseerd op dingen die ik in het echt zie of meemaak. Tijdens het schrijven moet ik het verhaal herkennen als onderdeel van die serie.’
‘Hoe werkt dat?’
‘Probleem is een beetje dat de protagonist van Schrijver wel een afsplitsing van mij is en blijft, maar dat hij de laatste tijd steeds verder van mij vandaan komt te staan.’
‘Dat begrijp ik niet. Leg uit.’
‘Jij hebt de stoelgang niet uitgevonden, hè?’
‘Wat bedoel je daar nou weer mee?’
‘Precies. Maar we hadden het over de hoofdpersoon van mijn serie Schrijver. Althans: ik had het erover en in dit interview gaat het om mij, toch?’
‘Protagonist = hoofdpersoon?’
‘Dit valt me van je mee. Ik heb nog dommere interviewers medegemaakt. De schrijver in Schrijver is een beetje een flat character, een statische persoonlijkheid. Ik heb hem geïntroduceerd in de tijd dat ik zelf nogal worstelde met mijn psychische aandoening. Met die psychische aandoening heb ik nu – ruim zes jaar nadat ze mij overviel – aanzienlijk minder van doen. De verhalen in de serie gaan over de momenten dat ik (nog) wél te maken heb met de gevolgen van die psychische aandoening en dat zijn er steeds minder. Vandaar dat ik er dus steeds minder verhalen over kan maken. Toch zal er af en toe nog eens eentje komen.’
‘Wat een gezeur allemaal, zeg. Even een slokje water.’
‘Ik praat toch? Hoe kun jij er dan een droge bek van krijgen?’

(Stilte maar weer.)

‘Terzake. Nog meer series? Je had nog zoiets als Lotgenoten?’
‘Ja.’
‘Die bestaat uit dagelijkse dingen?’
‘Ja.’
‘Eigenlijk zijn het meer anekdotes?’
‘Ja.’
‘Vorig jaar noemde je ook dat die verhalen over Ronald Haamschaar een serie vormen.’
‘Ja.’
‘Nog steeds?’
‘Ja.’
‘Vertel er eens meer over.’
‘Nee.’
‘Waarom niet?’
‘Mijn trouwe lezers begrijpen wel waarom. De verhalen waarin Roland Haamschaar de hoofdrol speelt of voorkomt, vormen een serie. En zoals ik vorig jaar ook al zei: er zijn andere verhalen waarin Roland Haamschaar niet direct voorkomt, maar die toch onderdeel zijn van de serie. Het is een soort puzzel. Wie mijn verhalen iedere twee weken leest, ziet de puzzelstukjes en langzamerhand vormen ze een groter verhaal. Maar meer wil ik er niet over vertellen. Over een tijdje zal alles duidelijk zijn.’
‘Wartaal, Bas.’
‘Wat weet jij er nou van?’

‘Tijd om af te ronden.’
‘Nou, dahaaag!’
‘Even wachten nog. Er komt nog een slotvraag. Je vertelde dat je zeven jaren – van 2007 tot november 2013 – hebt geschreven als een bezetene. In november braken de zeven magere jaren aan. Klopt dat?’
‘Dat klopt. Nou, dahaaag!’
‘Ik heb de slotvraag nog niet gesteld.’
‘Jawel. Je vroeg: Klopt dat?’
‘Dat was een controlevraag.’
‘O. Nou, vooruit dan maar.’
‘Zeven magere jaren, dus. Die begonnen halverwege november 2013. Dat zou betekenen dat rond november 2020 de zeven magere jaren voorbij zijn.’
‘…’
‘Nou?’
‘Wat is je vraag?’
‘Ga je dan weer schrijven als een bezetene?’
‘Goede vraag.’

(Geen staande ovatie. In plaats daarvan: helemaal niets.)


Apeldoorn, november 2019

• • •
 

22-01-2020

The greatest shows – discovered in 2020

Filed under: Muziek - Klassieke concerten! — bazbo @ 16:45

Bill Bruford’s Earthworks – Live in Frankfurt – March 10, 1988
Bill Bruford’s Earthworks – Santiago, Chile – September 29, 2002
Emerson Lake & Palmer – various old concert clips: The Barbarian, Abaddon’s Bolero (with Lake on Mellotron and Minimoog!), Knife-Edge, Nut Rocker, Pictures At An Exhibition (excerpt)
Gabba Zappa Hey! – Zappadan in Acton, London
Gabba Zappa Hey! – Exhibition, Zappanale 2018
Gong – Zappanale 2009
Det Skandaløse Orkester – Zappanale 2019
Kazumi Watanabe (with Jeff Berlin & Bill Bruford) – The Spice Of Life (1987)

• • •
 

18-01-2020

Mangrove – Gigant, Apeldoorn – vrijdag 17 januari 2020

Filed under: Muziek - Music - LIVE — bazbo @ 19:31

Met Silhouette in het voorprogramma.

• • •
 
« Vorige paginaVolgende pagina »